Vlotterij

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Keuken aan boord van J.R. Booth's vlot, circa 1880. De vlotters kookten, aten en sliepen op deze vlotten terwijl ze stroomafwaarts dreven.
Vlotters in het noorden van Finland in 1930
Moderne vlotterij in Vancouver, British Columbia

De vlotterij is een transportvorm voor boomstammen. De boomstammen worden samengebonden tot vlotten en worden in deze vorm over een rivier getransporteerd.

Vlotters konden genieten van relatief goed comfort op de vlotten, hutjes om in te leven, sturen door middel van roeispanen en de mogelijkheid om onderweg te stoppen.

De vlotten werden ook gebruikt voor het transport van personen en goederen.

Het hoogtepunt van de vlotterij was in het midden van de 19de eeuw, toen de industriële revolutie op volle toeren draaide. Door de uitbreiding van het spoor- en wegennetwerk, de groeiende scheepvaart en de veranderende economie zorgde ervoor dat de vlotterij op vele plaatsen wegviel in het midden van de 20ste eeuw, maar ze is nog steeds aanwezig op een paar locaties.

Constructie[bewerken]

De vlotten hadden soms enorme afmetingen, soms tot wel 600 meter lang, 50 meter breed en werden soms tot wel 2 meter hoog gestapeld. Zulke vlotten konden enkele duizenden stammen bevatten. Voor het comfort van de arbeiders - die soms wel met 500 waren - werden de stammen ook soms gebruikt om hutten en keukens met te maken. Het sturen van de vlotten werd eerst gedaan door roeispanen en later door sleepboten.

De constructie van de vlotten was vaak afhankelijk van de waterloop. Op snelle en rotsige rivieren waren de vlotten vaak kleiner en compacter terwijl op brede en rustige rivieren zoals de Mississippi de vlotten vele malen groter gemaakt konden worden.