Taxonomie en fylogenie van de orchideeënfamilie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

De taxonomie en fylogenie van de orchideeënfamilie behandelt de geschiedenis en de laatste stand van zaken in de taxonomie en de fylogenie van de orchideeën.

Voor meer algemene informatie over orchideeën, zie Orchideeënfamilie.

Historie[bewerken]

De taxonomie van de orchideeënfamilie is in de loop van 250 jaar geleidelijk tot stand gekomen. Enkele van de belangrijkste mijlpalen in deze periode zijn:

Huidige toestand[bewerken]

De huidige taxonomie van de orchideeën is grotendeels gebaseerd op het classificatiesysteem van Robert Louis Dressler, orchideeënspecialist en assistent-curator van het Florida Museum of Natural History. Zijn oorspronkelijke classificatie, gepubliceerd in 1981 in The Orchids: Natural History and Classification, is sindsdien al wel enkele malen herzien, maar is nog steeds de meest uitgebreide indeling, en wordt breed geaccepteerd door botanici en orchideeënkwekers. Zijn indeling steunt op de morfologie van de bloem en specifiek op een aantal sleutelkenmerken, zoals de vorm en plaatsing van de helmknop en van de pollinia op het gynostemium.

Zowel de klassieke morfologische cladistiek als recent onderzoek met rbcL-nucleotidesequenties tonen aan dat de orchideeënfamilie, en de hogere clades binnen die familie, een monofyletische groep vormen. Daarbij is er een grote overeenkomst met de traditionele taxonomie, met uitzondering van de Vandoideae. Op lagere niveaus zijn er echter nog veel onduidelijkheden. Zo zijn slechts weinige van de 22 tribus volledig monofyletisch. De cladistiek en DNA-analyse geven een steviger basis, maar de classificatie van orchideeën is nog steeds een lopend verhaal. Daarbij komt nog dat er elk jaar zowat 150 nieuwe soorten en zelfs nieuwe geslachten ontdekt worden.

Indeling van de Orchidaceae[bewerken]

Dressler[2] deelt de orchideeënfamilie (Orchidaceae) onder in 5 onderfamilies, 22 tribus, 70 subtribus, ongeveer 850 geslachten en ongeveer 20.000 soorten.

De volgende vijf onderfamilies worden algemeen erkend:

  • Onderfamilie Apostasioideae: een monofyletische groep met de meest primitieve orchideeën, telt 2 geslachten en 16 soorten uit Zuidwest-Azië.
  • Onderfamilie Cypripedioideae: een monofyletische groep met 5 geslachten en ongeveer 120 soorten uit Zuid- en Midden-Amerika
  • Onderfamilie Vanilloideae: de eerste 'moderne' orchideeën met 15 geslachten en 180 soorten uit tropisch en subtropisch oostelijk Noord-Amerika
  • Onderfamilie Epidendroideae: een monofyletische groep die bijna 80% van alle orchideeënsoorten omvat, waaronder ook die van de voormalige onderfamilie Vandoideae. Telt meer dan 500 geslachten en ongeveer 20.000 soorten, wereldwijd verspreid.
  • Onderfamilie Orchidoideae: de tweede grootste groep 'moderne' orchideeën, met 208 geslachten en 3.630 soorten, wereldwijd verspreid.

De Apostasioideae en de Cypripedioideae zaten vroeger verenigd in de onderfamilie Diandrae (di-anther of twee-helmknoppen), de drie andere in de Monandrae. Deze benaming wordt nog steeds frequent gebruikt.

Evolutionair gezien kan dit voorgesteld worden in een cladogram:

Onderfamilie Apostasioideae[bewerken]

Neuwiedia griffithii

De Apostasioideae vormen een monofyletische groep met de meest primitieve orchideeën, gekenmerkt door 3 fertiele helmknoppen of twee fertiele helmknoppen en een draadvormig staminodium.

De onderfamilie omvat 2 geslachten en 16 soorten, afkomstig uit Zuidwest-Azië.

Geslachten:

Onderfamilie Cypripedioideae[bewerken]

De Cypripedioideae vormen een monofyletische groep van orchideeën met 2 fertiele helmknoppen, een schildvormig staminodium en een buidelvormige bloemlip.

De onderfamilie telt 3 tribus, 5 subtribus, 5 geslachten en ongeveer 120 soorten terrestrische of lithofytische planten uit de gematigde en tropische streken van Zuid- en Midden-Amerika

De stamboom van de Cypripedioideae kan als volgt worden voorgesteld[3]:

Onderfamilie Cypripedioideae

Fylogenie:



Taxonomie:


Onderfamilie Vanilloideae[bewerken]

De Vanilloideae werden vroeger als een aparte familie (Vanillaceae) beschouwd. Het zij de eerste 'moderne' orchideeën met slechts één helmknop.

De onderfamilie omvat 2 tribus, 4 subtribus, 15 geslachten en ongeveer 180 soorten terrestrische planten en epiparasieten uit tropisch en subtropisch oostelijk Noord-Amerika.

De stamboom van de Vanilloideae kan als volgt worden voorgesteld[3]:

Onderfamilie Vanilloideae

Fylogenie:



Taxonomie:


Onderfamilie Orchidoideae[bewerken]

De Orchidoideae zijn na de Epidendroideae de tweede grootste groep binnen de orchideeën, die ook de voormalige onderfamilie Spiranthoideae omvat. Het zijn 'moderne' orchideeën met één fertiele, rechtopstaande helmknop.

De onderfamilie omvat 2 nog niet benoemde subclades met elk 2 tribus, 21 subtribus, 208 geslachten en ongeveer 3.630 soorten terrestrische planten, wereldwijd verspreid.

De stamboom van de Orchidoideae zou er als volgt kunnen uitzien[3]:

Orchidaceae

Apostasioideae




Cypripedioideae




Vanilloideae




Orchidoideae


Orchideae



Diseae





Cranichideae



Diurideae






Epidendroideae






Subclade[bewerken]

Codonorchis lessonii

Tribus Codonorchideae[bewerken]

Geslacht:
Codonorchis

Tribus Orchideae[bewerken]

De Orchideae zijn met 1.300 soorten de grootste van de vier tribus van deze onderfamilie. Ze worden ongedeeld in twee subtribus, de Orchidinae met ongeveer 370 soorten in een dertigtal geslachten, vooral te vinden op het noordelijk halfrond, Afrika en tropisch Azië; en de Habenariinae, 930 soorten in ongeveer 25 geslachten, hoofdzakelijk uit zuidelijk Afrika.

