United States Motor Company

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Advertentie voor een Brush runabout uit 1912.

De United States Motor Company was een automobielconcern in de Verenigde Staten. Het bedrijf werd in 1910 opgericht door Benjamin Briscoe die voorgaand ook al medeoprichter was van de Maxwell-Briscoe Company. De USMC was bedoeld als een holding boven vele automerken zodat die gemakkelijker aan financiële middelen konden geraken en hun producten konden verkopen. De USMC ging in 1913 failliet na conflicten met twee investeerders die ook belangen hadden in concurrent General Motors.

Geschiedenis[bewerken]

Benjamin Briscoe was al jaren een geldschieter in de toen nog jonge autoindustrie. Hij had David Buick's eerste auto gefincancierd in 1901 en Maxwell-Briscoe Company mee opgericht in 1903. Hij kwam op het idee om de vier grootste Amerikaanse autobouwers van het moment, Buick, Ford, Oldsmobile en zijn eigen Maxwell, samen te brengen in één groot concern. In 1908 richtte hij daartoe de International Motor Company op, maar de onderhandeling faalden. In december 1909 werd het bedrijf omgedoopt tot United States Motor Company. Tegen het einde van 1910 had het concern 11 bedrijven onder haar vleugels. Er waren even geruchten dat ook het pas gevormde General Motors zou fuseren, maar die werden snel de kop ingedrukt. Nog in 1910 richtte Briscoe United Motors International op. Die divisie was verantwoordelijk voor de verkoop in het buitenland en richtte zich daarbij vooral op het Verenigd Koninkrijk.

Het bedrijf zei toen 18 fabrieken te hebben met 14.000 werknemers die 52.000 voertuigen per jaar konden bouwen. In 1911 had de USMC 52 modellen in de aanbieding en de verkoop was met 57% gestegen ten opzichte van het voorgaande jaar. Briscoe klaagde meermaals de terughoudendheid van zijn financiers aan. In september 1912 vroeg hij het faillissement aan. De bankiers wijtten dit aan slecht bestuur. Een conclict tussen twee van die bankiers, die ook belangen hadden in concurrent General Motors, leidde uiteindelijk tot het einde. Eind 1912 verliet Briscoe zijn bestuurspositie en werd de zaak overgenomen door Walter Flanders. Die verkocht de bedrijven en hun activa in januari 1913 voor $7.080.000. Zelf kocht hij Maxwell Motor Company met activa en absorbeerde daarin ook zijn eigen Flanders Automobile Company. Maxwell was het enige bedrijf dat het faillissement overleefde. In 1925 werd het gereorganiseerd om Chrysler te worden.

Onderdelen[bewerken]

Zie ook[bewerken]