Uta Hagen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hagen als Desdemona in Othello, met Paul Robeson

Uta Thyra Hagen (Göttingen, 12 juni 1919 - New York, 14 januari 2004) was een van oorsprong Duitse, maar op haar vijfde met haar familie naar de Verenigde Staten geëmigreerde actrice. Ze won haar eerste Tony Award voor haar rol in het toneelstuk The Country Girl (1951), haar tweede voor het spelen van Martha in de allereerste versie van Who's Afraid of Virginia Woolf? (1963) en kreeg in 1999 een derde, speciale Tony voor haar hele carrière.

Hagen debuteerde in 1945 als actrice in de televisiefilm Victory, een verfilming van een boek van Joseph Conrad. Haar carrière voor de camera bleef niettemin beperkt tot een zestal titels. Mede door haar affiliatie met Paul Robeson belandde ze ten tijde van de communistenjacht van Joseph McCarthy namelijk op de Hollywood blacklist, waardoor het verboden werd haar filmrollen aan te bieden. Daardoor speelde Hagens loopbaan zich voornamelijk af in theaters. Haar spaarzame rollen op film leverden haar niettemin toch een paar keer nominaties voor film- en televisieprijzen op. Zo werd Hagen in 1979 genomineerd voor een Saturn Award voor haar bijrol als Frieda Maloney in de boekverfilming The Boys from Brazil. Ook werd ze twee keer genomineerd voor een Daytime Emmy Award. De eerste keer was dat in 1986 voor haar spel in de soapserie One Life to Live en de tweede keer in 1988 voor dat in Seasonal Differences, een aflevering in de serie ABC Afterschool Specials.

Hagen was van 1938 tot 1948 getrouwd met de Puerto Ricaanse acteur José Ferrer, met wie ze in 1940 dochter Leticia Ferrer kreeg. In 1957 hertrouwde ze met de Oostenrijk-Hongaarse acteur Herbert Berghof, met wie ze samenbleef tot aan zijn overlijden in 1990. Hagens broer Holger Hagen werkte tussen 1954 en 1986 ook als acteur, met name voor televisieproducties.

Filmografie[bewerken]