De stamboom van de Orchideae zou er als volgt kunnen uitzien[3]:

Orchidoideae[bewerken]

Habenaria rhodocheila
Subtribus: Habenariinae[bewerken]
Geslachten:
Androcorys  - Arnottia  - Benthamia  - Bonatea  - Brachycorythis  - Centrostigma  - Cynorkis  - Deroemeria  - Diphylax  - Diplacorchis  - Diplomeris  - Dracomonticola  - Gennaria  - Habenaria  - Hemipiliopsis  - Herminium  - Kryptostoma  - Megalorchis  - Oligophyton  - Parhabenaria  - Pecteilis  - Peristylus  - Physoceras  - Platycoryne  - Podandria  - Porolabium  - Renzorchis  - Roeperocharis  - Rolfeella  - Senghasiella  - Smithorchis  - Stenoglottis  - Thulina  - Tsaiorchis  - Tylostigma  - Veyretella
Orchis quadripunctata
Subtribus: Orchidinae[bewerken]
Geslachten:
Aceratorchis  - Amerorchis  - Amitostigma  - Anacamptis  - Aorchis  - Bartholina  - Brachycorythis  - Chamorchis  - Chondradenia  - Chusua  - Comperia  - Dactylorhiza (Handekenskruid)  - Galearis  - Gymnadenia (Muggenorchis)  - Hemipilia  - Himantoglossum  - Holothrix  - Neobolusia  - Neotinea  - Neottianthe  - Ophrys (Spiegelorchis)  - Orchis  - Piperia  - Platanthera (Nachtorchis)  - Ponerorchis  - Pseudodiphryllum  - Pseudorchis  - Schizochilus  - Serapias (Tongorchis)  - Steveniella  - Symphyosepalum  - Traunsteinera

Tribus Diseae[bewerken]

De Diseae omvatten 5 subtribus met in totaal 14 geslachten en ongeveer 400 soorten, voornamelijk uit Zuid-Afrika, het Arabisch Schiereiland, Madagaskar, India, China en Indonesië.

De stamboom van de Diseae zou er als volgt kunnen uitzien[3]:

Orchidoideae

Diseae





Orchideae


Satyriinae

Satyrium




Coryciinae s.s.

Corycium, Pterygodium




Disinae

Disa, Herschelia, Monadenia




Brownleeinae

Brownleea




Coryciinae

Disperis






Diurideae, Cranichideae



Subtribus Brownleeinae[bewerken]
Geslachten:
Brownleea
Subtribus Coryciinae[bewerken]
Geslachten:
Ceratandra  - Corycium  - Disperis  - Evotella  - Pterygodium
Disa tripetaloides
Subtribus Disinae[bewerken]
Geslachten:
Disa  - Herschelia  - Monadenia  - Schizodium
Subtribus Huttonaeinae[bewerken]
Geslachten:
Huttonaea
Satyrium odorum
Subtribus Satyriinae[bewerken]
Geslachten:
Pachites  - Satyridium  - Satyrium

Subclade[bewerken]

Tribus Cranichideae[bewerken]

De voormalige onderfamilie Spiranthoideae is nu opgenomen in de Orchidoideae als de tribus Cranichideae (Dressler, 1993)[2]. Het is een polyfyletische groep met 95 geslachten en ongeveer 1100 soorten, voornamelijk uit Noord- en Zuid-Amerika en tropisch Azië. De onderstaande subtribus zijn op zich wel monofyletisch.

De stamboom van de Cranichideae zou er als volgt kunnen uitzien:

Cranichideae

Orchidoideae

Orchideae, Diseae, Codonorchideae, Diurideae



Cranichideae


Megastylidinae

Megastylis



Pterostylidinae

Pterostylis





Pachyplectroninae

Pachyplectron



Goodyerinae


Platylepes



Goodyera





Ludisia



Dossinia








Galeottiellinae

Galeottiella






Manniellinae

Manniella






Prescottiinae

Stenoptera




Gomphichis




Porphyrostachys



Aa









Prescottiinae

Prescottia



Cranichidinae

Pterichis




Cranichis



Ponthieva







Spiranthinae


Stenorrhynchos




Sacoila




Mesadenella



Eltroplectris








Coccineorchis




Cyclopogon




Sarcoglottis




Odontorrhynchus



Pelexia








Eurystyles






Spiranthes




Svenkoeltzia




Aulosepalum



Beloglottis








Microthelys



Funkiella




Schiedeella






Mesadenus




Schiedeella



Deiregyne



Dichromanthus
















Stamboom van de Cranichideae volgens Salazar et al. (2003)[5]
Ponthieva maculata
Subtribus Cranichidinae[bewerken]
Geslachten:
Baskervilla  - Cranichis  - Exalaria  - Fuertesiella  - Nothostele  - Ponthieva  - Pseudocentrum  - Pseudocranichis  - Pterichis  - Solenocentrum
Subtribus Cyclopogoninae[bewerken]
Geslacht:
Cyclopogon
Subtribus Galeottiellinae[bewerken]
Geslacht:
Galeottiella
Goodyera repens
Subtribus Goodyerinae[bewerken]
Geslachten:
Aenhenrya  - Anoectochilus  - Aspidogyne  - Chamaegastrodia  - Cheirostylis  - Cystorchis  - Dicerostylis  - Danhatchia  - Dossinia  - Erythrodes  - Eucosia  - Eurycentrum  - Evrardia  - Gonatostylis  - Goodyera  - Gymnochilus  - Halleorchis  - Herpysma  - Hetaeria  - Hylophila  - Kreodanthus  - Kuhlhasseltia  - Lepidogyne  - Ligeophila  - Ludisia  - Macodes  - Meliorchis ()  - Microchilus  - Moerenhoutia  - Myrmechis  - Odontochilus  - Orchipedum  - Papuaea  - Platylepis  - Platythelys  - Pristiglottis  - Rhamphorhynchus  - Rhomboda  - Stephanothelys  - Tubilabium  - Vrydagzynea  - Zeuxine
Subtribus Manniellinae[bewerken]
Geslacht:
Manniella
Subtribus Pachyplectroninae[bewerken]
Geslachten:
Pachyplectron
Subtribus Prescottiinae[bewerken]
Geslachten:
Aa  - Altensteinia  - Gomphichis  - Myrosmodes  - Porphyrostachys  - Prescottia  - Stenoptera
Pterostylis coccina
Subtribus Pterostylidinae[bewerken]
Geslachten:
Pterostylis
Spiranthes ochroleuca
Subtribus Spiranthinae[bewerken]
Geslachten:
Aracamunia  - Aulosepalum  - Beloglottis  - Brachystele  - Buchtienia  - Coccineorchis  - Cotylolabium  - Cybebus  - Cyclopogon  - Degranvillea  - Deiregyne  - Dichromanthus  - Discyphus  - Dithyridanthus  - Eltroplectris  - Eurostyles  - Funkiella  - Greenwoodia  - Hapalorchis  - Helonema  - Kionophyton  - Lankesterella  - Lyroglossa  - Mesadenella  - Mesadenus  - Microthelys  - Odontorrhynchus  - Oestlundorchis  - Pelexia  - Physogyne  - Pseudogoodyera  - Pteroglossa  - Sacoila  - Sarcoglottis  - Sauroglossum  - Schiedeella  - Skeptrostachys  - Spiranthes  - Stalkya  - Stenorrhynchos  - Stigmatosema  - Svenkoeltzia  - Thelyschista  - Veyretia  - Wallnoeferia
Subtribus Stenorrhynchidinae[bewerken]
Geslacht:
Stenorrhynchos

Tribus Diurideae[bewerken]

Ongeveer 39 geslachten en 550 soorten, voornamelijk uit het Australaziatisch gebied, Zuid-Amerika en Nieuw-Caledonië.

