The Nielsen Company

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
The Nielsen Company
Oprichting 1964
Sleutelfiguren David Calhoun, CEO
Brian West, CFO
Hoofdkantoor New York, VS
Producten Kijk- en luistercijfers, en marketing- en mediadiensten
Omzet $ 4,707 miljard (2007)
Website nielsen.com
Portaal  Portaalicoon   Economie

The Nielsen Company is een Amerikaans mediaconglomeraat dat voornamelijk diensten levert op het gebied van kijk- en luisteronderzoek en marketing- en media-informatie. De multinational is gevestigd in New York. Het bedrijf ontstond uit enkele overnames van VNU, tegenwoordig is het bezit van zes private-equitybedrijven. De oorspronkelijke uitgeverijen zijn geen eigendom meer van The Nielsen Company.

Geschiedenis[bewerken]

Tot 2007 heette het Verenigde Nederlandse Uitgeversbedrijven (VNU). Het was een Nederlands mediabedrijf en gaf voornamelijk tijdschriften, kranten en boeken uit.

VNU ontstond in 1964 uit een samenwerking tussen de uitgeverijen De Spaarnestad en Cebema (uitgever van onder andere De Geïllustreerde Pers). Op 2 juni 1965 kwam het tot een definitieve fusie tussen De Spaarnestad en Cebema. De VNU gaf onder andere tijdschriften uit als Panorama, Story, Libelle, Nieuwe Revu, Margriet, Katholieke Illustratie, Cosmopolitan, Playboy en via haar dochteruitgeverij Oberon ook bekende kinderboeken en (strip)weekbladen zoals Donald Duck, Tina, Sjors en Sjimmie, Billy Turf, Winnetou, Asterix en Obelix en Kuifje. Daarnaast had het een grote uitgeverstak van vakinformatie en zakentijdschriften. In 1986 verkocht uitgever Kluwer haar publieksbladendochter aan VNU. Dit voegde de bladen Ariadne, Vorsten, Ouders van Nu en Eigen Huis & Interieur aan de stal van VNU toe.

Overnames en verkopen[bewerken]

In 1999 werd de lange naam Verenigde Nederlandse Uitgeversbedrijven ingeruild voor het acroniem VNU. VNU was in de tweede helft van de jaren negentig bezig zich te heroriënteren op haar kernactiviteiten en had een aantal grote Amerikaanse marketinginformatie- en onderzoeksbedrijven, waaronder ACNielsen en Nielsen Media Research, aan haar stal toegevoegd. Deze tak binnen het bedrijf was alleen al in totale omzet belangrijker geworden dan de uitgeversactiviteiten. Dit veranderde VNU voorgoed. In 2000 nog nam VNU-dochter VNU Tijdschriften, zoekmachine Ilse en de veelbezochte Nederlandse website Startpagina over en doopte ze om tot Ilse Media. Als onderdeel echter van de eerdergenoemde verschuiving van de kerntaken begon VNU uitgeversonderdelen af te stoten. In 2001 kocht het Finse mediabedrijf Sanoma WSOY voor 1,25 miljard euro de VNU Consumer Information Group, waarin onder andere VNU Tijdschriften en Ilse Media waren ondergebracht.

In 2005 blies VNU onder druk van beleggers een aangekondigde miljardenovername van het Amerikaanse bedrijf IMS Health af. Toenmalig CEO Rob van den Bergh besloot daarop op te stappen. Vanaf dat moment was er van enige Nederlandse invloed in de raad van bestuur van VNU geen sprake meer. De beleggers waren tegen de overnameplannen omdat VNU volgens de aandeelhouders veel slechter had gepresteerd dan haar concurrenten. Direct na de mislukte overname werd de VNU door meerdere partijen benaderd voor een overname. Een overnamebod moest volgens analisten minimaal 7,3 miljard euro bedragen. Zes grote investeringsmaatschappijen (Carlyle Group, AlpInvest Partners, Blackstone Group, Hellman & Friedman, Kohlberg Kravis Roberts (KKR) en Thomas H. Lee) vormden samen het gelegenheidsconcern Valcon en boden samen 28,75 euro per aandeel, oftewel een totaal van 7,5 miljard euro (inclusief VNU's schulden bedroeg de overnamesom 8,6 miljard euro). Andere gegadigde investeringsmaatschappijen als Permira en Apax haakten af. Op 8 maart 2006 maakte VNU bekend dat er een overnameakkoord over het gedane bod was bereikt. Daarna namen Amerikaanse bestuurders het over en besloot ook Rob Ruijter (CFO) in februari 2007 op te stappen.

In december 2006 kondigde VNU aan dat het wereldwijd 4.000 van de 42.000 arbeidsplaatsen zou schrappen. De onderneming verkocht bovendien zijn laatste tijdschriftendivisie aan de Britse investeerder 3i. Tijdschriften over productinnovatie, onderzoek en ontwikkeling kwamen voortaan onder dak bij een nieuwe, oude bekende naam; vanaf 1 mei 2007 heette de voortaan van Nielsen onafhankelijke divisie VNU Media. De Engelse uitgeefactiviteiten, inclusief de technologiewebsite The Inquirer, gingen daarbij over naar Incisive Media.

Vanaf 18 januari 2007 onderging VNU een naamswijziging naar The Nielsen Company, daarmee verwijzend naar de belangrijkste en bekendste merknaam van haar dochter ACNielsen. Met onder andere AC Nielsen en Nielsen Media Research is The Nielsen Company actief in het verzamelen en analyseren van marketinginformatie, bedrijfsinformatie en radio- en televisiekijkcijfers.

Bezittingen[bewerken]

  • ACNielsen, wereldwijd
  • Aircheck Nederland
  • Bias Group, Italië
  • Business Publications, NL
  • Claritas, wereldwijd
  • Entertainment Marketing Information Services, VS
  • Euroclix, NL (tot eind 2006)
  • Golden Pages, Ierland
  • Gruppo Pubblicità Italia
  • Hollywood Reporter Industries, VS
  • IMS Media Solutions, wereldwijd
  • Music Control, Duitsland, Ierland
  • Nielsen Media Research, wereldwijd
  • Promedia, België
  • Neurofocus, wereldwijd

Externe links[bewerken]