Vrede van Presburg
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
De Vrede van Presburg werd gesloten in Presburg, thans Bratislava, tussen de resten van het Duitse Rijk - eigenlijk voornamelijk de Habsburgse erflanden in Oostenrijk - onder keizer Frans II Jozef Karel en het eerste keizerrijk Frankrijk onder Napoleon Bonaparte, als beëindiging van de Derde Coalitieoorlog. Die had Napoleon glansrijk gewonnen door op 2 december 1805 bij Austerlitz de verenigde Engels-Russisch-Oostenrijkse legers verpletterend te verslaan. Omdat het zo gauw geen nieuwe strijdkrachten uit de eigen binnenlanden kon aanvoeren, was Rusland zonder vredesakkoord uit de oorlog gestapt. Het murwe Oostenrijk daarentegen sloot met Frankrijk de vrede op 26 december 1805 in het aartsbisschoppelijk paleis van Presburg. Het verdrag werd ondertekend door Johan I Jozef van Liechtenstein en Ignaas graaf van Gyulay voor Oostenrijk en Charles-Maurice de Talleyrand, minister van buitenlandse zaken, voor Frankrijk. Het werd reeds de volgende dag door Napoleon op paleis Schönbrunn geratificeerd.
[bewerk] Bepalingen van het verdrag
Oostenrijk moest het graafschap Tirol en Vorarlberg aan het keurvorstendom Beieren afstaan, en de Breisgau aan Baden. De rest van de Habsburgse bezittingen in het huidige Zuidwest-Duitsland werden onder Baden en Württemberg verdeeld. De gebieden Venetië, Istrië, Dalmatië en Cattaro, die pas in 1797 bij de Vrede van Campo Formio aan Oostenrijk gekomen waren, vielen aan het napoleontische koninkrijk Italië, terwijl de vrije rijksstad Augsburg aan Beieren toeviel.
Het voormalige aartssticht Salzburg, dat in 1803 geseculariseerd en tot keurvorstendom verheven was, kwam samen met Berchtesgaden aan de Habsburgers. In ruil erkende keizer Frans II Napoleon als keizer en de nieuwe koningen van Beieren en Württemberg samen met de groothertog van Baden als soevereine vorsten. Verder moest hij zijn toestemming geven voor een nauwe Bond tussen Napoleon en de Duitse vorsten, de latere Rijnbond.
[bewerk] Nawerkingen
De Vrede van Presburg bezegelde een van Oostenrijks bitterste nederlagen en leidde in het daaropvolgende jaar tot het aftreden van Frans II als keizer van het Heilige Roomse Rijk, omdat die functie elke betekenis verloren had. Het betekende meteen ook het einde van dat Rijk. In navolging van Napoleon kroonde Frans zichzelf dan maar tot keizer van zijn eigen Habsburgse erflanden, meteen de geboorte van het keizerrijk Oostenrijk, dat het slechts tot in 1918 zou uithouden.
De afstand van Tirol aan Beieren veroorzaakte de boerenopstanden onder Andreas Hofer. De boeren hadden van Frans II namelijk een relatief vergaande autonomie maar vooral ook het recht op zelfverdediging verkregen en wilden daar geen afstand van doen toen de Beierse koning Maximiliaan I deze weigerde te erkennen.
De meeste verdragsclausulen werden in 1815 in het kader van het Congres van Wenen ongedaan gemaakt, vooral de bepalingen die betrekking hadden op Tirol en de Venetiaans-Adriatische gebieden. Salzburg bleef echter bij Oostenrijk.

