Thulcandra

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Thulcandra is het laatste deel van de Ruimte-trilogie, de theologische literaire trilogie van C.S. Lewis. Thulcandra wordt voorafgegaan door Malacandra en Perelandra. Het kwam uit als That Hideous Strength (1945), met de ondertitel A Modern Fairy-Tale for Grown-Ups.[1] Het verhaal was in oorspronkelijke vorm dikker dan de eerste twee verhalen van de trilogie samen.

Verhaal[bewerken]

Mark Studdock, de hoofdpersoon van dit laatste deel, werkt op een kleine universiteit in het oude Engelse stadje Edgestow. Hij is een jonge, net getrouwde socioloog en ziet het als een uitgelezen kans als hij een baan krijgt aangeboden bij het N.I.C.E. (het National Institute of Co-ordinated Experiments). Dit instituut blijkt echter niet een normaal instituut te zijn. Eerst verandert het Edgestow van een klein oud stadje naar een moderne stad waarin al het oude moet verdwijnen. Mark probeert in de hogere kringen te komen, maar de contacten en duidelijkheid waar hij op hoopt blijven uit. Het futuristische wetenschappelijke instituut blijkt echter ook duistere bedoelingen te hebben met de mensheid, en uiteindelijk ook met Mark zelf.

Marks vrouw Jane wordt ondertussen gekweld door nachtmerries die op waarheid blijken te berusten, waarop ze naar een psychologe gaat. Die blijkt lid te zijn van een bijzondere groep die onder leiding staat van dr. Ransom, de man die naar Malacandra en Perelandra reisde. Onder zijn leiding wordt een aanval gepland op het N.I.C.E., die inmiddels het hele land in zijn greep heeft. Zo belanden Mark en Jane aan twee zijden van een 'oorlog', waarin het lot van de mensheid bepaald zal worden. Beide partijen beroepen zich op de hulp van Merlijn, die zich ergens in de omgeving van het instituut ondergronds ophoudt.

Achtergronden[bewerken]

In de ogen van J.R.R. Tolkien was Lewis bij het schrijven van Thulcandra (tot Tolkiens ongenoegen) sterk beïnvloed door het werk en het gedachtegoed van Charles Williams, die met hen lid was van de Inklings. Tolkien had namelijk bezwaar tegen het bovennatuurlijke in de verhalen van Williams; soms sprak hij zelfs van zwarte magie en hekserij in diens boeken.[2] Williams was van 1917 tot 1928 actief lid geweest van de magische orde Orde der Golden Dawn.[3] Tolkien gaf na de dood van Lewis aan dat dit één van de oorzaken was van de afnemende vriendschap tussen Lewis en hem.[4]

In Thulcandra wordt duidelijk dat Lewis geïnspireerd was door de namen en tradities uit de verhalen over Koning Arthur. Met name de rol van Merlijn is een duidelijke greep uit deze legenden.[5] De positie van het N.I.C.E. ten opzichte van Edgestow is volgens sommigen gebaseerd op die van de Atomic Energy Research Establishment tegenover Oxfortd, dat er ongeveer 24 kilometer vanaf ligt.[6] Het duistere beeld van het instituut is mogelijk als blik in de toekomst bedoeld, om zo met de tijd realistischer te worden en meer te gaan betekenen, zoals Animal Farm van George Orwell en Brave New World van Aldous Huxley.[7]

Nadat het verhaal in 1945 was uitgegeven, werd het door Lewis ingekort en verscheen toen als The Tortured Planet (1946), maar kwam later weer als That Hideous Strength (1955) uit. De bekorte versie werd eerder in het Nederlands vertaald als De binnenste cirkel (1981). In 2008 kwam het volledige boek opnieuw vertaald uit onder de titel Thulcandra.

J.B.S. Haldane vond dat Lewis een verkeerd beeld van de moderne wetenschap gaf, gedeeltelijk uit onwetendheid; Lewis had niets met de exacte wetenschappen,[8] maar Lewis gaf aan zich alleen tegen het 'scientism' te verzetten; het geloof dat alle menselijke problemen met de wetenschap zijn op te lossen.[9]

Zie ook[bewerken]

Literatuur:
  • (en) Edwards, B.L., C.S. Lewis: life, works, and legacy, Volume 1 - An Examined Life, Westport: Praeger Publishers, 2007
  • (en) Kilby, C.S., The Christian World of C. S. Lewis, Michigan: Wm. B. Eerdmans Publishing Co., 1964
  • (en) Sammons, M.C., A far-off country: a guide to C.S. Lewis's fantasy fiction, Lanham (Maryland): University Press of America, 2000

Bronnen en noten:

  1. Vertaald als 'Een eigentijds sprookje voor grote mensen'
  2. Edwards (Volume 1, 2007), blz. 266
  3. Charles Williams en Lois Lang-Sims, Letters to Lalage: the letters of Charles Williams to Lois Lang-Sims, Kent (Ohio): The Kent State University Press, 1989
  4. Edwards (Volume 1, 2007), blz. 267
  5. Edwards (Volume 1, 2007), blz. 63
  6. Sammons (2000), blz. 321
  7. Kilby (1964), blz. 115
  8. A.L. Smilde, Hoogstandjes van schrijfkunst in "omgekeerde" sciencefictiontrilogie in het Reformatorisch Dagblad, 9 november 1998
  9. Sammons (2000), blz. 144