Vaginale candidainfectie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Esculaap     Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.
Vaginale candida infectie
Candidiasis urogenitalis
ICD-10 B37.3
ICD-9 112
Portaal  Portaalicoon   Geneeskunde

Een vaginale candidainfectie, Candida-vaginitis of 'urogenitale candidiasis' is een infectie in de vagina, veroorzaakt door de gist Candida albicans. Infectie met dit organisme kan ook op andere plaatsen klachten geven, zie hiervoor candidiasis.

Dit micro-organisme is normaal op de huid, in de darmen en ook wel wat in de vagina aanwezig. Soms kunnen de aantallen echter opeens toenemen en klachten veroorzaken. Het is dus geen geslachtsziekte, al komt het wel voor dat als de partner niet tegelijkertijd wordt behandeld de klachten snel terugkomen.

Klachten en symptomen[bewerken]

Jeuk, die kan variëren van licht tot ondraaglijk, branderig gevoel, roodheid van de vaginale slijmvliezen en soms ook van de omliggende huid. Verandering van de afscheiding, vaak brokkelig, wittig en kazig.

Behandeling[bewerken]

Vaginaal: in de vagina te brengen tabletten of zalf met een antifungaal middel zoals miconazol gedurende een of enkele dagen, zalf voor de omliggende huid en het is verstandig[bron?] ook eventuele sekspartner(s) een weekje mee te laten smeren. De man dient de zalf gedurende een week tweemaal per dag onder de voorhuid te smeren.

Oraal: er bestaan tabletten (fluconazol) die na eenmalige inname ongeveer een week lang werken. Ze zijn echter relatief duur en geven wat meer kans op algemene bijwerkingen, zodat meestal eerst getracht wordt met lokale behandeling uit te komen.

Bevorderende factoren[bewerken]

  • Zwangerschap.
  • Pilgebruik (dat wil zeggen van de anticonceptiepil) heeft enigszins invloed.
  • Suikerziekte. Het verdient dus aanbeveling[bron?] bij herhaaldelijk terugkerende candidiasis de suikerspiegel te bepalen.
  • Verder overmatige/misplaatste hygiëne: het 'reinigen' van de vagina met water en zeep, of door uitspoelen met een douche of ontsmettende oplossingen vermindert de weerstand van het slijmvlies en is de oorzaak van veel ellende.[bron?] Van belang is dat de natuurlijke balans van de vaginale flora intact blijft. Een verandering in de vaginale pH-waarde verhoogt de kans op bacterie groei. De zuurgraad van de vagina behoort tussen de 3,8 en 4,5 te liggen. Bij een hogere pH-waarde (lagere zuurgraad) neemt de kans op bacteriële vaginose sterk toe. Indien er geen klachten zijn is eenmaal per dag met gewoon lauw water alleen van buiten afspoelen en droogdeppen voldoende om de natuurlijke barrières intact te houden.
  • Tenslotte treedt het vrij vaak op na behandeling met antibiotica, vooral breedspectrum-antibiotica; door de verstoring van de normale vaginale flora krijgt de gist een grotere kans.