De stamboom van de Diurideae zou er als volgt kunnen uitzien:[6]

Orchidoideae

Diurideae


Acianthinae


Acianthus, Stigmatodactylus





Corybas



Cyrtostylis






Acianthus



Prasophyllinae


Prasophyllum



Genoplesium




Microtis




Caladeniinae





Caladenia




Cyanicula




Elythranthera



Glossodia






Praecoxanthus




Leptoceras




Eriochilus





Adenochilus









Drakaeinae



Caleana



Paracaleana





Chiloglottis



Drakaea





Spiculea




Megastylidinae*



Thelymitrinae

Thelymitra



Calochilus




Cryptostylidinae

Cryptostylis



Coilochilus




Diuridinae

Diuris



Orthoceras







Orchideae, Diseae, Codonorchideae, Cranichideae



  • Volgens meer recentere bronnen horen de Megastylidinae thuis in de Cranichideae
Subtribus Acianthinae[bewerken]
Geslachten:
Acianthus  - Corybas  - Cyrtostylis  - Stigmatodactylus  - Townsonia
Caladenia longicauda
Subtribus Caladeniinae[bewerken]
Geslachten:
Adenochilus  - Aporostylis  - Caladenia  - Cyanicula  - Elythranthera  - Ericksonella  - Eriochilus  - Glossodia  - Leptoceras  - Pheladenia  - Praecoxanthus
Bipinnula fimbriata
Subtribus Chloraeinae[bewerken]
Geslachten:
Bipinnula  - Chloraea  - Gavilea  - Geoblasta
Subtribus Cryptostylidinae[bewerken]
Geslachten:
Coilochilus  - Cryptostylis
Diuris carinata
Subtribus Diuridinae[bewerken]
Geslachten:
Diuris  - Orthoceras
Chiloglottis diphylla
Subtribus Drakaeinae[bewerken]
Geslachten:
Arthrochilus  - Caleana  - Chiloglottis  - Drakaea  - Myrmechila  - Paracaleana  - Spiculaea
Microtis media
Subtribus Prasophyllinae[bewerken]
Geslachten:
Genoplesium  - Microtis  - Prasophyllum
Subtribus Rhizanthellinae[bewerken]
Geslacht:
Rhizantella
Thelymitra rubra
Subtribus Thelymitrinae[bewerken]
Geslachten:
Calochilus  - Epiblema  - Thelymitra

Onderfamilie Epidendroideae[bewerken]

De onderfamilie Epidendroideae is de grootste binnen de orchideeën, en omvat ongeveer de helft van alle orchideeënsoorten. De meeste Epidendroideae zijn tropische epifyten (boombewonende planten, meestal met pseudobulben), maar onder meer alle Europese soorten zijn terrestrisch en enkele zijn zelfs epiparasieten (parasieten op schimmels, waarmee ze een mycorrhiza vormen). Het zijn 'moderne' orchideeën met één fertiele helmknop, die gebogen is en een rechte hoek vormt met het gynostemium.

De onderfamilie omvat 2 nog niet benoemde subclades, de primitievere of 'lagere' en de meer geëvolueerde of 'hogere' Epidendroideae, elk met verscheidene tribus en subtribus, met in totaal ongeveer 90 tot 100 geslachten en meer dan 10.000 soorten.

'Lagere' Epidendroideae[bewerken]

De samenstelling van de primitieve of 'lagere' Epidendroideae zoals hier voorgesteld op basis van DNA-onderzoek[4][7] verschilt op meerdere punten met die van Dressler (1986, 1993)[2], alhoewel de benaming meestal wel behouden is.

Zoals hier voorgesteld vormen de 'lagere' Epidendroideae een groep met 23 geslachten en ongeveer 400 soorten met een kosmopolitische verspreiding.

De stamboom van de 'Lagere' Epidendroideae zou er als volgt kunnen uitzien[3]:

'Lagere' Epidendroideae

Orchidaceae

Apostasioideae




Cypripedioideae




Vanilloideae




Orchidoideae



' Lagere' Epidendroideae

Xerorchideae

Xerorchis


Nervilieae

Nervilia




Triphoreae

Diceratostele




Triphora



Monophyllorchis





Tropidieae

Tropidia



Corymborkis




Neottieae

Palmorchis




Cephalanthera




Epipactis



Neottia






Sobralieae

Sobralia



Elleanthus




'Hogere' Epidendroideae












Stamboom van de 'Lagere' Epidendroideae
De Gastrodieae zijn in deze stamboom nog niet opgenomen, maar zouden dichtbij de Nervilieae moeten staan.

Tribus Gastrodieae[bewerken]

Deze tribus bevat enkel nog de geslachten van de voormalige subtribus Gastrodiinae met ongeveer 70 soorten achlorofiele, epiparasitische planten met een pantropische verspreiding.

Geslachten:
Auxopus  - Didymoplexiella  - Didymoplexis  - Gastrodia  - Neoclemensia  - Uleiorchis

Tribus Neottieae[bewerken]

Een kleine tribus met 6 geslachten en ongeveer 190 soorten, voornamelijk uit gematigde streken van het Palearctisch gebied. In tegenstelling tot de classificatie van Dressler (1993)[2] is het geslacht Palmorchis, dat vroeger op zijn eentje de tribus Palmorchideae vormde, hierbij toegevoegd[4].

Epipactis palustris
Subtribus: Limodorinae[bewerken]
Geslachten:
Aphyllorchis  - Cephalanthera  - Epipactis  - Limodorum
Neottia ovata
Subtribus: Listerinae[bewerken]
Geslacht:
Neottia
Subtribus: Niet bepaald[bewerken]
Geslacht:
Palmorchis
Epipogium aphyllum

Tribus Nervilieae[bewerken]

Deze nieuw gevormde tribus omvat het geslacht Nervilia en de geslachten van het voormalige subtribus Epipogiinae, samen bijna 75 soorten.

