Uryu Sotokichi

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Uryū Sotokichi
De Fusō
De Varjag en de Korietz te Chemulpo.

Baron Uryū Sotokichi (瓜生 外吉, Uryū Sotokichi; Kanazawa, 2 januari 1857Tokio, 11 november 1937) was een admiraal van de Keizerlijke Japanse Marine die vocht in de Russisch-Japanse Oorlog.

Samoerai in Amerika[bewerken]

Uryū Sotokichi werd geboren in een familie van samoerai. Hij werd één van de eerste cadetten van de Academie van de Keizerlijke Japanse Marine, maar studeerde er niet af. In plaats daarvan werd hij op 9 juni 1875 naar de United States Naval Academy te Annapolis (Maryland) gestuurd. Hij keerde op 2 oktober 1881 terug.

Schepen en attaché in Frankrijk[bewerken]

Als luitenant diende hij in de jaren 1880 op het korvet Kaimon, het pantserschip Fusō en de kruiser Nisshin. Op 23 juli 1891 kreeg hij het bevel over de kanonneerboot Akagi. Van 5 september 1892 tot 31 augustus 1896 ging hij naar Frankrijk als militair attaché van de marine.

Chinees-Japanse Oorlog[bewerken]

Bij uitbraak van de Eerste Chinees-Japanse Oorlog voerde Uryū kort het bevel over de kruiser Akitsushima en dan opnieuw over zijn vroeger schip Fusō.

Gevangenis en carrière[bewerken]

Op 1 februari 1898 werd hij kapitein van de kruiser Matsushima. Vanaf 5 april 1898 zat hij in de gevangenis. Op 16 juni 1898 kwam hij vrij en werd hij kapitein van het slagschip Yashima. Op 21 mei 1900 werd hij schout-bij-nacht en hoofd van de generale staf van de keizerlijke Japanse marine.

Russisch-Japanse Oorlog[bewerken]

Uryū werd vice-admiraal op 6 juni 1904. In de Russisch-Japanse Oorlog voerde hij het bevel over het tweede eskader in de Slag bij Chemulpo. Uryū blokkkerde de Koreaanse haven Incheon, waar de kruiser Varjag en de kanonneerboot Korietz voor anker lagen. Op 9 februari 1904 probeerden die uit te breken, maar Uryū hield ze tegen en ze moesten naar de haven terugkeren en hun eigen schepen doen zinken. In de Slag bij Tsushima op 27-28 mei 1905 voerde hij de vierde divisie van het tweede eskader aan.

Eerbetoon[bewerken]

Hij ontving in 1906 de Orde van de Rijzende Zon en de Orde van de Gouden Wouw. Hij werd op 22 november 1906 bevelhebber van het Marinedistrict Sasebo in Nagasaki (prefectuur). Op 21 september 1907 werd hem de titel van baron danshaku verleend. Hij werd op 1 december 1909 commandant van het Marinedistrict Yokosuka. Op 16 oktober 1912 werd hij admiraal. Hij vertegenwoordigde Japan bij de opening van het Panamakanaal in 1912.