Vogel Grijp

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vogel Grijp
Vogel Greif en engelen, Wenen
Rockstocker Greif
Vogel Grijp, 16e eeuw

Vogel Grijp is een fabeldier en een sprookje uit Kinder- und Hausmärchen, de verzameling van de gebroeders Grimm, met als nummer KHM165. De oorspronkelijke naam is Der Vogel Greif.

Vogel Grijp heeft een adelaarskop, adelaarsvleugels en het lichaam van een leeuw. Koning der dieren in de lucht en op aarde. Grijp kan een verbastering zijn van cherub, engel en is een Nederlandse benaming voor griffioen.

Het verhaal[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Een koning heeft alleen een dochter en zij is altijd ziek. Er wordt voorspeld dat ze zal genezen als ze een appel eet. De koning laat appels uit het hele rijk brengen en degene die haar beter kan maken, krijgt de koningsdochter als vrouw. Een boer met drie zonen stuurt zijn oudste zoon Oele met appels naar het hof. Hij komt een asgrauw mannetje tegen en Oele antwoord dat hij kikkerpoten bij zich heeft. Oele komt bij het paleis en wil de appels aan de dochter geven, maar er zitten kikkerpoten in en hij wordt weggejaagd.

De tweede zoon, Sam, gaat ook op weg, maar het vergaat Sam precies zoals zijn oudere broer: er blijkt varkenshaar in zijn mand te zitten en ook hij wordt weggejaagd. De derde zoon, Domme Hans, wil ook graag naar het hof, maar zijn vader ziet het niet zitten. Na lang aandringen mag hij toch gaan en hij is erg blij en ontmoet het grijze mannetje. Hij vertelt dat hij appels bij zich heeft en het mannetje vertelt dat dit zo blijft. Bij het hof wordt hij geweigerd, omdat er twee bedriegers zijn geweest. Hij wordt toch bij de koning gebracht en deze ziet de goudgele appels. De koningsdochter komt gezond uit bed na het eten van een appel.

De koning wil het huwelijk nog niet toestaan en wil een bootje wat net zo snel over water gaat als over land. Hans gaat naar huis en vader laat Oele een bootje maken. Tijdens het middaguur vraagt een grijs mannetje wat hij aan het maken is en Oele antwoordt: pollepels. Sam gaat naar het bos en vertelt het mannetje ook een leugen, de derde dag gaat Hans en hij zegt dat hij een bootje maakt wat op het land net zo hard gaat als op water. Het mannetje zegt dat dit zo is en 's avonds roeit Hans naar de koningsstad en moet van de koning nog honderd hazen hoeden. Hans krijgt een fluitje van het mannetje en de hazen zullen terugkomen als hij hier op blaast. De koningsdochter neemt een haasje mee, maar na honderd stappen keert het dier terug naar de kudde.

Vogel Grijp, ca. 630-620 v.Chr.

Hans keert terug met de honderd hazen en moet een veer uit de staart van Vogel Grijp halen. Hij krijgt onderdak in een kasteel, want er waren nog geen herbergen. De kasteelheer is het sleuteltje van zijn ijzeren geldkist kwijt en Vogel Grijp weet alles, hij vraagt Hans hem naar de sleutel te vragen. Hans komt bij een ander kasteel met een zieke dochter en hij belooft Vogel Grijp te vragen hoe ze kan genezen. Hans komt bij een rivier en een grote man draagt iedereen naar de overkant. Hans belooft te vragen waarom hij dit moet doen.

Hans komt bij het huis van Vogel Grijp, maar alleen zijn vrouw is thuis. Ze vertelt dat geen enkel christenmens met Vogel Grijp kan praten en hij moet zich onder zijn bed verstoppen, zodat hij 's nachts een veer pakken kan. De vrouw belooft de vragen aan haar man te stellen en Vogel Grijp ruikt een christen als hij thuiskomt. Vogel Grijp vertelt dat de sleutel in de houtschuur achter de deur onder de stapel hout ligt en de dochter kan beter worden met haar eigen haren, die een pad als nest heeft gebruikt onder de keldertrap. De grote man hoeft niemand meer naar de overkant te brengen, als hij iemand in het midden van de rivier van zijn schouders laat.

De man is dankbaar en wil Hans nog eenmaal overdragen, maar Hans wijst dit af en trekt verder naar het kasteel. Hij tilt de zieke dochter de keldertrap af en geeft het paddennest aan haar, waarna ze genezen is. De ouders geven geschenken van goud en Hans gaat naar het volgende kasteel en vindt de sleutel in de houtschuur. Hans krijgt goud uit het kistje en koeien, schapen en geiten. Hans komt bij de koning en vertelt dat Vogel Grijp gaf wat hij wilde. De koning gaat op weg naar de rivier en wordt midden in het water van de schouders van de man gelaten. De koning verdrinkt en de man gaat ervandoor, Hans trouwt en wordt koning.

