Tweede feministische golf

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Tweede feministische golf is de benaming voor een brede heropleving van het feminisme, ook wel vrouwenbeweging, in de jaren zestig, zeventig en tachtig van de twintigste eeuw. Tijdens de Eerste feministische golf, aan het eind van de negentiende eeuw werd vooral gestreden voor het recht van vrouwen op deelname aan hoger onderwijs en openbaar bestuur (actief en passief kiesrecht). Voorvrouwen in Nederland waren onder meer Aletta Jacobs en Wilhelmina Drucker. De tweede feministische golf startte rond het thema recht op betaald werk en deelname aan het maatschappelijke leven maar breidde zich snel uit tot een krachtige brede beweging met vele thema's.

Geschiedenis[bewerken]

In de Verenigde Staten wordt het boek The feminine mystique uit 1963 van Betty Friedan algemeen als aanjager in de tweede feministische golf beschouwd. Friedan beschreef de structurele frustratie over het nieuwe huisvrouwenbestaan van vrouwen: zij werden geacht voldoening te halen uit de prestaties van man en kinderen. Friedan verwondert zich er over dat vrouwen hier zelf aan meededen en analyseert maatschappelijke mechanismen die daartoe aanzetten. Friedans conclusie was dat vrouwen alleen gelukkig kunnen worden als ze een eigen identiteit ontwikkelen.[1] Hierop ontving Friedan zóveel brieven, dat ze actief ging deelnemen aan de prille Women's Liberation Movement en de National Organisation of Women (NOW) oprichtte.

In Europa beschouwt men het boek Le deuxième sexe van de Franse filosofe Simone de Beauvoir[2] uit 1948 als aanzet; het duurde echter ruim 15 jaar voordat dit werk in het Nederlands vertaald werd en het feministisch rumoer uitbrak.

In Nederland schreef intellectueel Joke Smit in 1967 het artikel Het onbehagen bij de vrouw over de Beauvoirs studie in het literaire tijdschrift De Gids. Smit zei daarin over haar onvrede met de maatschappelijke positie van vrouwen: 'Ik kan alleen maar hopen dat sommige vrouwen mijn onbehagen delen en dat een grotere groep het op den duur zal gaan delen.'[3] Naar aanleiding van de vele instemmende reacties op het artikel, richtte Smit met Hedy d'Ancona en anderen in oktober 1968 het platform Man Vrouw Maatschappij (MVM) op. Smit was overtuigd van het nut van beleidsbeïnvloeding en vond dat vrouwen een actieve rol moesten gaan spelen in maatschappelijke instituties.

Archieven van personen en organisaties uit de Tweede feministische golf berusten bij het Internationaal Archief voor de Vrouwenbeweging te Amsterdam.

Ideologie en doelen[bewerken]

Doelen in de Tweede feministische golf waren onder meer:

  • doorbreking van het huisvrouwensyndroom volgens analyses van Friedan
  • economische zelfstandigheid
  • herverdeling van zorgverantwoordelijkheden
  • herverdeling van huishoudelijke taken
  • deelname van vrouwen aan betaalde arbeid
  • deelname van vrouwen aan het hoger onderwijs
  • deelname aan openbaar bestuur en politiek
  • een gelijkwaardige positie in de maatschappij
  • seksuele bevrijding
  • uitbannen van vrouwenmishandeling
  • uitbannen van seksueel geweld tegen vrouwen
  • opheffen van eenzijdigheid van weergave in media, waaronder pornografie
  • erkenning van prostitutie als vak, bescherming van prostituees

MVM vroeg onder meer aandacht voor gelijke kansen in het onderwijs en voerde actie voor het bestrijden van sekse-stereotype beperkingen. Meisjes moesten bewust kunnen kiezen voor een vervolgopleiding, los van het traditionele verwachtingspatroon waardoor ze steeds in dezelfde 'vrouwenberoepen' terecht kwamen.

