Voetzoolreflex

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Het uitvoeren van de voetzoolreflex, volgens de methode van Babinski, met alhier een afwijkende reflex
Reflex volgens Babinski

De voetzoolreflex (vaak afgekort tot VZR) is de reflex die wordt gezien als een arts de voetzool van de patiënt bekrast met een speld of ander scherp voorwerp.

Het onderzoek van de voetzoolreflex maakt deel uit van het neurologisch onderzoek. Bij een gezond persoon buigen de tenen in antwoord op de prikkel van het bekrassen van de voetzolen naar beneden (plantair), tenzij natuurlijk de huid zo dik is dat het krassen niet wordt gevoeld, waarbij de tenen niet bewegen. Een normale voetzoolreflex wordt een voetzoolreflex volgens Strümpell genoemd. Soms is de patiënt gespannen en wordt de reflex niet gezien. Dit is vanzelfsprekend niet van medische betekenis. In beide gevallen wordt de voetzoolreflex dan indifferent genoemd. Soms kan dan door afleiding van de patiënt alsnog een plantaire voetzoolreflex worden gezien.

Een pathologische (afwijkende) voetzoolreflex wordt een reflex volgens Babinski genoemd, vernoemd naar de Pools-Franse neuroloog Joseph Babinski. Daarbij gaan de tenen, in het bijzonder de grote teen, naar boven (in hyperextensie). De voetzoolreflex wordt in zijn geheel daarom ook wel eens de voetzoolreflex volgens Babinski genoemd. Deze naam kan echter tot verwarring leiden, aangezien de omschrijving ook zou kunnen worden geïnterpreteerd als een afwijkende uitkomst van het onderzoek.

In het algemeen wijst dit op een aandoening in het centrale zenuwstelsel, dat wil zeggen, de hersenen of het ruggenmerg.

Pseudo-babinskireflex[bewerken]

Dit geldt overigens niet bij zuigelingen. Bij zuigelingen is het centrale zenuwstelsel nog onrijp en de reactie op prikkels verschilt daarom van die van volwassenen. Bij de zuigeling zal het strijken langs de laterale voetrand doorgaans leiden tot omhoog gaan van de tenen in plaats van krullen, maar dit is geheel normaal. De reflex zal rond de periode dat het kind leert lopen, veelal rond de 12 maanden, verdwijnen en worden vervangen door een voetzoolreflex zoals deze bij volwassenen wordt gezien. Tot het tweede levensjaar wordt een babinskireflex als fysiologisch gezien.

Verklaring[bewerken]

De pathologische voetzoolreflex volgens Babinski wordt verklaard door het feit dat bij een centrale laesie inhiberende signalen vanuit de hersenen niet langer de voetzool bereiken. De baansystemen die hyperextensie veroorzaken krijgen, net zoals bij zuigelingen, de overhand. Dit resulteert in o.a. een hyperextensie van de grote teen.

Zie ook[bewerken]