Tramweg-Stichting

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Van 1966 tot 1989 was RTM-museum gevestigd aan de haven van Hellevoetsluis.
Stoomtramloc 18 'Leeghwater', afkomstig van de Gooische Stoomtram, werd verworven en als eerste gerestaureerd in dienst gesteld in 1967. Sinds 1968 rijdt de loc bij de Museumstoomtram Hoorn - Medemblik.
Trammotorwagen NZH A327, gebouwd in 1913 door Beijnes en afkomstig uit Haarlem en Leiden, werd als een van de eerste museumtrams voor sloop gered. De tram reed sinds de restauratie in rijvaardige staat in 1981 op diverse plaatsen, zoals in het Nederlands Openluchtmuseum te Arnhem.

De Tramweg-Stichting (TS) is een Nederlandse stichting voor het behoud, herstel en de exploitatie van historisch Nederlands trammaterieel. De stichting is door een aantal trambelangstellenden opgericht toen in 1965 het einde van de laatste tramlijnen van de Rotterdamsche Tramweg Maatschappij (RTM) naderde. Het idee was overgewaaid uit het buitenland. Met name in Engeland bestonden al diverse museumorganisaties waar ook met historisch spoor- of trammaterieel voor publiek werd gereden.

Geschiedenis[bewerken]

Oprichting[bewerken]

In de jaren na de Tweede Wereldoorlog werden vele oude trams vervangen door modern materieel (trams of bussen). Met het verdwijnen van de oude vooroorlogse trams in Amsterdam, Den Haag en Rotterdam en de opheffing van de laatste interlokale stoom-, motor- en elektrische trams (de Blauwe Tram, de Gelderse Tram, de Gooische Stoomtram en de RTM ontstond rond 1960 de wens om toch iets daarvan voor het nageslacht te bewaren. Incidentele acties tot behoud van oud materieel leidden soms tot succes, soms niet.

Na de oprichting van de Tramweg-Stichting groeide de collectie museumtrams in de jaren zestig en zeventig snel. Men probeerde zo veel mogelijk materieel te redden. In de jaren zeventig werden elektrische trams uit onder andere Amsterdam, Den Haag, Rotterdam, Leiden en Utrecht in de collectie opgenomen.

Aankoop materieel RTM[bewerken]

Ook stoom- en dieseltrams werden verzameld. Hiertoe behoorde een groot deel van de boedel van het in 1966 opgeheven trambedrijf van de RTM, dat in Hellevoetsluis werd opgeslagen. Ook in Hoorn werd trammaterieel verzameld en werd een begin gemaakt met het rijvaardig maken en rijden. Uit deze initiatieven zijn de Museumstoomtram Hoorn-Medemblik in Hoorn en het museumbedrijf in Hellevoetsluis (thans de Stichting voorheen RTM te Goedereede) voortgekomen.

Nuvola single chevron right.svg Zie Museumstoomtram voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Werkgroepen[bewerken]

In de drie grote steden Amsterdam, Den Haag en Rotterdam ontstonden werkgroepen die zich met materieel uit die steden gingen bezighouden. Uit deze activiteiten zijn de respectievelijke plaatselijke museumorganisaties voortgekomen: de Electrische Museumtramlijn Amsterdam, het Haags Openbaar Vervoer Museum en de Rotterdamse Museumtrams (RoMeO).

Wegens de groei van activiteiten en het steeds sterker verschillende karakter van de inmiddels ontstane museumbedrijven werden deze in de jaren tachtig ondergebracht in zelfstandige organisaties.

De Tramweg-Stichting bleef hierna op kleinere schaal actief met de restauratie en fondsenwerving van diverse museumtrams. In de jaren negentig werd nog meegewerkt aan de totstandkoming van de tramlijn bij het Nederlands Openluchtmuseum te Arnhem. Thans zijn er nog werkgroepen actief in Scheveningen en Rotterdam, die bij diverse gelegenheden ook ritten met hun materieel maken. De Stichting TramWerk verricht in opdracht van (onder andere) de TS restauratiewerk aan diverse oude trams.

Tramstel NBM 20 + 43 + 402 van de stichting Stichts Tram Museum op de Electrische Museumtramlijn Amsterdam te Bovenkerk; 21 september 2012. Foto: Erik Swierstra.

Uit de Tramweg-Stichting is ook de stichting Stichts Tram Museum (STM) voortgekomen die streeft naar een regionaal trammuseum in de omgeving van Utrecht. Deze organisatie heeft de in Amsterdam verblijvende gerestaureerde NBM-trams (o.a. motorwagen NBM 20 en bijwagen NBM 43 uit de TS-collectie overgenomen.

Aankoop boedel AOM[bewerken]

In september 2010 werden 55 bewaard gebleven trams overgenomen door de Tramweg-Stichting. Het ging om de failliete boedel van het Amsterdams Openbaar-vervoer Museum (AOM). Deze organisatie (niet te verwarren met de Elektrische Museumtramlijn Amsterdam) had sinds 1988 een grote hoeveelheid trams verzameld en deels gerestaureerd en organiseerde tot 2005 toeristische tramritten door Amsterdam. Dit materieel stond van 1996 tot 2005 opgesteld in de remise Tollensstraat. Deze werd echter bestemd voor andere doeleinden (tot 2012 was dit leegstand), zodat (een deel van) de trams in opdracht van de gemeente in 2005 werden overgebracht naar een loods in Amsterdam-Noord.

