Vioolsonate (Franck)
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
De Sonate voor viool en piano uit 1886 in A-groot is een bekende compositie van de Belgisch/Franse componist César Franck.
Franck schreef het stuk in 4 delen, en volgde enerzijds de vroege vormtraditie (van een afwisselend langzaam, snel, langzaam en snel deel) en schreef zijn stuk in de sonatevorm, anderzijds was zijn idioom laat-romantisch.
De delen zijn:
- Allegretto ben moderato
- Allegro
- Recitativo-Fantasia, ben moderato
- Allegretto poco mosso
Hoewel de delen niet doorgecomponeerd zijn zitten wel in elk deel thematisch herkenbare elementen en motieven uit de andere delen verwerkt.
- Het eerste deel is geschreven in een rustige 9/8 maat, en thematisch gebaseerd op het none/septimeaccoord op de dominant.
- Het tweede deel is woester, virtuozer, opzwepend, gepassioneerd, en staat in d-klein.
- Het derde deel, het recitatief, opent in een onbestemd a-mineur, dat via zwaarmoedige modulaties al snel verlaten wordt, en gaat over in een meer beweeglijke cantilene om af te sluiten in fis-klein. Het heeft een vrijere vorm en klinkt quasi geïmproviseerd.
- Het laatste deel is een in A-groot geschreven canonisch gecomponeerd rondo, waarbij piano en viool elkaars motief bijna voortdurend herhalen.
De sonate wordt dikwijls door andere instrumentalisten vertolkt, zoals cellisten, fluitisten, en getranscribeerd ook door saxofonisten.
Het is een stuk van ongeveer 25 minuten lengte, en behoort tot het standaardrepertoire van vele violisten. Een beroemde opname van de sonate werd gemaakt door violist Jascha Heifetz samen met pianist Arthur Rubinstein.