Subtribus: Epipogiinae[bewerken]
Geslachten:
Epipogium  - Silvorchis  - Stereosandra
Subtribus: Nerviliinae[bewerken]
Geslacht:
Nervilia
Sobralia macrophylla

Tribus Sobralieae[bewerken]

Een kleine tribus met 4 geslachten en ongeveer 235 soorten uit het Neotropisch gebied, die door Dressler (1993)[2] nog bij de Cranichideae werden gerekend.

Subtribus: Sobraliinae[bewerken]
Geslacht:
Sobralia
Elleanthus brasiliensis
Subtribus: Elleanthinae[bewerken]
Geslachten:
Elleanthus  - Epilyna  - Sertifera

Tribus Triphoreae[bewerken]

Een kleine tribus met 4 geslachten en 28 soorten. Het geslacht Diceratostele is hieraan toegevoegd op basis van recent DNA-onderzoek.

Subtribus: Diceratostelinae[bewerken]
Geslacht:
Diceratostele
Psilochilus modestus
Subtribus: Triphorinae[bewerken]
Geslachten:
Monophyllorchis  - Psilochilus  - Triphora

Tribus Tropidieae[bewerken]

Een kleine tribus met 2 geslachten en 35 soorten met een pantropische verspreiding.

Corymborkis flava
Subtribus: Tropidiinae[bewerken]
Geslachten:
Corymborkis  - Tropidia

Tribus Xerorchideae[bewerken]

Deze onlangs voorgestelde tribus[8] zou monotypisch zijn, dus enkel het geslacht Xerorchis met twee soorten omvatten.

Geslacht:
Xerorchis

'Hogere' Epidendroideae[bewerken]

De stamboom van de 'Hogere' Epidendroideae zou er als volgt kunnen uitzien[3]:

'Hogere' Epidendroideae

Orchidaceae

Apostasioideae




Cypripedioideae




Vanilloideae




Orchidoideae




'Lagere' Epidendroideae



'Hogere' Epidendroideae

Arethuseae



Epidendreae




Podochileae





Malaxideae



Dendrobieae









Calypsoeae



Epidendreae







Vandeae



Epidendreae




Cymbidieae (inc. Maxillarieae)











Stamboom van de 'Hogere' Epidendroideae

Tribus Arethuseae[bewerken]

De samenstelling van deze tribus is zeer omstreden. In de classificatie van Dressler (1993)[2] was dit een zeer grote tribus, met 6 subtribus, 30 geslachten en ongeveer 500 soorten. Recent DNA-onderzoek toonde echter aan dat deze groep niet monofyletisch was,[9] waarna een nieuwe classificatie werd voorgesteld met slechts twee subtribus en 26 geslachten, maar bijna 700 soorten[4][7]

De stamboom van de Arethuseae zou er als volgt kunnen uitzien:

Arethuseae

Epidendroideae

Arethuseae
Coelogyninae

Coelogyne




Thunia




Bletilla



Glomera



Arethusinae


Arundina





Arethusa



Calopogon











Epidendreae, ...



Stamboom van de Arethuseae volgens Cameron et al. (1999)[3]
Arethusa bulbosa
Subtribus Arethusinae[bewerken]
Geslachten:
Anthogonium  - Arethusa  - Arundina  - Calopogon  - Eleorchis
Bletilla ochracea
Subtribus Coelogyninae[bewerken]
Geslachten:
Aglossorhyncha  - Bletilla  - Bracisepalum  - Bulleya  - Chelonistele  - Coelogyne  - Dendrochilum  - Dickasonia  - Dilochia  - Entomophobia  - Geesinkorchis  - Glomera  - Gynoglottis  - Ischnogyne  - Nabaluia  - Neogyna  - Otochilus  - Panisea  - Pholidota  - Pleione  - Thunia
Calypso bulbosa

Tribus Calypsoeae[bewerken]

Ook deze tribus is zeer omstreden. In de classificatie van Dressler (1993) was dit een beperkte tribus met slechts vier geslachten. In de meest recente classificatie is dit opgelopen tot 12 of 13 geslachten en 70 soorten[4][7]

Geslachten:
Aplectrum  - Calypso  - Changnienia  - Corallorhiza  - Cremastra  - Dactylostalix  - (Didiciea)  - Ephippianthus  - Govenia  - Oreorchis  - Tipularia  - Yoania  - Wullschlaegelia

Tribus Cymbidieae[bewerken]

De tribus Cymbidieae zoals gedefinieerd Dressler (1993)[2] was parafyletisch ten opzichte van de Maxillarieae, daarom werd deze door Cameron et. al (1999)[3] uitgebreid met de subtribus van deze laatste. De voormalige subtribus Cyrtopodiinae is om dezelfde reden opgesplitst in drie aparte subtribus, Bromheadiinae, Cymbidiinae en Eulophinae. De voormalige subtribus Cryptarrhenianae en Lycastinae zijn in de Maxillariinae opgenomen, en de Ornithocephalinae, Pachyphyllinae en Telipogoninae in subtribus Oncidiinae.

Dat alles maakt de Cymbidieae een van de grootste tribus, met ongeveer 200 geslachten en meer dan 3.800 soorten.

De stamboom van de Cymbidieae zou er als volgt kunnen uitzien [3]:

Epidendroideae


Arethuseae, Epidendreae, Podochileae, Malaxideae, Dendrobieae




Calypsoeae, Epidendreae




Vandeae, Epidendreae



Cymbidieae










Maxillariinae



Bifrenaria



Cryptocentrum




Neomoorea




Xylobium



Lycaste







Coeliopsidinae

Lycomormium






Stanhopeinae


Acineta



Kegeliella




Coryanthes




Houlletia




Zygopetalinae

Zygopetalum










Eriopsidiinae

Eriopsis






Zygopetalinae


Cryptarrhena



Dichaea



Huntleya




Koellensteinia






Stellilabium




Oncidiinae

Oncidium






Cyrtopodium




Ansellia




Catasetinae



Dressleria



Mormodes




Catasetum




Galeandra



Eulophiinae

Eulophia






Cymbidiinae

Cymbidium



Grammatophyllum










Subtribus: Bromheadiinae[bewerken]
Geslacht:
Bromheadia
Catasetum fimbriatum
Subtribus: Catasetinae (=Cyrtopodiinae)[bewerken]

Een subtribus met 8 geslachten en ongeveer 460 soorten, waartoe volgens Chase et al. ook de geslachten van de subtribus Cyrtopodiinae horen[4].