Het AOM ging in juni 2010 failliet. De Tramweg-Stichting kocht vervolgens met medewerking van gemeente en particulieren de Amsterdamse trams uit de AOM-boedel aan. Het gaat daarbij om onder meer de Amsterdamse Union 144, de ex-Utrechtse 301, de middeninstapper 946 en het nog te restaureren open aanhangrijtuig 606. Het AOM bezat ook trams uit andere steden in binnen- en buitenland, waarvoor een andere bestemming werd gezocht.

Materieeloverzicht (voorjaar 2014)[bewerken]

Replica van motorwagen 2 (ex-Gemeentetram Amsterdam 72), bouwjaar 1903. Remise Frans Halsstraat, Den Haag.
Trammotorwagen 307 (gebouwd in 1910) van de Gemeentetram Amsterdam in de Roetersstraat.

Amsterdam[bewerken]

  • 2 motorwagens: GTA 72 (HTM 2), 307
  • 1 bijwagen: GTA 663
  • 1 dieselloc: GVB H81

Depot Scheveningen / Den Haag[bewerken]

Zijaanzicht van motorwagen NZH A106 bij het openbaar vervoermuseum in Den Haag, 11 september 2011.
  • 6 motorwagens: HTM 77 (ex-H42), HTM 58 (in bruikleen van de EMA), HTM 90 (ex-LTM 610 in bruikleen van ZLSM), NZH A106, A327, TS 14 (ex-HTM 294/H4), HTM PCC 1227 (in bruikleen aan de EMA)
    • NZH-motorrijtuig A327 werd na het einde van de tramdienst in Leiden (1960) geschonken aan de Nederlandse Vereniging van Belangstellenden in het Spoor- en tramwegwezen (NVBS). Die droeg het in 1965 over aan de toen opgerichte Tramweg-Stichting. De A327 werd vanaf 1968 in Rotterdam gerestaureerd en was in 1981 rijvaardig. De A 327 werd in 1913 gebouwd door Beijnes in Haarlem. In die stad reed hij - tot 1918 onder het nummer C27 - in de stadsdienst van de NZH. Na de opheffing van de Haarlemse tram in 1948 wordt de A327 met een aantal gelijksoortige trams naar de Leidse stadstram getransporteerd voor de stadsdienst aldaar. De A327 komt thans regelmatig in Den Haag op straat als ‘Haarlems’ NZH-tramstel met bijwagen B303.
    • NZH-motorrijtuig A106 werd in 1910 gebouwd door Waggonfabrik Uerdingen AG als A6 en kwam als onderdeel van de serie A1 -10 in dienst voor de lijnen Leiden – Katwijk en Leiden – Noordwijk. In 1918 stelde de NZH een nieuw schema vast voor de gebruikte letters bij de nummer aanduiding. Hierdoor kreeg de serie de nummers A101 - 110. Vanaf de buitendienststelling in 1948 tot 1983 is deze tweeassige motorwagen in gebruik geweest als noodwoning en schuurtje in Nieuwkoop. Deze motorwagen werd herbouwd door het TS-Depot Scheveningen. De restauratie duurde tot 2006.
  • 4 bijwagens: TS B37, NZH B 303, NBM 28, HTM 779 (in bruikleen van de EMA)
  • 1 werkmotorwagen: TS H312 (ex-HTM H8)
  • 2 open goederenwagens: NZH C 106, C 117 (ex-Bonn)
  • 1 gesloten goederenwagen: NZH C 32 (reconstructie NZH)

Daarnaast levert het TS-depot Scheveningen onderhoud, ze herstellen elektrische storingen, geven advies en voorzien trams van onderdelen, voor voormalige HTM-PCC-Cars die zich niet in Den Haag bevinden (1006, 1024, 1308, 1311, 2104).

Rotterdam[bewerken]

Parkwagen RETM 192, in originele staat als lijn 12; Remise Kootsekade, te Rotterdam-Hillegersberg.
  • 6 motorwagens: RET 115, 192, 210, 220, 303, 408, 509
  • 1 wagenbak van motorwagen: RET 178; wordt bijwagen RETM 387
  • 2 bijwagens: RET 1008, 1355
  • 1 slijpmotorwagen: RET 2302
  • 2 zoutwagens: RET 545, 2025

Overloon[bewerken]

  • 1 motorwagen: TS 19 (ex-HTM 299/H9)
  • 3 pekelmotorwagens: GVB H39 (ex-334), H44 (ex-328), H46 (ex-339)
  • 2 bijwagens: GTA 822, NBM 23
  • 1 open werkwagen: GVB H2

Boedel ex-AOM[bewerken]

44 Amsterdamse trams:

  • 13 motorwagens: 1 (ex-GTU 75), 144, 236, 321, 340 (ex-H42), 454, 464, 467, 468, 469, 891, 903, 909
  • 9 bijwagens: 721, 739, 807, 816, 820, 946, 958, 961, 968
  • 7 gelede wagens: 586, 602, 665, 709, 734, 776, 869
  • 11 werkwagens: H41, H43, H45, P7 (ex-H37), Rr2, SL2, Sv1, Sv2; H11 (ex-999), H14, H17 (ex-780)
  • 4 incomplete wagenbakken: 133, 606, 679, proeflagevloermiddenbak (ex-886)

8 trams van elders:

2 diversen:

  • eindpunthuisje
  • haltehuisje

Afbeeldingen[bewerken]

Externe links[bewerken]