Richtingen[bewerken]

Er bestonden talloze verschillende denkrichtingen, analyses en methoden om de gestelde doelen te bereiken waarbij scheidslijnen niet precies zijn vast te leggen. Een bekende tweedeling is die in emancipatiebeweging en feministische beweging. De eerste koos voor een weg door de instituties en gebruikte bekende vaste organisatiestructuren, de tweede nam een onafhankelijke, autonome route in losse, vaak naar anarchistische principes geordende initiatieven en groepen. Vrouwen en groepen uit de tweede richting omschrijven zichzelf wel als "radicaal" en/of "anarcha" of worden door anderen met deze titels beschreven. Wat betreft de te bereiken doelen waren beide richtingen objectief als radicaal te beschouwen - beide streefden een nieuwe inrichting van de maatschappij na die alleen met ingrijpende veranderingen te bereiken was

Groepen en organisaties[bewerken]

Het platform MVM zou een belangrijke rol spelen in de emancipatiebeweging van de jaren zeventig en tachtig. Ze was bakermat van een groot aantal emancipatoire en feministische initiatieven en broedplaats voor politici en bestuurders die vrouwenemancipatie nastreefden. Voorts functioneerde MVM op talloze gebieden als schakel tussen feministische actiegroepen, instellingen en andere initiatieven 'aan de basis', en Nederlandse instituten zoals vakbonden, SER, hogescholen en universiteiten en organen van het Nederlands openbaar bestuur.

De eerste groep die zich uit MVM ontwikkelde was Dolle Mina. Een groep studenten in Amsterdam beschouwde Man Vrouw Maatschappij als te reformistisch en richtte in 1970 de feministische actiegroep Dolle Mina op naar aanleiding van de Maagdenhuisbezetting in de zomer van 1969. Mensen van het eerste uur waren onder andere Rita Hendriks, haar vriend Alex Korzec, geschiedenisstudente Selma Leydesdorff, Michael Korzec, Anne Marie Philippens en haar man Huub Philippens, en studente scheikunde Nora Rozenbroek. Dolle Mina breidde zich razendsnel over Nederland uit en in de eerste twee jaar organiseerden Dolle Mina-groepen bijna wekelijks acties of vergaderingen door het hele land.

Uit en naast Dolle Mina ontstonden nieuwe groepen die zich op aparte thema's richtten. Wij Vrouwen Eisen, Paarse September, De Bonte Was, Lesbian Nation, Cinemien, De Vrouwenkrant, FemSoc, Feministische Oefengroepen Radicale Therapie, Vrouwen tegen Verkrachting. Dolle Mina als actiegroep verdween naar de achtergrond. Reeds bestaande groepen als de Nederlandse Vrouwen Bond werd nieuw leven ingeblazen, er werd jaarlijks in de openlucht een Vrouwenfestival georganiseerd en uit discussies en congressen ontstonden nieuwe actiegroepen als Vrouwen tegen seksueel geweld[4] en de Strijdijzers.

Op verzoek van onder andere Man Vrouw Maatschappij (MVM) riep de Nederlandse regering in 1974 een Nationaal Comité Internationaal Jaar van de Vrouw 1975 in het leven om voorbereidingen te treffen voor de Nederlandse deelname aan dit speciale VN-jaar. Het grootste deel van de werkzaamheden die het comité in 1975 verrichtte bestond uit het geven van subsidies aan organisaties en groepen die aan de basis van onze samenleving activiteiten ontwikkelden. Het comité gaf ook opdracht tot een aantal speciale activiteiten en nam diverse initiatieven. Onder redactie van onder anderen Ageeth Scherphuis en Anja Meulenbelt verscheen een informatieblad Zijwijzer. De hoofdthema's van de vier nummers waren 'Wat denkt u van het jaar?', Solidariteit, De Huisvrouw en Activiteiten tot Emancipatie. Toen de VN het Jaar van de Vrouw presenteerden, ondernamen vele anderen vrouwen actie onder de leus "Geen Jaar, maar een Leven voor de Vrouw".

Kenmerkende principes en methoden[bewerken]

Kenmerkend voor de feministische denk- en handelwijze in de Nederlandse tweede feministische golf was de onafhankelijke doe- en daadkracht van de verschillende groepen. Er werd niet alleen gedemonstreerd, vergaderd, gesproken, gelezen, geanalyseerd, geschreven en gepubliceerd, maar feministen begonnen talloze strijdorganisaties, waar ondersteuning aan vrouwen als onderdeel van de strijd werd geboden, of zaken werden geproduceerd die reguliere bedrijven niet boden. De emancipatiebeweging richtte zich in de regel op bestaande instanties en daar golden (vrouwenonderdrukkende) regels. Feministen organiseerden zich meestal buiten bestaande instituties in autonome organisaties. Ze kraakten of huurden panden en namen ze in gebruik als Vrouwenhuis, waar emancipatie- en feministische groepen onderdak kregen, als Blijf van m'n Lijf, waar mishandelde vrouwen naar toe konden, als vrouwenboekhandel, feministische uitgeverij, vrouwencafé, vrouwendrukkerij of Meidenwegloophuis.[5] Ze richtten Cinemien op, Vrouwen tegen Verkrachting, de Vrouwenradio, Moedermavo, Mama Cash en het Proefprocessenfonds Rechtenvrouw[6]. Zo bood de feministische beweging vrouwen een directe en reële mogelijkheid uit een (bedreigende) persoonlijke situatie te stappen, feministische / emancipatorische veranderingen in haar eigen leven door te voeren, of te lezen en horen over feministische ideeën. Veel van deze organisaties bestaan in een of andere vorm nog steeds. De jaarlijkse demonstratie Vrouwen eisen de nacht terug die in 1976 op initiatief van VTSG Amsterdam werd georganiseerd, bestaat ook nog steeds.

