Tiliqua adelaidensis

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Tiliqua adelaidensis
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Reptilia (Reptielen)
Orde: Squamata (Schubreptielen)
Onderorde: Lacertilia (Hagedissen)
Infraorde: Scincomorpha (Skinkachtigen)
Familie: Scincidae (Skinken)
Geslacht: Tiliqua (Blauwtongskinken)
Soort
Tiliqua adelaidensis
Peters, 1863
Tiliqua adelaidensis op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Herpetologie

Tiliqua adelaidensis is een hagedis uit de familie skinken (Scincidae). Het is één van de zeven soorten uit het geslacht blauwtongskinken (Tiliqua).[1] De soort werd voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Wilhelm Peters in 1863. Oorspronkelijk werd de naam Cyclodus adelaidensis gebruikt.

Algemeen[bewerken]

Van alle soorten is het tevens de kleinste; in andere talen wordt de soort wel met 'dwergskink' aangeduid maar er is nog geen eenduidige Nederlandse naam. De lichaamskleur is bruin met donkere vlekken, de kleuren zijn variabel. De totale lichaamslengte is maximaal ongeveer 17,5 centimeter, de vrouwtjes worden iets groter dan de mannetjes. Alle andere blauwtongskinken worden over het algemeen groter dan 30 cm.

Tiliqua adelaidensis is levendbarend; de jongen komen volledig ontwikkeld ter wereld en niet in een ei. Het voedsel bestaat uit zowel plantendelen als vruchten als levende prooidieren, de skink is omnivoor. Over de levenswijze onder natuurlijke leefomstandigheden is verder vrijwel niets bekend.

Net als alle blauwtongskinken is Tiliqua adelaidensis van Australische origine, het verspreidingsgebied is in vergelijking met andere blauwtongskinken zeer klein. De soort komt alleen voor rondom de zuidoostelijk gelegen kuststad Adelaide, en hiervan is ook de wetenschappelijke soortnaam adelaidensis van afgeleid.

Bedreigingen[bewerken]

Tiliqua adelaidensis is een van de zeldzaamste hagedissen ter wereld, lange tijd werd de soort zelfs als uitgestorven beschouwd. De blauwtongskink werd al in 1863 wetenschappelijk beschreven maar tot 1992 zijn er slechts twintig individuen waargenomen. Hierdoor ging men er vanuit dat de hagedis was uitgeroeid en ook hield men er rekening mee dat de bioloog Wilhelm Peters, die de skink als eerst beschreef, een al bekende soort voor een andere had aangezien. Het keerpunt kwam in 1992 toen een dood exemplaar werd aangetroffen in de maag van een slang uit het geslacht Pseudonaja. Na onderzoek bleek dat er een aantal locaties bestonden waar de skink nog steeds voorkwam. In totaal wordt het aantal moderne exemplaren geschat op ongeveer 5000. Tiliqua adelaidensis wordt door de IUCN beschouwd als een bedreigde soort (EN of endangered).[2]

Vroeger was de soort waarschijnlijk algemener, de reden van de huidige kleine aantallen is de inrichting van het leefgebied als agrarisch gebied en meer specifiek het gebruik van de ploeg. In grond die jaarlijks wordt omgeploegd groeit slechts een enkele generatie planten per jaar, in plaats van een permanente begroeiing zoals deze oorspronkelijk voorkwam. Deze verandering van het leefgebied heeft de skink de das omgedaan.[3] Er zijn verschillende beschermingsprogramma's gestart om de soort voor uitsterven te behoeden. Zo worden de dieren in dierentuinen ex-situ gefokt om de populaties aan te sterken.[4]

Bronvermelding[bewerken]

Referenties
  1. Peter Uetz & Jakob Hallermann. The Reptile Database - Tiliqua adelaidensis
  2. IUCN - Tiliqua adelaidensis - Website
  3. Bluetongueskinks.net. Tiliqua adelaidensis
  4. Ministerie van natuur en ontwikkeling van Australië - National recovery plan for the Pygmy Bluetongue Lizard (Tiliqua adelaidensis) - Website
Bronnen
  • (en) Bluetongueskinks.net - Tiliqua adelaidensis - Website
  • (en) Peter Uetz & Jakob Hallermann - The Reptile Database - Tiliqua adelaidensis - Website Geconsulteerd 9 augustus 2014