Trambaan

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Trams in Amsterdam, de trambaan bevindt zich in het wegdek.
Groefrails worden gebruikt voor trambanen in wegen en straten.
Verschil in vorm en profiel van het wiel en de rail van een trein (links, blauw) en een tram (rechts, groen).
Trambaan van de Vlaamse Kusttram

Een trambaan of tramweg is een spoorweg die speciaal gebouwd is voor gebruik door trams. Trambanen worden tegenwoordig doorgaans aangelegd in stedelijke gebieden en maken deel uit van wegen of straten of kruisen in ieder geval zeer regelmatig gewoon wegverkeer. Door het lagere gewicht van trams en de lagere snelheden is een trambaan lichter geconstrueerd dan een reguliere spoorlijn. Door de lagere snelheden en kortere treinstellen kunnen bochten ook een krappere straal hebben.

Spoor[bewerken]

Trambanen kunnen aangelegd worden in verschillende omgevingen, vaak in straten maar ook als vrijliggende baan. In dat laatste geval kan een trambaan gebouwd worden zoals een gewone spoorweg, met ballast en dwarsliggers. Soms wordt ook een zogenaamde parkbaan of grasbaan aangelegd, bovenop de fundering wordt een laag teelaarde aangebracht waarop gras gezaaid wordt. Dit wordt vooral uit esthetische overwegingen gedaan.
De spoorwijdte is veelal 1000 mm (meterspoor) of 1435 mm (normaalspoor). Afwijkende spoorwijdten in Europa zijn bijvoorbeeld: 900 mm, 1067 mm, 1100 mm. In GOS-landen hebben de meeste trambedrijven de spoorwijdte van 1524 mm (Russisch breedspoor).

Groefrails[bewerken]

Groefrails worden het meest gebruikt bij tramsporen in het wegdek en in parken of grasstroken. Op loswallen voor treinsporen worden soms ook groefrails gebruikt, maar van een groter profiel. Treinwielen hebben een grotere flens waardoor ze niet in de groef van groefrails voor trams passen.

Bij tramrails, vooral in steden, moeten vaak zeer krappe bogen met kleine boogstraal (soms minder dan 20 meter) worden toegepast. Ook is verkanting, vanwege de ligging in het wegdek, soms niet mogelijk. Hoogstens kan een kleine verkanting worden toegepast. Op plaatsen buiten Nederland wordt soms in scherpe bogen de groef vaak ondiep uitgevoerd, waardoor het wiel in de buitenbocht tijdelijk op de flens, in plaats van op de wielband, rijdt. Hierdoor wordt de wieldiameter vergroot en de bocht makkelijk genomen. In zeer extreme gevallen is het zelfs zo dat alleen in de binnenbocht nog een groef zit, de buitenbocht bestaat uit niet meer dan een ijzeren plaat.

Stroomvoorziening[bewerken]

Tegenwoordig rijden op vrijwel alle tramlijnen elektrische trams, die stroom krijgen van de bovenleiding. De spanning bedraagt meestal 600 volt, of bij modernere systemen 750 volt, gelijkspanning. De stroomafname gebeurt doorgaans met een pantograaf. Vroeger werd echter ook een sleepbeugel of een trolleystang gebruikt.
In het Franse Bordeaux wordt op sommige gedeeltes van het tramnet een derde rail in plaats van de bovenleiding gebruikt. Om elektrocutiegevaar te voorkomen, is een speciaal systeem ontworpen, APS genaamd, dat ervoor zorgt dat alleen dat gedeelte onder spanning staat dat zich op dat moment onder de tram bevindt.

Wissels en seinen[bewerken]

Op de straattrajecten waar "op zicht" wordt gereden worden de wissels aangestuurd vanuit het voertuig in plaats van door de verkeersleiding of seinhuis, zoals bij het spoor. Bij de meeste tramnetten worden routecodes gebruikt die de wissels automatisch in de goede stand zetten voor de gekozen route. Bij omleidingen en storingen kunnen de wissels handmatig bediend worden door een sleutel bij stuurpost.