Er werden ook wel eens bestaande juridische regels overtreden, een handelwijze die berustte op het toen in de belangstelling staande principe van "burgerlijke ongehoorzaamheid". Burgers mogen onder bijzondere omstandigheden in opstand komen tegen de staat of weigeren overheidsmaatregelen uit te voeren, ook als dat in strijd komt met geldend recht.

Een ander kenmerk van emancipatoire en feministische groepen was, dat de medewerksters zo veel mogelijk anoniem bleven. Ter bescherming tegen direct persoonlijk geweld of tegen justitie, maar ook om uit het onderdrukkende patroon te stappen dat weinig mensen aandacht krijgen en in de geschiedenisboeken worden herinnerd, en het werk door velen wordt gedaan.

Een dergelijke uitgebreide, krachtige, ondernemende en rijk geschakeerde veranderingsbeweging had en heeft Nederland niet eerder gekend.

In België wordt de 'Tweede feministische golf' vooral gekenmerkt door het massale succes van de "traditionele" vrouwenbewegingen (KAV, SVV, KVLV).

Leuzen[bewerken]

  • "Baas in eigen buik" (Dolle Mina, Wij Vrouwen Eisen, 1970-1980)
  • "Het persoonlijke is politiek" (Man-Vrouw-Maatschappij, vrouwenbeweging, 1971-1982)
  • "Hé zus, ze houden ons eronder" Joke Smit, strijdlied
  • "Marie wordt wijzer". (Man Vrouw Maatschappij, 1971-1986)
  • "Blijf van m'n Lijf"
  • "De vrouw beslist", Wij Vrouwen Eisen
  • "Schat, staat de Bokma koud? Ja en je eten ook" (Blijf van m'n Lijf)
  • "Vrouwen die fluiten verdienen hun eigen duiten" (variant op "vrouwen die fluiten hebben een man met duiten")
  • "Als een meisje nee zegt, bedoelt ze nee" (Vrouwen tegen Seksueel Geweld, Amsterdam, 1976- )
  • "Liever Lesbisch" Lesbian Nation
  • "Een beetje vent strijkt zijn eigen overhemd" (Nederlandse overheidscampagne in de jaren 80).

De Tweede feministische golf viel samen met andere emancipatiebewegingen als de homobeweging, de kraakbeweging, en (vooral in de VS) de antiracismebeweging. Halverwege de jaren negentig kwam schuchter een Derde feministische golf op (in Nederland aangejaagd door het blad Furore en Stichting Fémi) die inmiddels gedragen lijkt te gaan worden door moslimfeministen.

Zie ook[bewerken]

Feministische filosofie

Bronnen, noten en/of referenties
  • Van de Loo, Vilan, De vrouw beslist. De tweede feministische golf in Nederland, Inmerc 2005.
  • Van Baalen, Anneke en Ekelschot, Marijke, Geschiedenis van de Vrouwentoekomst, Amsterdam, De Bonte Was, 1980.

Noten en referenties[bewerken]

  1. Friedan, Betty, The Feminine Mystique, New York, 1963
  2. De Beauvoir, Simone, Le deuxième sexe, 1949, Paris Gallimard - vertaling De tweede sekse, Bijleveld, Utrecht, 1965
  3. Dbnl.org: Joke Smit, Het onbehagen bij de vrouw
  4. Roggeband, Conny, Over de grenzen van politiek: een vergelijkende studie naar de opkomst en ontwikkeling van de vrouwenbeweging tegen seksueel geweld in Nederland en Spanje, Diss. KU Nijmegen, Assen, Van Gorcum (2002)
  5. link naar geschiedenis 'Vrouwenschool, één van deze panden
  6. link naar website proefprocessenfonds voor vrouwen