Three Stooges
De Three Stooges waren een Amerikaanse komische act, vooral bekend door de ongeveer 190 korte slapstick-films die ze in de jaren dertig, veertig en vijftig maakten voor Columbia Pictures. Er zijn in totaal zes Stooges geweest, maar de vier voornaamsten waren Larry Fine (1902-1975) en de drie gebroeders Howard: Shemp (1895-1955), Moe (1897-1975) en Curly (1903-1952).
De films van de Three Stooges worden gekenmerkt door slapstick. De Stooges delen oorvijgen uit, slaan elkaar met hamers en steken elkaar met de vingers in de ogen. Deze handtastelijkheden worden dik aangezet met geluidseffecten.
Inhoud |
[bewerken] Beginjaren
Samuel, Moses en Jerome Howard (eigenlijk Horwitz) werden geboren in Brooklyn, New York. Hun ouders waren Joodse immigranten uit Litouwen. Moses (kortweg Moe) was de eerste van de broers die artiest werd. Hij werd gevolgd door Samuel, die doorgaans Sam werd genoemd. Hun moeder, die een dik accent had, sprak die naam echter uit als Shemp.
Moe werd in 1921 lid van een komische vaudeville-act die werd geleid door zijn jeugdvriend Ted Healy (1896-1937). In 1923 sloot Shemp zich eveneens bij deze act aan. Healy en zijn gezelschap traden op onder verschillende namen, zoals Ted Healy and His Racketeers en Ted Healy and His Southern Gentlemen. In 1925 kwam Larry Fine (eigenlijk Louis Feinberg), oorspronkelijk een vaudeville-violist, bij de groep. In 1930 maakten Healy en zijn troep onder de naam Ted Healy and His Stooges hun filmdebuut in de film Soup to Nuts.
De samenwerking tussen Moe, Shemp en Larry enerzijds en hun baas Healy anderzijds verliep moeizaam, vooral omdat laatstgenoemde aan de drank was. Een eerste breuk kon nog worden gelijmd, maar in 1932 had Shemp genoeg van Healy's gedrag en verliet hij de act voor een solocarrière als acteur. Die carrière was vrij succesvol; zo is Shemp te zien in Pittsburgh (1942), een film waarin Marlene Dietrich en John Wayne de hoofdrollen spelen. Ook had Shemp een rol in The Bank Dick (1940), een film van de komiek W.C. Fields.
Shemps plaats als Stooge werd ingenomen door zijn jongste broer Jerome. Alle Stooges hadden een nogal bijzondere haardracht. Moe trad op met een soort pagekapsel, en Larry had een krans van krullend haar rondom zijn (steeds kaler wordende) schedel. Nadat hij lid was geworden van de Stooges schoor Jerome zijn haar af. Hij maakte zelf de ironische opmerking: "Boy, do I look curly", en zo kwam hij aan zijn artiestennaam. Moe, Curly en Larry braken in 1934 definitief met Healy en gingen voor Columbia Pictures werken onder de naam The Three Stooges.
[bewerken] Hoogtijdagen
De Three Stooges maakten in de jaren dertig, veertig en vijftig 190 korte films (shorts) voor Columbia. Moe was al die tijd (en ook daarna) het hart en de ziel van de groep. In de films speelt hij de 'baas'; hij commandeert de anderen en deelt klappen uit als er niet wordt geluisterd. In het dagelijkse leven was Moe het creatieve brein en de zaakwaarnemer; hij regelde zelfs de financiële zaken van Curly, die niet met geld kon omgaan. Moe's dochter Joan Howard Maurer is momenteel de eigenaar van het merk The Three Stooges.
Moe was zowel op als buiten het scherm de natuurlijke leider. Ster van de groep was echter Curly, met zijn fysieke humor, manische gedrag, hoge stem en malle kreten ('Nyuk, nyuk, nyuk', 'Woo woo woo'). De films met Moe, Curly en Larry zijn onder de huidige fans het meest geliefd. Curly kreeg in 1946 echter een ernstige hersenbloeding. Shemp was bereid terug te keren als Stooge, omdat hij zich realiseerde dat Moe en Larry anders werkloos zouden worden. Hij bedong wel dat hij weer mocht vertrekken als Curly eenmaal zou zijn hersteld. De gezondheid van de jongste van de gebroeders Howard verslechterde echter steeds verder en een terugkeer als Stooge zat er niet meer in. Hij overleed in 1952.
Shemp zette zijn loopbaan als lid van de Three Stooges voort totdat hij in 1955 bezweek aan een hartaanval. Vervolgens werd de kalende komiek Joe Besser (1907-1988) ingehuurd als derde Stooge. Besser had aanvankelijk een clausule in zijn contract laten opnemen waarin stond dat hij niet te hard geslagen mocht worden!
[bewerken] Comeback
Columbia Pictures was lange tijd de enige filmmaatschappij die nog shorts maakte. De concurrentie was er al lang mee opgehouden, omdat zulke films niet genoeg geld in het laatje brachten. In 1957 hield ook Columbia op met het produceren van shorts. Moe en Larry wilden vervolgens op tournee gaan met de Three Stooges, maar Besser weigerde omdat zijn vrouw een hartaanval had gehad en hij haar niet alleen wilde laten. Het einde van de Three Stooges leek nabij.
Eind jaren vijftig verkocht Columbia alle korte films die de Three Stooges voor deze maatschappij hadden gemaakt aan de televisie, waarna een nieuwe generatie hun humor ontdekte. Het was het begin van een Stooges-rage die in de Verenigde Staten tot op de dag van vandaag voortduurt. De Three Stooges gingen weer op tournee, met de komiek Joe DeRita (1909-1993) als derde Stooge in plaats van Joe Besser. DeRita, die eigenlijk Joseph Wardell heette, noemde zich Curly Joe, een verwijzing naar Curly Howard.
[bewerken] Het einde van de Three Stooges
Moe, Larry en Curly Joe traden in de jaren zestig op in het theater en maakten enkele succesvolle speelfilms. In 1970 kreeg Larry echter een hersenbloeding tijdens het filmen van een pilot voor een televisieserie die Kook's Tour had moeten heten. Hij overleed in januari 1975.
Moe wilde zelfs na het wegvallen van Larry nog doorgaan met de Three Stooges. Hij vroeg de acteur Emil Sitka (1914-1998), die in ongeveer veertig films van de Three Stooges had gespeeld, de plaats in te nemen van Larry. Er waren zelfs plannen voor een optreden van Moe, Curly Joe en Sitka in de film Blazing Stewardesses. De dood van 'oer-Stooge' Moe in mei 1975 betekende echter het definitieve einde van de Three Stooges. Hun rol in Blazing Stewardesses werd overgenomen door Harry en Jimmy Ritz, twee van de Ritz Brothers.
Curly Joe begon na de dood van Moe nog een act die The New Three Stooges heette, maar dit initiatief was geen succes. Besser overleed in 1988, en Curly Joe stierf in 1993 als laatste lid van de Three Stooges.