In principe worden geen blokseinen gebruikt, behalve voor tunneltrajecten of plaatsen waar beperkt zicht is. Wel zijn er vaak specifieke verkeerslichten voor trams bij kruispunten met autoverkeer. Deze kunnen voorrang geven aan de tram.

Zie ook[bewerken]

Algemeen: Ecotoop · Landschap · Landschapselement · Nederlandse landschappen
Vlakvormig: Abschnittsmotte · Achterkade · Beekdal · Beemd · Begraafplaats · Bolle akker · Bos · Brink · Brinkdorp · Broek · Del · Dorp · Droogmakerij · Duin · Eiland · Eng · Enk · Es · Esdorp · Fort · Geriefbos · Gors · Griend · Haven · Heuvel · Houtkade · Inlaag · Karreveld · Kerkhof · Kolk · Kraag · Kreek · Kreekrug · Kromakker · Kwelder · Landgoed · Legakker · Lintdorp · Luchthaven · Maat · Made · Mede · Marke · Meer · Meerstal · Meetje · Meet · Moeras · Mijnsteenheuvel · Oeverwal · Pestbosje · Petgat · Pingoruïne · Plas · Poel · Polder · Raatakkers · Rak · Redoute · Rivier · Rivierstrand · Rustbosje · Schans · Schol · Schor · Slik · Sluis · Stad · Stelle · Stinswier · Strand · Strandwal · Strang · Stroomrug · Struweel · Stuwmeer · Stuwwal · Terril · Terp · Uiterwaard · Veenkoepel · Veenlens · Veenkolonie · Veenpolder · Veenplas · Veenterp · Ven · Vesting · Viskenij · Visvijver · Vliedberg · Vliegveld · Vloeiveld · Vloeiweide · Waai · Wad · Weel · Weide · Weiland · Wiel · Wierde · Zee
Lijnvormig: Aarden dam · Aquaduct · Autosnelweg · Autoweg · Bandijk · Barrage · Beek · Berceau · Berm · Boezem · Brandsloot · Dam · Diep · Dijk · Doodweg · Dromerdijk · Enkwal · Fietspad · Fietsstrook · Gracht · Grubbe · Haag · Haha · Heg · Holle weg · Houtkant · Houtsingel · Houtwal · Jaagpad · Kaai · Kade · Kanaal · Kerkpad · Krib · Laan · Landscheiding · Landgraaf · Landweer · Lijkweg · Maar · Molengang · Muraltmuur · Opvaart · Ossengang · Pad · Reeweg · Ringdijk · Ringvaart · Rivier · Schipsloot · Schipvaart · Schurveling · Singel · Singelgracht · Slaperdijk · Sloot · Snelweg · Spoorweg · Steenberg · Strandhoofd · Strekdam · Stuwdam · Tiendweg · Trambaan · Trekpad · Trekvaart · Trottoir · Tunnel · Turfvaart · Tuunwal · Uiterdijk · Vaart · Veenkade · Veendijk · Vlechtheg · Voetpad · Wakerdijk · Wal · Wandelpad · Weg · Wetering · Wieke · Wijk · Wierdijk · Wildwal · Zeedijk · Zwetsloot
Puntvormig: Banpaal · Bermmonument · Boe · Boerderij · Boerenkuil · Boô · Borg · Brug · Buitenplaats · Burcht · Coupure · Daliegat · Dobbe · Duiker · Eendenkooi · Galg · Gemaal · Grafheuvel · Grenspaal · Hagelkruis · Havezate · Hoeve · Hollestelle · Hoogholtje · Hunebed · Inlaat · Inundatiesluis · Kasteel · Kerkgebouw · Kwakel · Molen · Mottekasteel · Overlaat · Overweg · Pijp · Pomp · Ringwalburcht · Rolpaal · Schaapvolt · Stuw · Til · Turfput · Veenput · Verlaat · Viaduct · Vijver · Voorde · Waterpomp · Waterput · Watertoren