Tsaar

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Tsaar (Bulgaars: цар, Russisch: царь) is een vorstelijke titel voor de historische heersers van Bulgarije, Servië en Rusland. Afhankelijk van het land en de tijd kan tsaar gelijkgesteld worden met keizer of koning.

Het woord tsaar gaat, net als het Nederlandse woord keizer, terug op het Latijnse caesar. De vrouw van de Russische tsaar werd tsarina genoemd (de Russen zelf spreken overigens van tsaritsa), de zoons en dochters respectievelijk tsarévitsj en tsarévna. Voor de troonopvolger bestond de aanduiding tsesarevitsj.

Rusland[bewerken]

Tsaar Nicolaas II

Voor 1547 noemden de heersers van Moskou zich grootvorst. De eerste die zich met de titel tsaar tooide, was Ivan IV, ook wel bekend als Ivan de Verschrikkelijke. In 1613 kwam de tsarentitel in handen van Michael Romanov, het begin van de Romanov-dynastie, die aan de macht zou blijven tot de Russische Revolutie van 1917. De laatste Russische tsaar was Nicolaas II.

In het streven om Rusland te verwesteren verving Peter de Grote de titel tsaar door de officiële titel imperator. In de praktijk bleef tsaar echter populair.

Bulgarije[bewerken]

De titel tsaar van de vorsten van Bulgarije tussen 1908 en 1946 is gelijk te stellen aan koning. Ook in de perioden 893-1014 en 1186-1396 werd Bulgarije door tsaren geregeerd.

Servië[bewerken]

Tussen 1346 en 1371 voerden twee Servische vorsten (Stefan Uroš IV Dušan en Stefan Uroš V) de titel tsaar. Lazar Hrebeljanović (1371-1389) werd bij zijn dood heilig verklaard als Heilige Martelaar en Tsaar Lazar.

Zie ook[bewerken]