Visafslag
Een visafslag (in Vlaanderen vismijn genoemd) is een instelling die bemiddelt in de verkoop van gevangen vis aan de handelaar. Dit gebeurt door middel van een veilingsysteem waarbij de afslager begint met een te hoge startprijs en deze steeds laat zakken, totdat iemand akkoord gaat en de partij vis voor die prijs koopt. Als hulpmiddel dient daarbij meestal de veilingklok, die de zakkende prijs weergeeft.
De visafslagen in Nederland zijn in Urk, Yerseke (mosselen), IJmuiden, Den Helder, Harlingen, Vlissingen, Stellendam, Lauwersoog, Den Oever, Breskens, Colijnsplaat en Scheveningen. De visafslag met de meeste opbrengst is Urk, die in het jaar 2009 goed was voor een omzet van 98 miljoen euro. Op de tweede plaats staat al jaren de visafslag van IJmuiden.
In het algemeen is een visafslag gevestigd aan het water, zodat de visser de gevangen vis direct kan verkopen aan de handelaren, zonder dat er vervoerskosten bovenop komen.
Iedere visafslag kent zijn eigen specialiteit. Zo worden in Lauwersoog voor het overgrote deel garnalen verhandeld en is Urk voornamelijk bekend om zijn platvis. Grote partijen tong, schol en kabeljauw worden verhandeld op Urk doordat de verwerkingindustrie voor deze vissoorten ook voor het grootste deel gevestigd is op dit voormalige eiland.
De prijzen per soort kunnen verschillen per visafslag. Dit is uiteraard afhankelijk van de vraag van de kopers. In IJmuiden zijn veel kleine handelaren gevestigd, die veel geld over hebben voor de wat meer exotische vissen.
Daarnaast kennen we nog de zogenaamde IJsselmeervisafslagen. Deze zijn geconcentreerd rondom het IJsselmeer en verhandelen voornamelijk zoetwatervissen. Voornaamste vissoorten aldaar zijn paling, spiering en baars.
Een visser die zijn vis in Nederland verkoopt is voor de meeste vissoorten gebonden aan zgn. veilingplicht. Dit betekent dat hij de gevangen vis niet rechtstreeks aan de groothandel mag verkopen, maar dat de vis eerst in de visafslag moet worden gezet om aldaar over de veilingklok te worden verkocht. In andere landen, bijvoorbeeld Frankrijk, is dit niet het geval.
De visafslag verdient zijn geld door een bepaald percentage van het geld dat de visser krijgt voor de verkochte vis in te houden als gemaakte onkosten.
Wie denkt het oer-Hollandse product haring in een visafslag aan te kunnen treffen komt bedrogen uit. Deze vis wordt voornamelijk gevangen door gespecialiseerde bedrijven, die elk hun eigen vissersvloot hebben, de trawlers. De twee grootste compagnieën die zich in Nederland hierop richten zijn Jaczon en Vrolijk.
[bewerken] Aanvoer en prijzen
In 2009 was de omzet van de 11 visafslagen in totaal 273 miljoen euro. Dit was een daling van 8% ten opzichte van het jaar ervoor. De aanvoer steeg met 6% naar ruim 94.000 ton, maar de visprijzen waren fors lager. Vooral de prijzen van schol en garnalen daalden aanzienlijk. De omzet was voor 55% afkomstig van twee vissoorten, namelijk tong en schol. De aanvoer in tonnen van deze twee vissoorten was ook iets meer dan de helft van de totale aanvoer in 2009. Binnen Europa speelt Nederland een belangrijke rol met betrekking tot de aanvoer van platvissen[1].
Hieronder een figuur met de omzet van de vijf grootste Nederlandse visafslagen:
| Omschrijving (in EUR miljoen) | 2000 | 2005 | 2006 | 2007 | 2008 | 2009 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Urk/Harlingen | 162 | 146 | 144 | 146 | 114 | 98 |
| IJmuiden | 48 | 39 | 37 | 42 | 42 | 44 |
| Den Helder | 51 | 34 | 33 | 29 | 23 | 20 |
| Goedereede/Stellendam | 34 | 27 | 26 | 24 | 23 | 21 |
| Lauwersoog | 34 | 23 | 23 | 18 | 21 | 17 |
| Totaal | 415 | 334 | 336 | 335 | 300 | 273 |
[bewerken] Zie ook
[bewerken] Externe links
Referenties
|