Vandaalse Rijk

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Regnum Vandalorum
 West-Romeinse Rijk 439–533 Byzantijnse Rijk 
Kaart
Vandaalse rijk in zijn grootste omvang onder koning Geiserik
Vandaalse rijk in zijn grootste omvang onder koning Geiserik
Algemene gegevens
Hoofdstad Carthago
Talen Vandaals, vulgair Latijn
Religie(s) Arianisme, Katholicisme
Regering
Regeringsvorm Monarchie
Dynastie Vandaalse koningen
Staatshoofd Koning

Het Vandaalse Rijk of Vandalenrijk (Latijn: Regnum Vandalorum) was het vroegere koninkrijk van de Vandalen in Noord-Afrika, dat werd gesticht door koning Geiserik nadat hij dit gebied van de Romeinen afhandig had gemaakt. Vanuit Afrika onderwierpen de Vandalen Sicilië, Sardinië, Corsica en de Balearen. De Vandaalse vorsten resideerden in Carthago. Bijna een eeuw lang waren de Vandalen een belangrijke macht in het Middellandse Zeegebied.

Grote Volksverhuizing[bewerken]

In december 406 vielen de Vandalen vanuit het vrije Germanië de Romeinse provincie Gallië binnen. Samen met de Alanen en Sueven trokken zij verder naar het zuiden, onderweg de rijke Romeinse landgoederen en steden plunderend, en bereikten in oktober 409 Spanje. Aanvankelijk verbleven zij in het Noordoosten en vervolgden van daaruit hun rooftochten. De Romeinen waren niet in staat om hun te verdrijven en daarom werden in 411 met hen zogenaamde foederati-verdragen gesloten. De Vandaalse Silingen viel de welvarende provincie Hispania Baetica (de huidige autonome regio Andalusië in Zuid-Spanje) toe. De Alanen verkregen Lusitanië (het huidige Portugal) en de Vandaalse Hasdingen en Sueven moesten het eens worden in Galicië, het Noordwesten van Spanje.

Verovering van Afrika[bewerken]

Aanvankelijk zag het er naar uit dat de nieuwkomers zich blijvend in Spanje konden vestigen, maar de komst van de Visigoten in 415 maakte hier een einde aan. De Visigoten die zeer talrijk waren en het rijke gebied voor zichzelf wilden 'reserveren' bleven militaire druk uitoefenen op de Vandalen en noodgedwongen staken dezen onder leiding van hun bekendste koning Geiserik over naar Noord-Afrika waar de welvarende romeinse provincies Mauretania Tingitana, Mauretania Caesariensis en Africa lagen. Ze trokken langs de kuststroken van dit gebied oostwaarts waarbij ze de kuststeden veroverden. Bij de belegering van Hippo Regius kwam ook de bekende bisschop en theoloog Augustinus van Hippo om het leven. Uiteindelijk bereikten zij de grootste stad van Noord-Afrika, Carthago (in het huidige Tunesië), het tweede centrum van Romeinse cultuur en de tarweschuur die grotendeels Italië van voedsel voorzag, en slaagden erin het te bezetten (439). Ze hadden door een krijgslist de stad vrijwel ongeschonden in handen gekregen maar belangrijker was dat ze eveneens de Romeinse vloot van de stad vrijwel intact konden overnemen, die deze stad als basis had. Hier vestigden ze zich, bouwden snel de veroverde vloot uit tot een geduchte macht en hielden zich de volgende eeuw voornamelijk met piraterij bezig op de Middellandse Zee.

Vandaalse Rijk[bewerken]

De Vandalen namen al spoedig de luxueuze levenswijze van de Romeinse elite over. Voor de lagere klassen van de Romeinse bevolking veranderde er niet veel: alleen de 'meesters' waren nu de 'barbaren uit het Noorden'. Daarbij vrijwaarden dezen wel het culturele erfgoed aldaar, in tegenstelling tot wat hun naam doorgaans oproept. Van Carthago uit stroopten de Vandalen een tijdlang de Middellandse zee af als piraten maar begonnen geleidelijk normale handelsbetrekkingen waarbij zij de oude vaarroutes overnamen en domineerden. In 435 kregen ze namelijk van de onder druk gezette Romeinen officieel de status van foederati ('bondgenoten') om zo binnen hun rijk te 'mogen verblijven'. Natuurlijk hadden de toenmalige Romeinen daar in werkelijkheid niets over te vertellen maar de Vandaalse leiders vonden dit wel mooi staan bij hun lijst van officiële titels.

De aldus 'gevestigde' Vandalen stichtten een eigen koninkrijk in Noord-Afrika en onderwierpen Sicilië, Sardinië, Corsica en de Balearen zodat hun rijk tenslotte wel enige gelijkenis vertoonde met het oude rijk van de Carthaagse Feniciërs. Ook tijdgenoten zagen deze overeenkomst en schreven dat de dagen van de Punische Oorlogen weergekeerd waren en 'Rome' weer in oorlog was met 'Carthago'.

In 455 plunderden de Vandaalse 'Carthagers' zelfs Rome (wat de Punische Carthagers nooit gelukt is) waarbij ze alles van waarde wegsleepten wat de Visigoten bij hun eerdere plundering van de stad in 410 nog overgelaten hadden. Zelfs de met bladgoud bedekte koepels van officiële gebouwen, zoals die van het Pantheon, werden helemaal gestript. Oost-Romeinse strafexpedities om hen te verslaan haalden niets uit en bijna een eeuw lang bleven de Vandalen een belangrijke macht in het Middellandse Zeegebied.

De Vandalen stonden ook bekend als fanatieke aanhangers van het ariaanse christendom. Tijdens het bewind van koning Hunerik (477-484) zouden de katholieke christenen door hem ernstig vervolgd worden. Tijdens een eigenhandig door hem georganiseerd concilie verklaarde hij het katholicisme tot een ketters geloof. Overigens was deze koning niet alleen meedogenloos ten opzicht van de katholieken, maar ook zijn eigen familie moest het ontgelden. Gedurende zijn bewind liet Hunerik veel leden van de Asdingse dynastie vermoorden.

Onder koning Geiserik (428-477) hadden de Vandalen het toppunt van hun macht bereikt. Onder zijn opvolgers zou hun koninkrijk langzamerhand aan betekenis inboeten. Niettemin zou het nog tot 533 duren voordat zij door de Oost-Romeinse troepen onder leiding van de Byzantijnse generaal Belisarius vernietigend verslagen werden in de Slag bij Ad decimum en de Slag bij Tricameron, beide in de omgeving van Carthago. Hierna verdwenen de Vandalen van het toneel: de overwonnen Vandalen assimileerden zich met de omringende bevolking.

Zie ook[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • H. Schreiber, De Vandalen, Zegetocht en ondergang van een Germaans volk, Amsterdam/Brussel, 1979.