Toloniumchloride

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Toloniumchloride
Structuurformule en molecuulmodel
Tolonium chloride.svg
Algemeen
Molecuulformule
     (uitleg)
C15H16N3S+
IUPAC-naam (7-amino-8-methyl- phenothiazin-3-ylidene)- dimethyl-ammonium
Andere namen Toluidine blue O, Toluïdine blauw
Molmassa 270,374 g/mol
SMILES
[Cl-].CN(C)c1ccc2nc3cc(C)c(N)cc3[s+]c2c1
InChI
1/C15H16N3S.ClH/c1-9-6-13-15(8-11(9)16)19-14-7-10(18(2)3)4-5-12(14)17-13;/h4-8H,16H2,1-3H3;1H/q+1;/p-1
CAS-nummer 92-31-9
PubChem 7084
LD50 (ratten) 215 mg/kg
Fysische eigenschappen
Aggregatietoestand vaste stof
Kleur zwart
Oplosbaarheid in water 30 g/L
Goed oplosbaar in water
Waar mogelijk zijn SI-eenheden gebruikt. Tenzij anders vermeld zijn standaardomstandigheden gebruikt (298,15 K of 25 °C, 1 bar).
Portaal  Portaalicoon   Scheikunde

Toloniumchloride (INN) of toluïdine blauw (toluidine-blauw) is een blauwe basische kleurstof, die gebruikt wordt in de histologie.

Test op lignine[bewerken]

Een oplossing van toloniumchloride wordt gebruikt voor het testen op lignine. Lignine bindt aan cellulosefibrillen en zorgt zo voor versterking en versteviging van de plantencelwanden. Als er lignine aanwezig is, kleurt het object blauwgroen.

Ander histologisch gebruik[bewerken]

Toloniumchloride wordt vaak gebruikt voor het identificeren van mestcellen, waarbij het heparine in de granulen rood kleurt.[1] Het wordt ook gebruikt voor het kleuren van proteoglycanen en glycosaminoglycanen in weefsels zoals bij kraakbeen. De sterk zure macromoleculaire koolhydraten van mestcellen en kraakbeen kleuren paars/rood door de blauwe kleurstof. Dit verschijnsel wordt metachromasie genoemd.

Alkalische oplossingen van toloniumchloride worden algemeen gebruikt voor het kleuren van semi-dunne (0,5 tot 1 μm) secties van in kunsthars gegoten weefsels. Bij een hoge pH (ongeveer 10) bindt de kleurstof aan nucleïnezuren en alle proteïnen. Alhoewel al het weefsel wordt gekleurd, zijn details duidelijk zichtbaar door de dunne laag van het weefsel.

Referenties[bewerken]

  • Carson FL (1997) Histotechnology. A Self-Instructional Text. 2nd ed. American Society of Clinical Pathologists, Chicago.
  • Green FJ (1990) The Sigma-Aldrich Handbook of Stains, Dyes and Indicators. Aldrich Chemical Company, Milwaukee, Wisconsin.
  • Horobin RW, Kiernan JA, Eds (2002) Conn's Biological Stains. A Handbook of Dyes, Stains and Fluorochromes for Use in Biology and Medicine. 10th ed. BIOS, Oxford.
  • Kiernan JA (2008) Histological and Histochemical Methods: Theory and Practice. 4th ed. Scion, Bloxham, UK.
  1. Histotechnology: A Self-Instructional Text, Freida L Carson, Christa Hladik, 2009, American Society for Clinical Pathology, Hong Kong, ISBN=978-0-89189-581-7, 188, 3

Externe link[bewerken]