Uriël (aartsengel)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Verbeelding van Uriël

Uriël (Hebreeuws: אוּרִיאֵל , El) is een van de aartsengelen van het christendom en het jodendom. Uriël betekent 'God is licht'.

Uriël in het Jodendom[bewerken]

In het canoniek Oude Testament komt de aartsengel Uriël niet voor. Uriël verschijnt pas in de Joodse traditie na de Joodse ballingschap in Babylonië (zesde eeuw voor onze jaartelling).

In het Eerste boek van Henoch[1] wordt Uriël beschreven als 'een van de heilige engelen die gaat over de wereld en over Tartarus'.[2] Volgens dit geschrift werd Uriël door God naar Noach toegezonden om hem te waarschuwen voor de Zondvloed. Noach moet zich verbergen en zich niet meer in het openbaar vertonen. Ook krijgt hij van Uriël de opdracht en aanwijzingen om een ark te bouwen om de watervloed te overleven.[3]

Uriël wordt vaak gezien als cherubijn die "aan de poort van de tuin van Eden, met een brandend zwaard" of de engel die over de "onweer en de terreur waakt". In het leven van Adam en Eva wordt Uriël gezien als een cherubijn in het derde hoofdstuk van Genesis. Tegenwoordig wordt Uriël in de angelologie gezien als een serafijn, cherubijn, regent van de zon, vlam van God, engel van de Heilige Geest, waker over het dodenrijk of aartsengel van de redding.

Uriël in het Christendom[bewerken]

Uriël komt ook in het canonieke Nieuwe Testament niet voor, en wordt daardoor door o.a. de Rooms-katholieke Kerk niet erkend en vereerd. Maar toch is Uriël ook in de christelijke traditie opgenomen. Er is een overlevering dat Uriël Zacharias en Elisabet, de ouders van Johannes de Doper, aanspoort om naar Egypte te emigreren om zich bij Jozef en Maria en de jonge Jezus te voegen. Deze hereniging is door Leonardo da Vinci afgebeeld op zijn schilderij Maagd op de rotsen.

Referenties[bewerken]

  1. Het Boek van Henoch kan (en) hier online worden gelezen
  2. 1 Henoch 20:2,3
  3. 1 Henoch 10:1-4