Geslachten:
Catasetum  - Clowesia  - Cycnoches  - Cyrtopodium  - Dressleria  - Galeandra  - Grobya  - Mormodes
Peristeria elata
Subtribus: Coeliopsidinae[bewerken]
Geslachten:
Coeliopsis  - Lycomormium  - Peristeria
Cymbidium iridioides
Subtribus: Cymbidiinae[bewerken]
Geslachten:
Cymbidium  - Grammatophyllum  - Graphorkis  - Porphyroglottis
Eulophia alta
Subtribus: Eulophiinae[bewerken]
Geslachten:
Acriopsis  - Acrolophia  - Ansellia  - Cymbidiella  - Cyanaeorchis  - Dipodium  - Eulophia  - Eulophiella  - Geodorum  - Grammangis  - Oeceoclades  - Thecopus  - Thecostele
Subtribus: Eriopsidinae[bewerken]
Geslacht:
Eriopsis
Maxillaria violaceopunctata
Subtribus: Maxillariinae[bewerken]
Geslachten:
Anguloa  - Bifrenaria  - Chrysocycnis  - Cryptocentrum  - Cyrtidium  - Lycaste  - Maxillaria  - Mormolyca  - Neomoorea  - Pityphyllum  - Rudolfiella  - Scuticaria  - Sepalosaccus  - Teuscheria  - Trigonidium  - Xylobium
Ada keiliana
Oncidium batemaninanum
Ticoglossum krameri
Subtribus: Oncidiinae[bewerken]

De grootse subtribus met bijna 1.000 soorten in een 70-tal geslachten, afkomstige uit het Neotropisch gebied (Zuid- en Midden-Amerika, de Caraïben en Florida). Voornamelijk epifyten, slechts enkele soorten zijn terrestrisch.

Geslachten:
Ada  - Amparoa  - Antillanorchis  - Aspasia  - Brachtia  - Brassia  - Caluera  - Capanemia  - Caucaea  - Centroglossa  - Chytroglossa  - Cischweinfia  - Cochlioda  - Comparettia  - Cuitlauzina  - Cypholoron  - Cyrtochiloides  - Cyrtochilum  - Darwiniella  - Diadenium  - Dignathe  - Dipterostele  - Dunstervillea  - Eloyella  - Erycina  - Fernandezia  - Gomesa  - Goniochilus  - Hintonella  - Hofmeisterella  - Hybochilus  - Ionopsis  - Leochilus  - Lockhartia  - Macradenia  - Macroclinium  - Mesospinidium  - Miltonia  - Miltoniopsis  - Neokoehleria  - Notylia  - Odontoglossum  - Oncidium  - Ornithocephalus  - Osmoglossum  - Otoglossum  - Pachyphyllum  - Palumbina  - Papperitzia  - Pfitzeria  - Phymatidium  - Platyrhiza  - Plectrophora  - Polumnina  - Pfitzeria  - Phymatidium  - Pityphyllum  - Platyrhiza  - Plectrophora  - Polyotidium  - Psychopsiella  - Psychopsis  - Pterostemma  - Quekettia  - Raycadenco  - Rodriguezia  - Rodrigueziella  - Rodrogueziopsis  - Rossioglossum  - Rauhiella  - Rhynchostele  - Rudolfiella  - Sanderella  - Saundersia  - Scelochiloidest  - Scelochilopsis  - Scelochilus  - Scuticaria  - Seegeriella  - Sigmatorthos  - Stellilabium  - Suarezia  - Sutrina  - Symphyglossum  - Systeloglossum  - Telipogon  - Teuscheria  - Thysanoglossa  - Ticoglossum  - Tolumnia  - Trichocentrum  - Trichoceros  - Trichopilia  - Trigonidium  - Trizeuxis
Stanhopea anfracta
Subtribus: Stanhopeinae[bewerken]

Een subtribus met ongeveer 200 soorten, voornamelijk epifyten uit het Neotropisch gebied.

Geslachten:
Acineta  - Braemia  - Cirrhaea  - Coryanthes  - Embreea  - Gongora  - Horichia  - Houlletia  - Kegeliella  - Lacaena  - Leuckelia  - Lueddemannia  - Paphinia  - Polucycnis  - Schlimmia  - Sievekingia  - Soterosanthus  - Stanhopea  - Trevoria  - Vasqueziella
Subtribus: Vargasiellinae[bewerken]

Een monotypische subtribus met slechts één geslacht en twee soorten, door Dressler aanvankelijk in de subtribus Zygopetalinae opgenomen, maar door Romero en Carnevali (1993) en door Szlachetko (1995) in een eigen subtribus geplaatst.[10]

Geslacht:
Vargasiella
Subtribus: Zygopetalinae[bewerken]
Aganisia cyanea
Chaubardiella tigrina
Chondrorhyncha hirtzii
Chondroscaphe chestertonii
Galeottia grandiflora
Pescatorea ecuadorana
Stenia guttata

Een subtribus met 37 geslachten en ongeveer 150 soorten, en daarnaast nog tientallen hybride geslachten, traditioneel in de tribus Maxillarieae geplaatst, maar in 1999 door Cameron en later in 2005 door Chase et al. bij Cymbidieae opgenomen[3][4].

De stamboom van de Zygopetalinae zou er als volgt kunnen uitzien:

Zygopetalinae

Cymbidieae

Zygopetalinae







Chondrorhyncha s.s.





Chondroscaphe





Aetheorhyncha




Ixyophora



Chaubardiella





Pescatorea



Warczewiczella










Daiotyla




Stenia



Dodsonia





Benzingia




Euryblema




Kefersteinia




Echinorhyncha





Stenotyla



Cochleanthes






Chaubardia




Huntleya




Dichaea




Cryptarrhena








Batemannia, Galeottia, Zygosepalum



Pabstia, Neogardneria, Zygopetalum




Promenaea





Koellensteinia




Acacallis



Aganisia






Koellensteinia, Otostylis, Paradisanthus






Warrea



Warreopsis






Vargasiellinae, Cymbidiinae, Eulophiinae, Catasetinae, ...



Stamboom van de Zygopetalinae naar Whitten et al. (2005)[10]
Warczewiczella discolor
Warrea warreana
Geslachten:
(Acacallis) - (Ackermania) - Aetheorhyncha - Aganisia - Batemannia - Benzingia - (Bollea) - Chaubardia - Chaubardiella - Cheiradenia - Chondrorhyncha - Chondroscaphe - Cochleanthes - (Colax) - Cryptarrhena - Daiotyla - Dichaea - Dodsonia - Echinorhyncha - Euryblema - Galeottia - Huntleya - Ixyophora - Kefersteinia - Koellensteinia - Neogardneria - Otostylis - Pabstia - Paradisanthus - Pescatorea - Promenaea - Stenia - Stenotyla - Warczewiczella - Warrea - Warreella - Warreopsis - Zygopetalum - Zygosepalum

Tribus Dendrobieae[bewerken]

Een tribus met onzeker statuut, die ook als subtribus van de Podochilieae worden aanschouwd. 28 Geslachten met meer dan 3.330 soorten. De tribus bevat de twee grootste orchideeëngeslachten, Dendrobium (ooit 1.200 soorten, nu 450) en Bulbophyllum.

