Suikerwier
| Suikerwier | |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Taxonomische indeling | |||||||||||||
|
|||||||||||||
| Soort | |||||||||||||
| Saccharina latissima (L.) C.E. Lane, C. Mayes, Druehl, et G.W. Saunders |
|||||||||||||
|
|||||||||||||
Suikerwier (Saccharina latissima - voorheen ook wel bekend als laminaria saccharina) is een bruinwier dat ongeveer 4 m lang kan worden. De stengel is slank en kort. Het blad is lintvormig, gekronkeld en met golvende randen.
Inhoud |
Leefgebied [bewerken]
Groeit in diepe poelen en op laagwaterniveau langs beschutte kusten, vaak samen met Laminaria digitata (Vingerwier). Het vormt een kenmerkend substraat voor de bryozoo Celleporella.
Verspreiding [bewerken]
In Nederland plaatselijk vrij algemeen in de Oosterschelde, bij Huisduinen, in het Marsdiep en bij West-Terschelling.
Gebruik [bewerken]
De plant wordt gebruikt als bron van mannitol, dat als een witte laag poedersuiker op de bladen verschijnt wanneer de plant opdroogt. De bladen worden zacht en slap wanneer ze in opgedroogde toestand in vochtige lucht worden opgehangen. Vanaf voorjaar 2011 wordt er door de Wageningen Universiteit op experimentele basis suikerwier verbouwd op een zeeboerderij in de Oosterschelde