Táin Bó Cúailnge

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Táin Bó Cúailnge (in het Nederlands: de Runderroof van Cooley) is het centrale verhaal uit de Ulstercyclus. Het verhaalt over de strijd die de Ulaid onder Conchobor mac Nessa voeren tegen de Connachta van Medb en haar echtgenoot Ailill.

De aanleiding tot deze oorlog is een ruzie tussen Medb en Ailill over wie rijker is. Beide blijken evenveel te bezitten, met uitzondering van de stier Finnbennach die van Medbs kudde naar die van Ailill was gegaan. Om de bezittingen aan elkaar gelijk te stellen besluiten Medb en Ailill om de stier Donn Cuailnge van de Ulaid te stelen.

Omdat alle volwassen Ulaid uitgeschakeld zijn door de vloek van Macha moet de zeventienjarige Cú Chulainn alleen de legers van Connacht tegenhouden. Aanvankelijk doet hij dit door grote aantallen van hun krijgers te doden, maar dan wordt er besloten om de strijd met tweegevechten voort te zetten, waarvan de belangrijkste die tegen Cú Chulainns pleegbroer Ferdia is. Op deze manier weet Cú Chulainn de Connachta te vertragen totdat de Ulaid ontwaken. Medb weet echter toch Donn Cuailnge mee naar Connacht te nemen, alwaar deze Finnbennach doodt, om vervolgens na een tocht door heel Ierland dood te gaan door uitputting.

Personages uit de Táin Bó Cúailnge[bewerken]

Trivia[bewerken]

De Ierse band Horslips bracht in 1973 het album The Táin uit, een muzikale bewerking van het verhaal.