Tamboerijngewelf

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Een traditioneel tamboerijngewelf in een huis in Barcelona.
Gewelf in de voormalige fabriek Vapor Aymerich door de architect Lluís Muncunill i Parellada, nu Catalaans Museum voor Wetenschap en Techniek

Een tamboerijngewelf, catalaanse boog of catalaans gewelf is een zelfdragend plat gewelftype dat bestaat uit meerdere lagen terracottategels boven mekaar neergelegd worden.[1] De methode werd in de veertiende eeuw in Catalonië geperfectioneerd De techniek werd vroeger veel gebruikt in de huizen- en kerkenbouw, maar is onbruik geraakt, na een heropleving tijdens het Catalaans modernisme met enkele merkwaardige bouwwerken door Antoni Gaudí i Cornet, Cèsar Martinell en Lluís Muncunill i Parellada.

In het begin van de 21e eeuw werd de techniek opnieuw ontdekt, omdat hij een aantal ecologische voordelen heeft, die lange tijd, door de concurrentie van het gewapend beton dat minder arbeidsintensief is, vergeten werden. Doordat het gewelf na de eerste dagen zelfdragend is en veel lichter is, zijn er veel minder stutten nodig. Een ander voordeel is dat er veel minder bouwmateriaal nodig is. Bovendien is de energiebalans van de baksteentegels is ongeveer tien keer beter dan een gelijkaardige structuur in staalbeton.[2]

Bronnen, noten en/of referenties