De stamboom van de Dendrobieae zou er als volgt kunnen uitzien:

Dendrobieae

Epidendroideae

Arethuseae, Epidendreae




Podochileae (+Bulbophyllinae), Malaxideae



Dendrobieae

Epigeneiinae




Grastidiinae



Dendrobiinae







Calypsoeae, Epidendreae, Vandeae, Cymbidieae



Stamboom van de Dendrobieae volgens Clements (2003)[11]
Bulbophyllum lobbii
Subtribus: Bulbophyllinae[bewerken]
Geslachten:
Acrochaene  - Bulbophyllum  - Chaseella  - Cirrhopetalum  - Codonosiphon  - Drymoda  - Epicrianthes  - Ferruminaria  - Hapalochilus  - Ione  - Mastigion  - Monomeria  - Monosepalum  - Osyricera  - Pedilochilus  - Rhytionanthos  - Saccoglossum  - Sunipia  - Synarmosepalum  - Tapeinoglossum  - Trias  - Vesicisepalum
Callista densiflora
Dendrobium anosmum
Subtribus: Dendrobiinae[bewerken]

Deze vroeger zeer grote subtribus werd door Clements in 2003[11] gereduceerd tot een monofyletische groep, bestaande uit het geslacht Dendrobium met daarin enkel de Aziatische soorten van het vroegere reuze-geslacht, ongeveer 450 soorten, en een aantal geslachten daarvan afgescheiden.

Geslachten:
Anisopetala  - Aporum  - Callista  - Ceraia  - Coelandria  - Dendrobium s.s.  - Distichorchis  - Eurycaulis  - Pedilonum
Epigeneium triflorum
Subtribus: Epigeneiinae[bewerken]

Deze subtribus werd door Clements in 2003[11] genoemd als nieuwe monofyletische groep binnen de tribus Dendrobieae. Het is nog niet duidelijk welke geslachten naast Epigeneium deze subtribus nog zal moeten bevatten.

Geslacht:
Epigeneium
Subtribus: Grastidiinae[bewerken]
Sayeria atroviolacea
Thelychiton kingianus

Eveneen door Clements in 2003[11] genoemd als nieuwe monofyletische groep binnen de tribus Dendrobieae. Clements plaatst de volgende geslachten in deze subtribus, waarvan de meeste zijn afgesplitst van Dendrobium:

De stamboom van de Grastidiinae zou er als volgt kunnen uitzien:

Grastidiinae

Dendrobieae

Epigeneiinae



Grastidiinae

Winika




Cadetia





Grastidium





Diplocaulobium




Leioanthum



Sayeria






Durabaculum



Cepobaculum








Flickingeria



Tropilis





Australorchis




Dockrillia




Thelychiton




Tetrabaculum



Thelychiton











Dendrobiinae




Stamboom van de Grastidiinae volgens Clements (2003)[11]
Geslachten:
Abaxianthus  - Australorchis  - Bouletia  - Cadetia  - Cannaeorchis  - Cepobaculum  - Ceratobium  - Davejonesia  - Dendrobates  - Dichopus  - Diplocaulobium  - Dockrillia  - Durabaculum  - Eleutheroglossum  - Eriopexis  - Euphlebium  - Exochanthus  - Flickingeria  - Grastidium  - Herpetophytum  - Inobulbum  - Kinetochilus  - Leioanthum  - Microphytanthe  - Monanthos  - Sarcocadetia  - Sayeria  - Stilbophyllum  - Tetrabaculum  - Tetrodon  - Thelychiton  - Trachyrhizum  - Tropilis  - Vappodes  - Winika

Tribus Epidendreae[bewerken]

De grootste tribus van deze onderfamilie, met meer dan 8.000 soorten. Ook deze tribus is sinds Dressler (1993)[2] in samenstelling gewijzigd[9][4][7] en omvat nu enkel soorten uit het Neotropisch gebied. De positie van Chysis en Coelia, beiden in een eigen subtribus, is omstreden.

De stamboom van de Epidendreae zou er als volgt kunnen uitzien[3]:

Epidendroideae


Arethuseae



Epidendreae
Coeliinae

Coelia



Pleurothallidinae

Dilomilis




Restrepia




Pleurothallis



Masdevallia









Podochileae, Malaxideae, Dendrobieae







Calypsoeae



Epidendreae
Chysiinae

Chysis



Blettiinae

Blettia










Vandeae



Epidendreae
Laeliinae

Meiracyllium




Polystachya





Encyclia



Cattleya





Epidendrum



Arpophyllum










Cymbidieae







Hexalectris spicata
Subtribus Bletiinae[bewerken]
Geslachten:
Basiphyllaea  - Bletia  - Hexalectris
Chysis laevis
Subtribus Chysinae[bewerken]
Geslacht:
Chysis
Coelia macrostachya
Subtribus Coeliinae[bewerken]
Geslacht:
Coelia
Laelia sincorana
Cattleya maxima
Subtribus Laeliinae[bewerken]

Een grote groep met bijna 1.800 soorten in 46 geslachten, voornamelijk epifyten uit het Neotropisch gebied. In deze groep worden ook veel hybride geslachten opgenomen.

Geslachten:
Acrorchis  - Alamania  - Arpophyllum  - Artorima  - Barkeria  - Brassavola  - Broughtonia  - Cattleya  - Caularthron  - Dimerandra  - Dinema  - Domingoa  - Encyclia  - Epidendrum  - Euchile  - Guarianthe  - Hagsatera  - Hexisea  - Homalopetalum  - Isabelia  - Jacquiniella  - Laelia  - Lanium  - Leptotes  - Loefgrenianthus  - Meiracyllium  - Myrmecophila  - Nageliella  - Nanodes  - Nidema  - Oerstedella  - Oestlundia  - Orleanesia  - Pinelia  - Platyglottis  - Prosthechea  - Pseudolaelia  - Psychilus  - Pygmaeorchis  - Quisqueya  - Renata  - Rhyncholaelia  - Scaphyglottis  - Schomburgkia  - Sophronitis  - Tetramicra
Isochilus linearis
Subtribus Ponerinae[bewerken]
Geslachten:
Helleriella  - Isochilus  - Ponera
Pleurothallis lamellaris
Subtribus Pleurothallidinae[bewerken]

Een zeer grote groep met meer dan 40 geslachten en 4000 soorten afkomstig uit het Neotropisch gebied.

