Vincent Van Quickenborne

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken

Vincent Paul Marie Van Quickenborne (Gent, 1 augustus 1973) is een Vlaams politicus.

Hij trad in het voetlicht toen hij, actief in het netwerk van witte comités, de deur op de neus kreeg van Louis Tobback. Deze was niet gesteld op de actie aan zijn privé woonst, waar Van Quickenborne ongevraagd aanbelde met televisiecamera's. Quicky, zoals hij wel eens genoemd wordt, maakte van mediastunts zijn handelsmerk.

Tot 1998 was hij lid van TriAngel , een linkse unitaire groepering. Ervoor was hij lid van Amada (Alle Macht aan de Arbeiders), de voorloper van de Partij van de Arbeid van België. Hij was verbonden aan de Coudenberggroep, een Belgisch gezinde federalistische denktank.

Bij de oprichting van Bert Anciauxs denktank ID21 stapte hij in de politiek. In 1999 raakte hij via de lijst VU&ID verkozen in de senaat en gaf zichzelf de bijnaam 'Senator Q'. Ook hier kwam hij snel in de media, onder andere door de uitspraak dat hij een jointje wou blowen in de senaat.

Hij werkte als toenmalig senator mee aan het genocideproces tegen Ariel Sharon en generaal Yaron wegens de bloedbaden in Sabra en Shatila. Dit proces zorgde voor wereldwijde media-aandacht en uiteindelijk werd de Belgische Genocidewet onder druk van buitenlandse regeringen aangepast. Hij lag tevens mee aan de basis van de huidige Corporate Governance regels in de beursgenoteerde ondernemingen en de behoefte naar meer transparantie wat betreft de verloning van de leden van de raad van bestuur en de CEO. Zijn wetsvoorstel hieromtrent trok de nodige aandacht, onder meer door de toenmalige problemen rond Lernout & Hauspie. Tevens was hij de eerste politicus die een wetsvoorstel indiende om de studenten toe te laten meer dagen te kunnen werken. Hij zorgde ook voor een historische doorbraak in het onderzoek naar de moordenaars van Julien Lahaut door eigenhandig verloren gewaande documenten hieromtrent terug te vinden. Verder zorgde hij getrouw zijn reputatie voor de nodige controverse door zijn wetsvoorstel om de adelijke titels af te schaffen. Als hyperactieve duizendpoot zette hij zich tevens in voor het eenheidsstatuut van arbeider & bediende en pleitte hij voor het vrijmaken van alle reguleringen rond het voeren van de verkiezingscampagnes.

Na het uiteenvallen van de VU en ID21 koos hij voor Spirit. Toen die partij even later echter met de SP.a in zee ging, stapte Van Quickenborne met enkele andere bekende 'spiritisten' over naar de VLD. Daar werd hij de spitsbroeder van Jean-Marie Dedecker. Hij was de eerste Belgische politicus met een weblog.

Na de federale verkiezingen van 2003 werd hij vrij onverwacht de staatssecretaris voor Administratieve Vereenvoudiging in de Federale Regering Verhofstadt II. Het was de eerste maal binnen de Belgische regering dat administratieve vereenvoudiging in één functie verenigd werd. Om de administratieve lasten terug te dringen werkte hij onder meer de Kafka-test uit die voorkomt dat besluiten van de ministerraad zorgen voor bijkomende rompslomp. Verder werd het getuigschrift van goed gedrag en zeden afgeschaft en ook de verplichte publicatie in een krant voor de bedrijven van de bijeenroeping van de jaarlijkse aandeelhoudersvergadering ging voor de bijl alsook het levensbewijs. Hij volbracht de twaalf doelstellingen die opgenomen waren in het regeerakkoord. Sinds 20 maart 2008 is hij Minister van Economie, Innovatie, Administratieve Vereenvoudiging, ICT en Telecommunicatie in de Federale Regering Leterme. Zijn officiële titel is Minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen.

[bewerk] Politieke loopbaan

Voorganger:
Luc Van den Bossche
Minister voor Administratieve Vereenvoudiging
2003-

[bewerk] Externe link

[bewerk] Referenties

 
Persoonlijke instellingen
in andere talen