Vijf namen van de farao

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De Serekh of Serech verbeeldt het "Groot Huis" of paleis.

Er waren in totaal vijf namen van de farao. Deze namen hadden teksten in zich die bestonden uit heilwensen. Dit werd vastgesteld in het Middenrijk. Het bestaat uit een aantal vaste elementen en losse elementen. Dit waren titels die de vorst (lees: farao) zelf aannam.

Men geloofde dat iemands naam voorspelde wat hij of zij in leven ging betekenen. In Afrika (tot Zuid-Afrika toe) is dat tot op de dag van vandaag een veel voorkomende gedachte. In Egypte ging het geloof in naam-magie erg ver. Een goed voorbeeld daarvan is de mythe van Ra en Isis waarin Isis Ra volledig in haar macht krijgt door hem zijn ware naam te ontfutselen.

Horusnaam[bewerken]

G5

De horusnaam (hor) is het oudste van alle namen van de farao. Het bestond uit een afbeelding van een buitenkant of façade van een paleis (serech / serekh) met daarboven de valkengod Horus. In het paleis stond de naam van de koning. De god Horus had hierbij een beschermende functie, namelijk de naam van de koning beschermen. Een andere betekenis kan zijn dat de koning zo in verband gebracht kon worden met de hemel waar Horus de god van was. De eerste koningen (0e, 1e, 2e en 3e dynastie) maakten er veel gebruik van, ze waren niet anders te herkennen. Variaties:

  • In plaats van een Horus-valk het Seth-dier (gebruikt bij Chasechemoey)
  • Een Stier met een Ureaus (in het latere Nieuwe Rijk)
  • Ra-Horachti (een valk met een dubbele kroon)

De twee godinnen[bewerken]

G16

Deze naam werd ingesteld nadat Egypte verenigd was. Het bestaat uit de twee patronessen van Egypte die de eenheid moeten waarborgen. Het gaat om:

Ze staan of zitten op een broodmand, dit is het Egyptische teken voor heer (neb) en geven de godinnen extra kracht om te begrijpen. Er werd meestal de naam of de heilwens erachter geschreven.

Gouden Horusnaam[bewerken]

G8

De naam van de gouden Horus bestaat uit een valk (Horus) zittend op het goud-symbool (Neboe). Erachter komt de naam van de farao. Deze naam is bedacht na de vereniging toen er een sterke invloed was van Horus. De betekenis van deze naam is niet goed bekend, er zijn twee theorieën:

  • Een overwinning op de god Seth door Horus. Het goud moet staan voor de overwinning.
  • De eeuwigheid van de god Horus afbeelden. Het goud had de betekenis van eeuwigheid.
Pot met inscriptie waarschijnlijk van Amenhotep III (lees: Maatkara Amenhotep-heka-oeaset).

Praenomen (cartouche)[bewerken]

M23
t
L2
t

Dit is de naam van farao als hij farao werd (troonnaam). Deze voerde hij ook als hij farao werd samen met de Nomen. Het wordt vooraf gegaan door de twee tekens: riet / zegge (Nesoet) en een bij (Bit) die staan voor de twee landen. Dan komt er een cartouche met daarin de naam van de koning. De cartouche bestaat uit een touw dat om de naam is gespannen. In de 3e tot 6e dynastie werd de naam van de koning geschreven in één cartouche, later werd dit uitgebreid met een tweede.

Nomen (cartouche)[bewerken]

G39 N5

Dit is de naam die wordt gegeven aan de vorst van geboorte, maar wij kennen het als belangrijkste naam, bijvoorbeeld Ramses. Het bestaat uit een Gans (sa; zoon) en een zon (ra; van Ra) met daarin de naam van de vorst. Deze naam werd vooral populair toen de verering van Ra de zonnegod kwam.

Functie van de naam[bewerken]

Iedere naam had zijn eigen functie. De Gouden Horusnaam verwees bijvoorbeeld naar de eeuwigheid. Gezamenlijk vormden de namen zoiets als een politiek programma. Zo noemde Mentoehotep II (Mentoe is tevreden) zich ook S'ankh.ib.tawy: Hij die weer leven (ankh) in het hart (ib) van de Beide Landen (tawy) brengt. Hij probeerde namelijk het land weer te verenigen en het centraal gezag te herstellen na de verdeeldheid van de Eerste Tussenperiode. Hij noemde zich ook de 'zoon van Ra' Neb.hetep.Re en de 'Horus' Netjeri.hedjet (Goddelijk is de Witte Kroon) Met het eerste eiste hij erkenning in het noorden op, omdat Ra de god van Heliopolis was, met de laatste naam maakte hij duidelijk dat hij uit het zuiden kwam en daar al aan de macht was.

Voorbeeld van een volledige titulatuur[bewerken]

Als voorbeeld nemen we de volledige titulatuur van farao Toetanchamon. We komen er ook achter dat Toetanchamon eigenlijk niet zo heet. De vijf namen van de farao's hebben we uitgeschreven, getranslitereerd in Romeins schrift en vertaald in het Nederlands.


Hiërogliefen Transliteratie Nederlands
G5 SPACE E1
D40
t
t
w ms
z
t w
THREE
Ka-nacht toet mesoet Sterke stier, hulp van geschapen vormen.
nbty SPACE nfr h
p
THREE
w
s g
r
H a
N19
s R4
t p
nTrw w
nb
Nefer-hepoe segereh-tawy sehetep-netjeroe neboe Dynamische wetgever, die de twee landen tot rust brengt, die alle goden gunstig stemt.
G8 SPACE U39 N28
THREE
z
R4
t p
nTrw
Wetjes-chaoe sehetep-netjeroe Die de rijksinsigniën voert, die de goden gunstig stemt.
M23
t
bit
t
SPACE <
ra xpr THREE
nb
>
Nebcheperoere Hoge manifestatie van de god Ra.
G39 ra
 
SPACE <
i mn
n
t
t
w anx HqA iwn M26
>
Toetanchamon heka-ioenoe-sjema Levend beeld van de god Amon, heerser van de stad Heliopolis.

Bronnen[bewerken]

  • L. Adkins - Roy Adkins, Egypte ontraadseld. De bezeten archeoloog en zijn speurtocht naar de betekenis van hiërogliefen, Utrecht, 2000. ISBN 9021585421

Gerelateerde onderwerpen[bewerken]