Geslachten:
Acianthera  - Acostaea  - Anathallis  - Andinia  - Antherion  - Barbosella  - Barbrodria  - Brachionidium  - Chamelophyton  - Condylago  - Dilomilis  - Diodonopsis  - Draconanthes  - Dracula  - Dresslerella  - Dryadella  - Echinosepala  - Frondaria  - Jostia  - Lepanthes  - Lepanthopsis  - Luerella  - Masdevallia  - Myoxanthus  - Neocogniauxia  - Octomeria  - Ophidion  - Pabstiella  - Phloeophila  - Platystele  - Pleurothallis  - Pleurothallopsis  - Porroglossum  - Restrepia  - Restrepiella  - Salpistele  - Scaphosepalum  - Specklinia  - Stelis  - Teagueia  - Tomzanonia  - Trichosalpinx  - Trisetella  - Zootrophion

Tribus Malaxideae[bewerken]

Een qua samenstelling relatief stabiele tribus met 9 tot 19 geslachten en bijna 1.400 soorten waarvan een aantal ook in Europa voorkomen. De laatste jaren is er wel druk om de tribus verder op te splitsen in twee subtribus, en een aantal grote geslachten verder op te delen.[12]

De stamboom van de Malaxideae zou er als volgt kunnen uitzien:

Malaxideae

Epidendroideae

Arethuseae, Epidendreae




Podochileae





Malaxideae
Terrestrische soorten



Malaxis



Liparis




Liparis





Malaxis



Liparis




Epifytische soorten


Liparis



Oberonia




Disticholiparis






Dendrobieae






Calypsoeae, Epidendreae, Vandeae, Cymbidieae



Stamboom van de Malaxideae volgens Cameron (2005)[12]
Malaxis monophyllos
Liparis loeselii
Subtribus: Malaxidinae[bewerken]

Een grote subtribus met naargelang de auteur 7 tot 17 geslachten met bijna 1.000 soorten terrestrische varens uit het Palearctisch gebied, waarvan er 3 in België en Nederland voorkomen.

Geslachten:
Alatiliparis  - Crepidium  - Crossoglossa  - Dienia  - Disticholiparis  - Hammarbya  - Liparis  - Malaxis  - Oberonioides  - Orestias  - Pseudoliparis  - Risleya  - Saurolophorkis  - Seidenfia  - Seidenforchis  - Stichorkis  - Tamayorkis
Oberonia sp.
Subtribus: Oberoniinae[bewerken]

Deze subtribus omvat twee geslachten voornamelijk epifytische orchideeën uit Zuidoost-Azië en Australazië, met samen meer dan 400 soorten.

Geslachten:
Hippeophyllum  - Oberonia

Tribus Podochileae[bewerken]

Ook van deze tribus staat de inhoud nog sterk ter discussie. Deze beperkte indeling op basis van Cameron et. al (1999)[3] en van den Berg et al. (2000) gaat uit van 3 subtribus, 23 geslachten met 1.230 soorten. De tribus is ook kandidaat om samengevoegd te worden met de Dendrobieae.

De stamboom van de Podochileae zou er als volgt kunnen uitzien:

Podochileae

Epidendroideae

Arethuseae, Epidendreae




Podochileae
Thelasiinae

Phreatia



Eriinae


Eria



Trichotosia





Pseuderia



Podochilinae

Podochilus









Malaxideae, Dendrobieae




Calypsoeae, Epidendreae, Vandeae, Cymbidieae



Stamboom van de Podochileae volgens Cameron et al. (1999)[3]
Eria javonica
Subtribus: Eriinae[bewerken]
Geslachten:
Ascidieria  - Ceratostylis  - Cryptochilus  - Epiblastus  - Eria  - Mediocalcar  - Porpax  - Pseuderia  - Sarcostoma  - Stolzia  - Trichotosia
Subtribus: Podochilinae[bewerken]
Geslachten:
Appendicula  - Chilopogon  - Chitonochilus  - Cyphochilus  - Poaephyllum  - Podochilus
Subtribus: Thelasiinae[bewerken]
Geslachten:
Chitonanthera  - Octarrhena  - Oxyanthera  - Phreatia  - Rhynchophreatia  - Ridleyella  - Thelasis

Tribus Vandeae[bewerken]

De Vandeae zijn nauw gerelateerd aan de Cymbidieae en vormen samen een monotypische groep, voorlopig zonder naam. De relaties en samenstelling van de subtribus staat nog ter discussie. De indeling van Cameron et. al (1999)[3] en nadien Carlsward et al.[13] geeft 3 subtribus, ongeveer 120 geslachten en meer dan 2.300 soorten. Vele van deze geslachten zijn echter nog niet monofyletisch en due nog aan veranderingen onderhevig.

De stamboom van de Vandeae zou er als volgt kunnen uitzien:[3][13]

Epidendroideae

Arethuseae, Epidendreae, Podochileae, Malaxideae, Dendrobieae





Calypsoeae, Epidendreae







Vandeae

Polystachyinae

Polystachya, Neobenthamia





Angraecinae






Aerangis, Microterangis



Eurychone







Ancistrorhynchus



Bolusiella





Microcoelia, Solenangis



Solenangis









Cyrtorchis



Rangaeris, Tridactyle, Ypsilopus




Rangaeris




Podangis






Listrostachys



Tridactyle, Ypsilopus




Tridactyle









Angraecopsis, Mystacidium, Sphyrarhynchus





Cribbia



Rhipidoglossum




Diaphananthe





Angraecum








Chamaeangis, Diaphananthe




Calyptrochilum






Angraecum




Campylocentrum



Dendrophylax





Angraecum







Beclardia






Cryptopus



Oeonia




Neobathiea




Lemurella








Aeranthes



Angraecum, Bonniera, Sobenikoffia, Oeoniella





Angraecum




Jumellea



Lemurorchis






Aeridinae


Acampe



Trichoglottis






Amesiella



Phalaenopsis





Neofinetia



Vanda










Epidendreae




Cymbidieae





Polystachya maculata
Subtribus: Polystachyinae[bewerken]

Deze subtribus wordt pas recent bij de Vandeae ingedeeld, voordien maakte hij deel uit van de Epidendreae.

Geslachten:
Hederorkis  - Imerinaea  - Neobenthamia  - Polystachya
Aerides lawrenciae
Phalaenopsis hieroglyphica
Subtribus: Aeridinae[bewerken]

De Aeridinae vormen in deze samenstelling een duidelijk monotypische groep binnen de Vandeae. Deze geslachten zijn alle afkomstig uit Azië.

