Te Deum (hymne)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Het Te Deum (de eerste twee woorden van Te Deum Laudamus, Latijn voor "Wij loven U, O God") is een hymne op basis van de Bijbel, die in de liturgie van de Katholieke Kerk gebruikt wordt. De lofzang is ontstaan rond het jaar 400 n.Chr., gesteld in ritmisch proza en wordt tegenwoordig toegeschreven aan Nicetas van Remesiana. Legendarisch is het verhaal dat bisschop Ambrosius van Milaan deze tekst in beurtzang met Augustinus zou hebben gezongen ter gelegenheid van diens doop. Het Te Deum wordt daarom ook wel de Ambrosiaanse lofzang genoemd.

Bij plechtige dankdiensten, na processies en bij liturgische diensten voor de vorst(in), wordt nog vaak het Te Deum gezongen. Men kan de lofzang ook nog vaak horen bij parochie- en priesterjubilea en soms bij speciale gelegenheid tijdens het Lof. Het Te Deum kan ook gezongen in de vigilie, de plechtige vespers op de vooravond van kerkelijke hoogfeesten.

Doorgaans worden de uitzendingen van de EBU ingeleid op de klanken van het Te Deum in de instrumentatie van Marc-Antoine Charpentier, waardoor deze melodie soms beter bekend is als de Eurovisiemars.

Muziek[bewerken]

De Latijnse tekst is dikwijls gearrangeerd voor koor en orkest, onder andere door Joseph Haydn (2x), Hector Berlioz, Jean-Baptiste Lully, Anton Bruckner, Giuseppe Verdi (Quattro pezzi sacri) en Marc-Antoine Charpentier. Meestal wordt de lofzang in het Latijn echter op gregoriaanse wijze gezongen.

Het Te Deum werd ook in het Engels vertaald en bewerkt en werd later gewoonlijk in de ochtenddiensten (morning prayer) van de Anglicaanse Kerk gezongen. Versies met Engelse tekst zijn gecomponeerd door onder andere Henry Purcell, John Rutter (2x), Georg Friedrich Händel (3x) en William Walton, deze laatste ter gelegenheid van de kroning van koningin Elizabeth. Benjamin Britten schreef er ook twee: Te Deum en Festival Te Deum.

De geest van deze lofzang vindt men ook terug in de Duitse, van oorsprong Lutherse, lofzang Grosser Gott wir loben Dich, waarvan het Nederlandse Grote God, wij loven U (Liedboek voor de Kerken, nr. 444) een vertaling is.

Latijnse tekst en Nederlandse vertaling[bewerken]

Latijnse tekst Nederlandse vertaling

Te Deum laudamus; te Dominum confitemur.
Te æternum Patrem omnis terra veneratur.
Tibi omnes angeli, tibi cæli: et universæ Potestates,
Tibi Cherubim et Seraphim incessabili voce proclamant:
Sanctus, Sanctus, Sanctus Dominus Deus Sabaoth.
Pleni sunt cæli et terra majestatis gloriæ tuæ.
Te gloriosus Apostolorum chorus,
Te Prophetarum laudabilis numerus,
Te Martyrum candidatus laudat exercitus.
Te per orbem terrarum sancta confitetur Ecclesia:
Patrem immensæ majestatis;
Venerandum tuum, verum, et unicum Filium;
Sanctum quoque Paraclitum Spiritum.
Tu Rex gloriæ, Christe,
Tu Patris sempiternus es Filius.

Tu ad liberandum suscepturus hominem,
     non horruisti Virginis uterum.
Tu devicto mortis aculeo,
     aperuisti credentibus regna cælorum.
Tu ad dexteram Dei sedes, in gloria Patris.
Judex crederis, esse venturus.
(Hic genuflectitur)
Te ergo quæsumus, tuis famulis subveni,
     quos pretioso sanguine redemisti;
Aeterna fac cum Sanctis tuis in gloria numerari.

Salvum fac populum tuum Domine, et benedic hereditati tuæ.
Et rege eos, et extolle illos, usque in æternum.
Per singulos dies, benedicimus te,
et laudamus nomen tuum in sæculum et in sæculum sæculi.
Dignare Domine die isto sine peccato nos custodire.
Miserere nostri Domine, miserere nostri.
Fiat misericordia tua Domine super nos,
     quem admodum speravimus in te.
In te Domine speravi;
     non confundar in æternum.

God, U loven wij; Heer, U prijzen wij.
Eeuwige Vader, U eert de ganse aarde.
U roepen alle engelen, U roepen de hemelen en alle machten,
U roepen de Cherubijnen en Serafijnen onophoudelijk toe:
Heilig, heilig, heilig is de Heer, de God der heerscharen.
Hemel en aarde zijn vol van de luister van uw heerlijkheid.
U verheerlijkt het roemrijk koor van de apostelen,
U prijst het lofwaardig getal van de profeten,
U looft de heerlijke schare van de martelaren.
Over de gehele aarde belijdt U de Heilige Kerk:
De Vader van de onmetelijke heerlijkheid;
Uw aanbiddelijke, ware en ene Zoon;
Alsmede de Vertrooster, de Heilige Geest.
Gij, Koning van de heerlijkheid, Christus,
Gij zijt de eeuwige Zoon van de Vader.

Gij hebt de schoot van de Maagd niet afgewezen
     om mens te worden voor onze verlossing.
Gij hebt door de overwinning op de zonde en de dood
     het rijk van de hemelen voor de gelovigen geopend.
Gij zetelt aan de rechterhand van God in de heerlijkheid van de Vader.
Wij geloven dat Gij eens als rechter ten oordeel zult komen.
(Hier knielt men)
Daarom smeken wij U: kom uw dienaren te hulp,
     die Gij met uw kostbaar bloed hebt vrijgekocht;
Geef dat zij in de heerlijkheid onder uw heiligen gerekend mogen worden.

Heer, red uw volk en zegen uw erfdeel.
En bestuur hen, en verhef hen tot in eeuwigheid.
Alle dagen prijzen wij U,
En wij loven uw naam in eeuwigheid, in de eeuwen der eeuwen.
Heer, wil ons heden zonder zonde bewaren.
Ontferm U over ons, Heer, ontferm U over ons.
Laat uw barmhartigheid over ons komen, Heer,
     zoals wij op U hebben vertrouwd.
Op U, Heer, heb ik vertrouwd;
     in eeuwigheid zal ik niet beschaamd worden.

Wetenswaardigheden[bewerken]