Terpen Tijn

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Beeld van Rommeldam.

Terpen Tijn [1]is een pijprokende kunstschilder uit de stripverhalen over Olivier B. Bommel van Marten Toonder. Hij is een bohemien, die leeft voor de kunst en zich aan burgerlijke kleingeestigheid niets gelegen laat liggen. Hij woont in Rommeldam. Hij is wat slordig gekleed en draagt (zeer scheef) een baret. Hij smeert de verf met grote energie op het doek. Zijn abstracte werk verspreidt sterke trillingen of vibraties. Hij leeft meestentijds op een dieet van augurken met suiker.

Hij vindt het moeilijk zijn zieleleven uit te leggen aan minder artistiek begaafde medebewoners van de strip als ze het van nature niet al begrijpen. "Eh... dinges! Vat je makker?"

Er zijn zekere overeenkomsten te bespeuren tussen Terpen Tijn en de in 2006 overleden Nederlandse kunstschilder Karel Appel. Zijn naam roept echter minder fruitige associaties op. Terpentijn wordt gebruikt als verfverdunner en oplosmiddel. Waarschijnlijk gaat de figuur terug op een persoon, die Toonder omstreeks 1935 leerde kennen. Deze kunstschilder en beeldhouwer heette Dick Diekman, maar gebruikte de artiestennaam Eterman. In hoofdstuk XXII van Marten Toonders Autobiografie (ISBN 90 234 3803 5, uitg. De Bezige Bij, 1998) , Het geluid van bloemen , gebruikt Eterman dezelfde uitdrukkingen als Terpen Tijn in de Tom Poes-strips.[2]

[bewerken] Standbeeld

Terpen Tijn is een van de vier in brons gegoten figuren voor de Ode aan Marten Toonder, een hommage aan de geestelijk vader van Rommeldam en haar bewoners op het Binnenrotteplein voor de Centrale Bibliotheek in Toonders geboortestad Rotterdam. Het beeld werd feestelijk onthuld op 2 mei 2002, zijn negentigste verjaardag. De andere drie beelden zijn van Professor Sickbock, Markies de Canteclaer en een sigaar rokende burgemeester Dickerdack. Tijn staat met hoog opgeheven arm voor zijn eveneens in brons gegoten schildersezel en kijkt over de hoofden van de voorbijgangers heen in de richting van de Laurenskerk.

[bewerken] Noten

  1. Terpen Tijn maakt zijn debuut in de meester-schilder.
  2. Eiso Toonder in het voorwoord van de Volledige Werken Band 4 (Uitgeverij Panda). Voor de oorlog ondertekende Dick Diekman zijn doeken met Eterman. Toen Marten hem in 1944 een bezoek bracht hingen de muren van zijn kamer vol oude meesters als Van Dijck, Rembrandt, Rubens en Frans Hals, terwijl er een bundeltje certificaten van echtheid op de schoorsteenmantel lag. In het vertrek stond ook een brandkast die van onder tot boven gevuld was met goudstaven in lederen etuis. Marten kreeg een van die etuis mee en door de inhoud ervan te gelde te maken kon hij het voortbestaan van zijn studio’s financieren. Diekman stierf enkele jaren na de oorlog. Waar zijn goudstaven en schilderijen bleven, is tot op de dag van vandaag onbekend.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren