Truus Wijsmuller-Meijer
Geertruida (Truus) Wijsmuller-Meijer (Alkmaar, 21 april 1896 – Amsterdam, 30 augustus 1978) was een Nederlandse oorlogsheldin en verzetsstrijdster en waarschijnlijk na Raoul Wallenberg de grootste redder van Joden ter wereld.
Zij is benoemd tot Rechtvaardige onder de Volkeren door het Yad Vashem-instituut in Israël. Naar alle waarschijnlijkheid heeft zij, samen met haar helpers en helpsters, 10.000 Joodse kinderen gered, meer dan in Litouwen de Japanse consul Chiune Sugihara die net als de Nederlandse consul in Litouwen Jan Zwartendijk ongeveer 2300 Joden redde; ook Oskar Schindler redde veel minder mensen, namelijk 1000, en Sir Nicholas Winton met zijn Praagse kindertreinen 900.
Gertruida Meijer was een bankiersdochter. Ze ging in Alkmaar naar de Handelsschool. In 1912 verhuisde het gezin naar Duivendrecht. In 1914 kreeg zij haar eerste baan, bij een bank. Daar leerde zij haar echtgenoot, de bankier J.F. Wijsmuller (Amsterdam, 25 februari 1894) kennen: zij huwden in 1923. Na haar huwelijk stopte zij met werken, in de verwachting spoedig moeder te worden. Maar toen dit uitbleef begon zij meer en meer sociaal werk te verrichten. Ze begon in 1938 met het redden van Joodse kinderen, deed in de oorlog illegaal werk en werd na de oorlog raadslid voor de VVD in Amsterdam.
Inhoud |
Kindertransporten [bewerken]
Zij was bevriend met de verzetsvrouw Mies Boissevain-van Lennep, die zij kende van de Vereeniging voor Vrouwenbelangen en Gelijk Staatsburgerschap (VVGS). Vanaf de jaren dertig regelde ‘Tante Truus’ (zoals ze al gauw genoemd werd) samen met onder meer Mies Boissevain kindertransporten voor onder meer het Comité voor Bijzondere Joodse Belangen waarmee ze in totaal 10.000 Joodse kinderen uit Duitsland en Oostenrijk via Nederland in Engeland redde. In Duitsland werkte zij op dat gebied samen met Recha Freier, de vrouw van een Berlijnse rabbi. Ze liet zich niet intimideren, maakte desnoods stampei, palmde spoorwegmannen met cadeautjes en Duitse officieren met charme in als ze daarmee een kind kon redden. Ze moest onder meer onderhandelen met de man die later de organisator van de Jodenuitroeiing zou worden, de SS'er Adolf Eichmann, toen actief in Wenen. Eichmann wilde een grap met haar uithalen: geen onderhandeling, ze kon meteen 600 Weense joodse kinderen meekrijgen. Dat lukte en binnen enkele dagen bracht ze hen naar Hoek van Holland, vanwaar vijfhonderd van hen direct doorreisden naar Groot-Brittannië. De overige honderd kinderen werden in Den Haag opgevangen.
Hierna kregen de transporten meer structuur en werd een maximum van 150 kinderen per keer afgesproken. Een paar maal per week reisde 'tante Truus' naar Duitsland om ze op te halen, totdat de bezetting een einde maakte aan het reddingswerk op deze schaal omdat de grenzen naar Engeland dicht gingen.
Mevrouw Wijsmuller hoorde in Parijs over de Duitse invasie van Nederland. Ze kwam zo snel mogelijk terug naar Amsterdam. Daar kreeg ze van de garnizoenscommandant van Amsterdam te horen dat ze de Joodse kinderen uit het Burgerweeshuis naar IJmuiden moet brengen, zodat ze naar Engeland kunnen. Onderweg wordt nog een aantal kinderen opgepikt en in IJmuiden worden er in totaal 74 kinderen aan boord van het schip het SS Bodegraven gebracht, het laatste dat de haven verlaat. Mevrouw Wijsmuller ging zelf niet mee omdat ze bij haar man wilde blijven. De Bodegraven was hetzelfde schip waarop de beroemde kunsthandelaar Jacques Goudstikker en zijn familie naar Engeland reisden (en waarbij Goudstikker door een ongeval omkwam). Het schip voer naar Engeland, maar vanwege de Duitse nationaliteit van de kinderen mochten ze niet aan wal komen. Eén kind overleed de eerste nacht aan boord. Het schip voer verder naar Belfast, maar meerde uiteindelijk op 19 mei aan in Liverpool. De kinderen verbleven de hele oorlog in tehuizen of bij families in Engeland[1]
Tijdens de bezetting bleef Truus Wijsmuller Joden helpen om het land uit te komen[1].
Verzetswerk [bewerken]
Tijdens de bezetting zette ze haar reddingen illegaal voort. Voor het Nederlandse Rode Kruis bracht zij pakketten naar vluchtelingenkampen in Zuid-Frankrijk. Als de gelegenheid het toeliet, nam ze joodse kinderen mee en smokkelde ze naar Vichy-Frankrijk of Spanje. In 1942 zat ze kortstondig vast bij de Gestapo in de Euterpestraat in Amsterdam. De Gestapo verdacht haar - terecht - van een operatie om tientallen joden naar Zwitserland te smokkelen, maar moest haar vrijlaten omdat er geen bewijs was en 'tante Truus' geen enkele nuttige inlichting gaf.
Naarmate de oorlog vorderde, wijdde zij zich aan de voedselvoorziening. Ze stuurde duizenden pakketten naar kampen als Westerbork en Theresienstadt en bezorgde wekelijks eendeneieren aan bejaardenhuizen in Amsterdam. Tijdens de hongerwinter bleef ze zorgen voor de ondervoede kinderen in de Randstad. Ze bracht velen over het IJsselmeer naar Groningen, Friesland, Overijssel en Drenthe om aan te sterken.
Na de oorlog [bewerken]
Na de oorlog werd ze in 1945 lid van de Amsterdamse gemeenteraad, en bleef dat voor de VVD tot 1966. Zij was verder betrokken bij de oprichting van werkplaatsen voor gehandicapten.
Na de oorlog neemt ze zitting in het bestuur van de Anne Frank Stichting.
Een rouwadvertentie na haar overlijden: 'Moeder van 1001 kinderen, die het redden van joodse kinderen tot haar levenstaak heeft gemaakt'.
Monumenten [bewerken]
- Een beeld van haar, gemaakt door Herman Janzen, werd in 1965 onthuld in het Beatrixoord in het Oosterpark in Amsterdam. Toen het Beatrixoord werd opgeheven nam tante Truus het beeld mee naar huis. Na haar dood in 1978 is het herplaatst op het Bachplein.
- In november 2011 werd een monumnent in Hoek van Holland onthuld door burgemeester Aboutaleb, ter herinnering aan de 10.000-den Joodse kinderen die vanaf daar neer Engeland vertrokken. Het monument werd gemaakt door Frank Meister, één van die kinderen. Hij heeft ook drie monumenten gemaakt die al in Gdańsk, Berlijn en Londen staan.
- In Amsterdam, Gouda, Leiden, Pijnacker en Coevorden zijn straten naar haar vernoemd en in Leiden ook nog een tunnel.
- Planetoïde nummer 15296 is naar haar vernoemd en draagt de naam Tantetruus.
Onderscheiden [bewerken]
- Officier in de Orde van Oranje-Nassau
- Ereburgeres van Amsterdam
- Reconnaissance van de Franse regering
Externe links [bewerken]
- Website Anne Frank over Truus Wijsmuller
- Beeld op Bachplein: [1], [2]
Referenties [bewerken]
Bronnen, noten en/of referenties
|