Thomas Goodwin
Thomas Goodwin (Rollesby, 5 oktober 1600 – 23 februari 1680) was een Brits predikant.
Op 5 oktober 1600 werd Goodwin geboren in Rollesby, een dorp in het graafschap Norfolk. Hij was de oudste zoon van Richard en Catherine Goodwin. Thomas Goodwin was door zijn ouders voorbestemd voor de kerk. Daarom werd hij, toen hij twaalf jaar oud was, naar de universiteit van Cambridge gestuurd. Hij werd ingeschreven aan het Christ College, waar hij een klassieke opleiding kreeg. Aan Christ College studeerden zo'n honderd studenten. Goodwin was zestien jaar toen hij zijn BA (Bachelor of Arts) behaalde. Vier jaar later mocht hij zich MA (Master of Arts) noemen. In 1619 ging hij van Christ College naar het kleinere Catherine Hall, ook onderdeel van de universiteit te Cambridge.
Over zijn bekering schrijft Goodwin het volgende. Met zijn vrienden had hij zich eens begeven naar St. Edmunds. In de kerk daar bleek een begrafenisdienst te zijn. Dat was op 2 oktober 1620. Goodwin was 20 jaar oud. Zijn vrienden wilden, benieuwd naar de predikant, naar binnen. Goodwin sputterde tegen. Hij had geen zin, zeker niet in een rouwdienst. Uiteindelijk liet hij zich overhalen mee naar binnen te gaan. Hij nam zich voor dat als de preek hem niet zinde, hij zo weer buiten zou staan. De prediker preekte over Lukas 19:41 en 42. Jezus weent over Jeruzalem: Och, of gij ook bekendet, ook nog in deze uw dag, hetgeen tot uw vrede dient! De aanduiding: deze dag greep Goodwin in het hart. Niet morgen, maar vandaag. Ik was zo getroffen, schrijft hij zelf, dat ik niet alleen mijn grove zonden voor ogen kreeg, maar ook de kleinste. Niet alleen de stoelen en de tafels, maar ook de vliegen en de motten in de zondige kamer van mijn hart.
Door de toenemende macht van aartsbisschop William Laud werd Goodwin min of meer gedwongen zijn academische positie op te geven en de universiteit te verlaten. Voor de puriteinen was in Engeland al minder ruimte. Goodwin verliet in 1639 zijn land en zette koers naar Nederland. Nauwe contacten onderhield hij hier met Nye, Burroughs, Ridge en Sympson. Goodwin vestigde zich in Arnhem, waar toen nog meer Engelse gezinnen woonden. Contacten waren er ook met Engelsen in Rotterdam en Amsterdam. Het Arnhems gemeentearchief weet nauwkeurig aan te geven waar The English Church (een gemeente met zo'n honderd leden) onder leiding van Goodwin en Philip Nye bijeenkwam: in de Broerenkerk in de Broerenstraat, op 100 meter afstand van de grote Eusebiuskerk. In 1805 werd de Broerenkerk afgebroken.
Toen Laud in 1641 werd afgezet, keerden de meeste Engelse ballingen terug naar hun vaderland. Ook Goodwin. Hij werd voorganger van een gemeente in St. Dunstan, Londen, waar hij negen jaar bleef.
In de Idol Lane te Londen, op de hoek van de St. Dunstan's Lane en de St. Dunstan's Alley, rijst nog het restant omhoog van wat eens Goodwins kerk was, de St. Dunstan-in-the-East. In 1666 moet de kerk door de grote Londense brand zijn verwoest. In 1697 werd Goodwins kerk weer opgebouwd door de beroemde architect Christopher Wren. In de 19e eeuw sneuvelde het kerkgebouw opnieuw, nu door blikseminslag. Sedertdien staat alleen de toren er nog en drie kerkmuren zonder dak.
In 1649 werd Goodwin, op voorspraak van zijn vriend Oliver Cromwell, benoemd tot hoogleraar aan het Magdalena College te Oxford. In datzelfde jaar preekten Goodwin en John Owen voor Cromwell en het parlement te Oxford. In Oxford stichtte Thomas Goodwin nog een gemeente, waarvan vele vooraanstaande stadsburgers lid zijn geweest.
Na het sterven van Cromwell keerde Goodwin terug naar Londen. Daar kwam op 23 februari 1680 ook voor hem het einde. Een zware koorts maakte binnen enkele dagen een einde aan zijn leven. Goodwin werd begraven op Bunhill Fields te Londen.
Trivia [bewerken]
- Binnen de bevindelijk gereformeerde kerken in Nederland staat Goodwin bekend als zogenaamde Oudvader.