Trofim Lysenko

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Lysenko bestudeert een korenaar.

Trofim Denisovitsj Lysenko (Russisch: Трофим Денисович Лысенко) (Karlivka, Oekraïne, 17 september [O.S. 29 september] 1898 - Moskou, 20 november 1976) was een bioloog en landbouwkundige uit de Sovjet-Unie. Hij speelde een controversiële rol in de landbouw in de Sovjet-Unie. Zijn ideeën over erfelijkheid, die goed aansloten bij het marxistische gedachtegoed, bezorgden hem na 1945 een zeer grote politieke invloed onder Stalin. Zij bleken echter onjuist. De wijze waarop afwijkingen van Lysenko's "officiële" leer werden onderdrukt, heeft het onderzoek naar genetica in de Sovjet-Unie grote schade berokkend. In de jaren 60 nam zijn invloed sterk af, en werd openlijk erkend dat zijn leer niet met de waarnemingen strookte.

Het belangrijkste onderdeel van Lysenko's ideeën over erfelijkheid, die in wezen een vorm van lamarckisme zijn, is dat de erfelijke eigenschappen van individuele organismen zouden kunnen worden beïnvloed door veranderingen van de omgeving en dat die eigenschappen daarbij veel sneller kunnen veranderen dan door selectie mogelijk is. Deze beweringen moesten worden ondersteund door experimenten met vernalisatie. Hierbij werd bijvoorbeeld wintertarwe in ijskoud water geweekt, waardoor deze wintertarwe zou zijn veranderd in zomertarwe, die sneller rijpt en grotere opbrengsten heeft — en deze eigenschappen zouden dan in volgende generaties behouden blijven.

Dit soort experimenten beloofde tegen geringe inspanning een enorme verbetering in de voedselsituatie van de Sovjet-Unie, die juist in die tijd onder druk kwam te staan door problemen als gevolg van de gedwongen collectivisatie van de landbouw. Sovjet-bestuurders waren daarom zeer voor Lysenko en zijn ideeën geporteerd, waarbij Lysenko's eenvoudige komaf ook een rol speelde. Achteraf is duidelijk dat de geclaimde successen op hun best een kleine verbetering waren of zelfs het als zijn eigen ontdekking claimen van bestaande technieken. Van het overerven van de verworven eigenschappen kan in ieder geval geen sprake zijn geweest.

Lysenko spreekt in het Kremlin in 1935. Rechts achteraan partijchef Jozef Stalin.

Lysenko's ster steeg verder, mede door de persoonlijke bemoeienis van Stalin. In 1940 werd hij aan het hoofd geplaatst van het Instituut voor Genetica van de Academie van Wetenschappen van de USSR. Lysenko toonde zich een fel bestrijder van de "traditionele" genetica zoals die in de Westerse wereld werd bedreven. In 1948 gaf Lysenko zijn beruchte toespraak "over de toestand van de biologie" waarin hij de triomf proclameerde van het "Mitsjoerianisme", Lysenko's aanduiding voor zijn ideeën, die volgens hem waren geïnspireerd op het werk van Mitsjoerin. In diezelfde toespraak deed hij de moderne (Mendeliaanse) genetica af als "reactionair" en een "pseudowetenschap". Hij maakte duidelijk dat zijn denkbeelden de steun hadden van het Centraal Comité van de Communistische Partij. Vanaf dat moment werd wetenschappers niet langer toegestaan af te wijken van deze officiële leer. Critici van Lysenko hielden hun mond, genetici werden ontslagen of gearresteerd. Een van de slachtoffers was de bekwame wetenschapper Nikolai Vavilov die in gevangenschap van honger stierf.

Onder andere door toepassing van vernalisatie wist Trofim Lysenko de oogsten van een paar belangrijke gewassen zoals de tot rubber verwerkte Taraxacum kok-saghyz, te verhogen. Voor zijn verdiensten kreeg Trofim Lysenko de Medaille voor Heldhaftige Arbeid in de Grote Vaderlandse Oorlog 1941–1945. Anderzijds leidde zijn onwetenschappelijke en onzorgvuldige aanpak in een aantal gevallen tot het verslechteren van de voedselproductie en zo tot misoogsten, ondervoeding en hongersnood. Zijn experimenten met het zaaien van rogge en graan in Siberië waren een mislukking.

De theorieën van Trofim Lysenko vielen bij de leidinggevende communisten in goede aarde omdat daarmee kon worden onderbouwd dat in het communistische land een nieuw soort mens; de "Nieuwe Sovjetmens" of нового человека zou ontstaan. De inspanningen van de communistische partij om de oudere generaties op te voeden tot communisten zou de evolutie sprongen laten maken. De jongere generaties zouden het samenleven in een communistische samenleving in hun genen verankerd krijgen. Zo kon het socialisme, het doel van het communisme, snel worden bereikt. In de volgens de communisten "decadente" kapitalistische samenlevingen zou de evolutie van de mens veel langzamer verlopen en niet doelgericht zijn. De versnelde evolutie in de communistische Sovjet-Unie zou ook voor planten en dieren een vergelijkbaar resultaat opleveren. De gewassen en dieren zou in een communistisch land veel sneller worden veredeld dan in het buitenland mogelijk was.

Ook na de dood van Stalin bleef Lysenko's invloed groot doordat hij in Chroesjtsjov een nieuwe beschermheer vond. Wel werd het nu mogelijk om openlijk kritiek te uiten. In 1962 spraken de eminente wetenschappers Zeljdovitsj, Ginzburg en Kapitsa zich uit tegen de "valse wetenschap" en de politieke methoden van Lysenko. In 1964 verklaarde Andrej Sacharov dat hij Lysenko onder meer verantwoordelijk hield voor "de schandelijke onderontwikkeling van de Sovjet-biologie en -genetica". Lysenko werd ontslagen als directeur van het Instituut voor Genetica en raakte in ongenade. Hij stierf in 1976.

Trofim Lysenko was een Held van de Socialistische Arbeid en ontving driemaal de Stalin Staatsprijs voor zijn werk. Hij werd achtmaal met de Leninorde onderscheiden en droeg de Orde van de Rode Banier.

Externe link[bewerken]