Vayu

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vayu op zijn vahana
God van de Wind

Vayu (Sanskriet वायु, Vāyu), ook bekend als Vāta वात, Pavana पवन, (reiniger) is een van de voorname goden in het hindoeïsme en is de vader van Bhima en de spirituele vader van de god Hanuman. Net als bijvoorbeeld aarde en vuur is het een van de klassieke elementen (panchamahābhuta) in het hindoeïsme. Het Sanskrietwoord voor 'vāta' betekent geblazen, 'vāyu' blazer en 'prāna' ademen (ook wel levensadem). Er wordt daarom ook naar hem verwezen als de god van het leven. Hij wordt verder omschreven als "Mukhya-Vāyu" (de heerser Vayu) of "Mukhya Prāna" (de heerser van Leven).[1]

Er is een stel van vijf goden die allemaal Prāna (leven) heten, met Mukhya-Prāna als leider tussen hen. Om deze reden wordt er in Hindi en andere Indische talen bij een overlijden ook wel eens gezegd: zijn levens gingen heen, in plaats van zijn leven ging heen. De vijf goden staan in de klassieke literatuur bekend onder Prāna, Apāna, Vyāna, Udāna en Samāna, en beheersen het leven, de wind, tast/gevoel, spijsvertering en afscheiding.[1]

Vayu is volgens hymnes uitzonderlijk mooi en rijdt geruisloos in zijn glanzende paardenspan die voortgetrokken wordt door twee, negenenveertig of ook wel duizend witte en paarse paarden. Een witte vaandel is zijn belangrijkste belangrijkste kenmerk.[1]

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. a b c Jansen, Eva Rudy (2002) The Book of Hindu Imagery: Gods, Manifestations and Their Meaning, Uitgeverij Binkey Kok Publications BV, Havelte, ISBN 90-74597-07-6.