Voorwaardelijke straf

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een voorwaardelijke straf is in het strafrecht een straf die wordt opgelegd door een rechter.

Een 'voorwaardelijke straf' houdt in dat de straf wel wordt uitgesproken, maar dat deze niet ten uitvoer wordt gebracht. Wanneer de dader opnieuw de fout in gaat, of bepaalde voorwaarden die de rechter gesteld heeft negeert, kan de straf alsnog tot uitvoering worden gebracht. Het nieuwe delict moet dan wel van gelijkwaardige aard en ernst zijn, als het delict waarop de voorwaardelijke straf gesteld is. De periode waarover de mogelijkheid van voorwaardelijke straf bestaat heet de proeftijd.

Wanneer tijdens de straf besloten wordt tot eerdere vrijlating onder beperkingen wordt gesproken van voorwaardelijke invrijheidstelling. De periode tussen het ingaan en vervallen hiervan wordt ook wel aangeduid als parooltijd.

België[bewerken]

In het Belgische strafrecht is de correcte term 'straf met uitstel'. Deze straf kan eventueel gekoppeld zijn aan enkele voorwaarden (de zogenaamde probatievoorwaarden) gedurende een proeftermijn.