Théodule Ribot

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Théodule Ribot op jonge leeftijd
Théodule Ribot in 1914.

Théodule Ribot (Guingamp, 18 december 1839 - Parijs, 9 december 1916) is een van de grondleggers van de Franse psychologie.

Biografie[bewerken]

Théodule Ribot volgde een opleiding aan het lycée Saint-Brieuc, waarna hij een administratieve functie bekleedde. Twee jaar later geeft hij zijn werk op, en vestigt zich in Parijs, waar hij wordt toegelaten tot de studie in de filosofie aan de École normale supérieure. Na zijn eindexamen in 1866, behaalt hij de doctorsgraad in 1875.

Hij doceert daarna filosofie op de lycea van Vesoul en Laval, waarna hij terugkeert naar Parijs om zich daar te wijden aan onderzoek op het terrein van de experimentele psychologie. Vanaf 1875 doceert hij dit vak aan de Sorbonne, na zijn aanstelling al hoogleraar in de experimentele en vergelijkende psychologie aan het Collège de France.

Werk[bewerken]

Ribot beschrijft in de boeken La Psychologie anglaise contemporaine (1870) et La Psychologie allemande contemporaine (1879) de experimentele psychologie van zijn tijd . Hij pleit daarin voor een scheiding tussen de filosofie en psychologie, en voor het gebruik van methoden ontleend aan de fysiologie en natuurwetenschappen in het onderzoek naar geest en emoties.

Zijn proefschrift getiteld L'Hérédité des caractères psychologiques opent de deur naar de psychologie faculteit. Hij bekleedt daar een leerstoel in de experimentele psychologie aan het Collège de France, en helpt Henri Beaunis bij het opzetten van het eerste experimenteel psychologische laboratorium. Hij richt het tijdschrift Revue philosophique de la France et de l'étranger op, waarin de nieuwe aanpak van de psychologie in Frankrijk wordt uitgewerkt en gepropageerd.

Ribot beschouwde emoties als afspiegelingen van de fysiologische toestand van het organisme. Hij heeft ook veel onderzoek gedaan naar geheugenstoornissen, dat uitmondde in de publicaties als Maladies de la mémoire (1881), Maladies de la volonté (1885) en Maladies de la personnalité (1883). Hij verdedigde daarbij het idee dat het verloop van amnesie (geheugenstoornissen) beantwoordt aan het principe: ‘van nieuw naar oud, van complex naar elementair, van bewust naar automatisch, en van minst naar meest georganiseerd’ (het eerste is altijd het element dat het eerst verloren gaat, of na herstel het laatst terugkeert). Dit principe staat ook wel bekend als de Ribotgradiënt. Ribot was ook een der eersten die inzag dat het menselijk geheugen uit meerdere systemen is opgebouwd. Dit is later bekend geworden als procedureel (impliciet) en expliciet geheugen, episodisch geheugen en semantisch geheugen, en rationeel verus affectief denken. Ribots vroege ideeën zijn later door cognitief georiënteerde neurowetenschappers als Endel Tulving en Antonio Damasio verder uitgewerkt. [1].

Boeken[bewerken]

  • La Psychologle anglaise contemporaine (1870), dernière réédition 2002
  • L'Hérédité. Étude psychologique (1873)
  • La Philosophie de Schopenhauer (1874)
  • La Psychologie allemande contemporaine (1879), dernière réédition 2003
  • Les Maladies de la mémoire (1881), dernière réédition 2005
  • Les Maladies de la volonté (1882), dernière réédition 2002
  • Les Maladies de la personnalité (1885), dernière réédition 2001
  • La Psychologie du raisonnement : recherches expérimentales par l’hypnotisme (1886), dernière réédition 2005
  • Le Fétichisme dans l’amour (1887), dernière réédition 2001
  • La Psychologie de l'attention (1888)
  • Psychologie des grands calculateurs et des joueurs d’échecs (1894), dernière réédition 2005
  • La Psychologie des sentiments (1896)
  • L'Evolution des idées genérales (1897)
  • Essai sur l'imagination créatrice (1900)
  • La Suggestibilité (1900), dernière réédition 2005
  • Les Obsessions et la psychasthénie (1903), dernière réédition 2005
  • L’étude expérimentale de l’intelligence (1903), dernière réédition 2004
  • La Logique des sentiments (1904)
  • Essai sur les passions (1906)
  • Les idées modernes sur les enfants (1911), dernière réédition 2001
  • Les Médications psychologiques (1919), dernière réédition 2007
  • De l'Angoisse à l’extase (1926), dernière réédition 1997

Bronnen[bewerken]

  • Pierre Janet. L'oeuvre psychologique de T. Ribot, Journal de Psychologie, XII, mai-juin 1915, p. 165-193.
  • Pierre Janet Pour le centenaire de Théodule Ribot. Discours prononcé à la Sorbonne le 22 juin 1939. Revue de Métaphysique et de Morale, Vol. 46, 1939 (P. 647-657).
  • G. Lamarque.Théodule Ribot. Choix de Textes et Étude de l'OEuvre, Paris, Rasmussen, s.d. (1925), (222 P.). Préface de Pierre Janet.
  1. Renaud Persiaux, « Théodule Ribot (1839-1916), Alfred Binet (1857-1911) - Naissance des sciences de l’esprit », paru dans le Spécial no 6 de Sciences humaines, octobre-novembre 2007 Cinq siècles de pensée française