Geslachten:
Abdominea  - Acampe  - Adenoncos  - Aerides  - Amesiella  - Arachnis  - Armodorum  - Ascocentrum  - Ascochilopsis  - Ascochilus  - Ascoglossum  - Biermannia  - Bogoria  - Brachypeza  - Calymmanthera  - Ceratocentron  - Ceratochilus  - Chameaeanthus  - Chiloschista  - Chroniochilus  - Cleisocentron  - Cleisomeria  - Cleisostoma  - Diplocentrum  - Diploprora  - Drayadorchis  - Drymoanthus  - Dyakia  - Eparmatostigma  - Esmeralda  - Gastrochilus  - Grosourdya  - Gunnarella  - Gunnarella  - Haraella  - Holcoglossum  - Hygrochilus  - Hymenorchis  - Lesliea  - Loxomorchis  - Luisia  - Macropodanthus  - Malleola  - Mmegalotus  - Micropera  - Microsaccus  - Microtatorchis  - Mobilabium  - Neofinetia  - Nothodoritis  - Omoea  - Ornithochilus  - Papilionathe  - Papillilabium  - Paraphalaenopsis  - Parapteroceras  - Pelatantheria  - Pennilabium  - Peristeranthus  - Phalaenopsis  - Phragmorchis  - Schoenorchis  - Sedirea  - Seidenfadenia  - Smithsonia  - Smitinandia  - Staurochilus  - Stereochilus  - Taeniophyllum  - Thrixspermum  - Trichoglottis  - Tuberolabium  - Uncifera  - Vanda  - Vandopsis  - Ventricularia  - Xenikophyton
Angraecum infundibulare
Aerangis biloba
Subtribus: Angraecinae[bewerken]

De Angraecinae en de Aerangidinae, zoals gedefinieerd door Chase et al.[4], waren elk op zich nog steeds polyfyletisch. Samengevoegd in een uitgebreide subtribus Angraecinae, zoals voorgesteld door Carlsward et al., zijn ze echter wel monofyletisch[13]. Deze geslachten zijn voornamelijk afkomstig uit Afrika en Madagaskar.

Geslachten:
Aerangis  - Aeranthes  - Ambrella  - Ancistrorhynchus  - Angraecopsis  - Angraecum  - Beclardia  - Bolusiella  - Bonniera  - Calyptrochilum  - Campylocentrum  - Cardichilos  - Chamaeangist  - Chauliodont  - Cribbia  - Cryptopus  - Cyrtorchis  - Dendrophylax  - Diaphananthe  - Dinklageella  - Distylodont  - Eggelingia  - Eurychone  - Harrisella  - Jumellea  - Lemurella  - Lemurorchis  - Listrostachys  - Margelliantha  - Microcoelia  - Microterangis  - Mystacidium  - Neobathiea  - Oeonia  - Oeoniella  - Ossiculum  - Rhaesteria  - Rhipidoglossum  - Sobennikoffia  - Solenangis  - Sphyrarhynchus  - Summerhayesia  - Taeniorrhiza  - Triceratorhynchus  - Tridactyle  - Ypsilopus
Subtribus: Onbepaald[bewerken]
Geslacht:
Christensonia

Niet toegewezen subtribus[bewerken]

De volgende drie subtribus hebben nog geen juiste plaats in de Epidendroideae toegewezen gekregen.

Earina mucronata
Subtribus: Agrostophyllinae[bewerken]
Geslachten:
Adrorhizon  - Aglossorhyncha  - Agrostophyllum  - Earina  - Glossorhyncha  - Ischocentrum  - Sepalosiphont  - Sirhookera
Calanthe triplicata
Subtribus: Collabiinae[bewerken]
Geslachten:
Acanthephippium  - Ancistrochilus  - Aulostylis  - Calanthe  - Cephalantheropsis  - Chrysoglossum  - Collabium  - Diglyphosa  - Eriodes  - Gastrorchis  - Hancokia  - Ipsea  - Mischobulbum  - Nephelaphyllum  - Pachystoma  - Phaius  - Plocoglottis  - Spathoglottis  - Tainia
Dendrobium anosmum
Subtribus: Dendrobiinae[bewerken]
Geslachten:
Chaseella  - Dactylorhynchus  - Drymoda  - Genyorchis  - Jejosephia  - Monomera  - Monosepalum  - Pedilochilus  - Saccoglossum  - Sunipia  - Triast
Bronnen, noten en/of referenties
  1. du Petit-Thouars, 1804: Histoire des végétaux recueillis dans les îles de France, de Bourbon et de Madagascar (fr)
  2. a b c d e f g h i Robert L. Dressler, 1993: Phylogeny and Classification of the Orchid Family. S. 105ff. Cambridge University Press, ISBN 0-521-45058-6
  3. a b c d e f g h i j k l m n o p q K.M. Cameron, M.W. Chase, W.M. Whitten, P.J. Kores, D.C. Jarrell, V.A. Albert, T. Yukawa, H.G. Hills & D.H. Goldman, 1999: A phylogenetic analysis of the Orchidaceae: evidence from rbcL nucleotide sequences(en)
  4. a b c d e f g h i M.W. Chase, 2005: DNA data and Orchidaceae systematics: A new phylogenetic classification(en)
  5. G.A. Salazar, M.W. Chase, M.A. Soto Arenas & M. Ingrouille, 2003: Phylogenetics of Cranichideae with emphasis on Spiranthinae (Orchidaceae, Orchidoideae): evidence from plastid and nuclear DNA sequences (en)
  6. P.J. Kores, M. Molvray, P.H. Weston, S.D. Hopper, A.P. Brown, K.M. Cameron & M.W. Chase, 2001: A phylogenetic analysis of Diurideae (Orchidaceae) based on plastid DNA sequence data(en)
  7. a b c d Epidendroideae(en)
  8. Cribb, Philip, 2005: Xerorchideae, a new tribe in Orchidaceae subfamily Epidendroideae, Kew Bulletin, 1 january 2005 (en)
  9. a b C. van den Berg, D.H. Goldman, J.V. Freudenstein, A.M. Pridgeon, K.M. Cameron & M.W. Chase, 2005: An overview of the phylogenetic relationships within Epidendroideae inferred from multiple DNA regions and recircumscription of Epidendreae and Arethuseae (Orchidaceae) (abstract)(en)
  10. a b W.M. Whitten, N.H. Williams, R.L. Dressler, G. Gerlach, F. Pupulin, 2005: Generic relationships of Zygopetalinae (Orchidaceae: Cymbidieae): Combined molecular evidence. Lankesteriana 5(2), 87-107. (en)
  11. a b c d e (en) M.A. Clements (2003): Molecular phylogenetic systematics in the Dendrobiinae (Orchidaceae), with emphasis on Dendrobium section Pedilonum. Telopea 10: 247 - 298
  12. a b K.M. Cameron, 2005: Leave it to the leaves: a molecular phylogenetic study of Malaxideae (Epidendroideae, Orchidaceae (en)
  13. a b c B.S. Carlsward, W.M. Whitten, N.H. Williams & B. Bytebier, 2006: Molecular phylogenetics of Vandeae (Orchidaceae) and the evolution of leaflessness (en)