Achtergronden bij het verhaal[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  • Grimm, volledige uitgave (vertaald door Ria van Hengel, 2005)

Assepoester · Berenpels · Bontepels · Broertje en zusje · Bruidskeuze · De anjer · De arme en de rijke · De arme jongen in het graf · De arme molenaarsknecht en het katje · De bijenkoningin · De boden van de dood · De boer en de duivel · De Bremer stadsmuzikanten · De broodkruimels op de tafel · De bruiloft van vrouw Vos · De dood als peet · De dood van het hennetje · De dorsvlegel uit de hemel · De drie broers · De drie gelukskinderen · De drie handwerksgezellen · De drie heelmeesters · De drie luiaards · De drie mannetjes in het bos · De drie slangenbladeren · De drie spinsters · De drie talen · De drie veren · De drie vogeltjes · De drie zwarte prinsessen · De duivel en zijn grootmoeder · De duivel met de drie gouden haren · De duur van het leven · De ganzenhoedster · De ganzenhoedster aan de bron · De gauwdief en zijn meester · De geest in de fles · De geschenken van het kleine volkje · De gestolen duit · De glazen doodskist · De goede ruil · De gouden gans · De gouden sleutel · De gouden vogel · De goudkinderen · De Grafheuvel · De groente-ezel · De haas en de egel · De hanenbalk · De hazelaar · De heldere zon brengt het aan het licht · De hemelse bruiloft · De hoefnagel · De hond en de mus · De huishouding · De ijzeren kachel · De jonge reus · De jood in de doornstruik · De kabouters · De kikkerkoning · De kleermaker in de hemel · De koning van de gouden berg · De koningszoon die nergens bang voor was · De korenaar · De kristallen bol · De laarzen van buffelleer · De luie spinster · De maan · De meesterdief · De mus en zijn vier kinderen · De ondankbare zoon · De oude bedelares · De oude grootvader en zijn kleinzoon · De oude Hildebrand · De oude Rinkrank · De oude Sultan · De oude vrouw in het bos · De peetoom · De raaf · De raap · De ransel, het hoedje en het hoorntje · De rattenvanger van Hamelen · De reus en de kleermaker · De roerdomp en de hop · De roetzwarte broer van de duivel · De roversbruidegom · De schol · De schrandere knecht · De sterrendaalders · De stukgedanste schoentjes · De trommelslager · De trouwe Johannes · De twaalf broeders · De twaalf jagers · De twaalf luie knechten · De twee gebroeders · De twee koningskinderen · De twee reisgezellen · De uil · De verstandige boerendochter · De verstandige lieden · De vier kunstvaardige broers · De volleerde jager · De vos en de ganzen · De vos en de kat · De vos en de moeder van zijn petekind · De vos en het paard · De ware bruid · De waternimf · De waternimf in de vijver · De witte slang · De witte en de zwarte bruid · De wolf en de mens · De wolf en de vos · De wolf en de zeven geitjes · De wonderlijke speelman · De zes dienaren · De zes zwanen · De zeven Zwaben · De zeven raven · De zingende springende leeuwerik · De zoete pap · Dokter Weetal · Doornroosje · Duimendik · Duimpje de wereld in · Eenoogje, tweeoogje en drieoogje · Eva's ongelijke kinderen · Frieder en Katherliesje · Gelukkige Hans · Hans en Grietje · Hans viert bruiloft · Hans-mijn-egel · Hazekebruid · Het aardmanneke · Het blauwe licht · Het boerke · Het boerke in de hemel · Het boshuis · Het dappere snijdertje · Het doodshemdje · Het eigenzinnige kind · Het ezeltje · Het gedierte van de Heer en de Duivel · Het gespuis · Het herdersjongetje · Het huishouden van kat en muis · Het kind van Maria · Het lammetje en het visje · Het leugensprookje uit Ditmar · Het mannetje dat jong gegloeid werd · Het meisje zonder handen · Het meiske van Brakel · Het mooie Katrinelletje en Pief Paf Poltrie · Het raadsel · Het snuggere snijdertje · Het sprookje van Luilekkerland · Het water des levens · Het winterkoninkje · Het winterkoninkje en de beer · Het zingende botje · IJzeren Hans · Jonkvrouw Maleen · Jorinde en Joringel · Klitten · Klosje, schietspoel en naald · Knappe Elsje · Knoest en zijn drie zonen · Koning Lijsterbaard · Lief en leed samen delen · Luie Hein · Luisje en Vlootje · Magere Liesje · Meester Priem · Meneer Korbes · Met z'n zessen de hele wereld rond · Op reis gaan · Raadselsprookje · Raponsje · Repelsteeltje · Roodkapje · Simeliberg · Slangensprookje · Slimme Grietje · Slimme Hans · Sneeuwwitje · Sneeuwwitje en Rozerood · Speelhans · Sprookje van iemand die erop uittrok om te leren griezelen · Sterke Hans · Strohalm, kooltje vuur en boontje · Tafeltje dek je, ezeltje strek je en knuppel uit de zak · Trouwe Ferdinand en Ontrouwe Ferdinand · Van de visser en zijn vrouw · Van de wachtelboom · Van het muisje, het vogeltje en de braadworst · Vleerkens vogel · Vogel Grijp · Vondevogel · Vrijer Roland · Vrolijke Frans · Vrouw Holle · Vrouw Trui