Vrijheid (sociologie)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De Vrijheid voert het Volk aan van Eugène Delacroix (1833)

Vrijheid wordt meestal gezien als de mogelijkheid om te doen en laten wat men wil terwijl een ander dat ook kan, zowel in lichamelijke als in geestelijke zin.

Soms wordt met "vrij" bedoeld "zonder (verdere) kosten", soms slaat het op het ontbreken van andere beperkingen. "Vrij reizen" kan bijvoorbeeld beide betekenissen hebben. In het Engels onderscheidt men de twee wel met de voorbeelden "free speech" en "free beer".

Positieve en negatieve vrijheid[bewerken]

Het is nuttig onderscheid te maken tussen negatieve en positieve vrijheid. Negatief en positief drukken hierbij geen waardeoordeel uit, maar geven aan of het gaat om vrijheid die ontstaat door de afwezigheid van iets of door de aanwezigheid van iets.

Negatieve vrijheid is de "vrijheid van invloed van anderen". Deze vrijheid houdt verband met vrijheid en bevrijding, bijvoorbeeld van dwang, van overheersing, ziektes en waandenkbeelden.

Positieve vrijheid is de "vrijheid tot het inzetten van je eigen vermogen". Het is de mogelijkheid om te kiezen en het eigen leven in te richten. Het is de vrijheid waar men het over heeft wanneer het gaat over de vrije wil.

Positieve en negatieve vrijheid hangen samen. Positieve vrijheid is niet mogelijk wanneer negatieve vrijheid ontbreekt. Anderzijds is negatieve vrijheid weinig zinvol wanneer positieve vrijheid niet nagestreefd wordt. Beide vormen van vrijheid lijken op een Januskop waarvan het ene gezicht naar het verleden en het andere naar de toekomst gericht is. Vrijheid gaat altijd samen met verantwoordelijkheid. Als je vrijheid hebt om te kiezen is er een verantwoordelijkheid om het beste alternatief te kiezen. Het beste alternatief kan men bepalen door kennis te vergaren over hoe de wereld is en hoe je zelf bent.

Vrijheid is in verschillende kringen, zowel maatschappelijke, ideologische als ook filosofische, vaak een centraal onderwerp. Binnen die groeperingen bestaan er vaak verschillende interpretaties van vrijheid.

Interpretaties van vrijheid[bewerken]

  • De vaak geuite zin: Ik ben vrij en daarom doe ik wat ik wil, is lastig om te analyseren. Wordt de wil niet gestuurd door de begeerte, en deze weer door DNA, opvoeding en cultuur? Toch heeft de wil als kenmerk dat hij de emoties en begeerten kan kanaliseren en domineren. In de filosofische bezinning hierover geven sommige denkers de voorrang aan een vrij vermogen tot kanaliseren, andere menen dat de wil dat niet kan en slechts kan ‘meedobberen’ op de stroom der impulsen. Zie vrijheid (filosofisch)
  • Ken Wilber, een Amerikaanse wetenschapper, die veel gepubliceerd heeft over dit onderwerp, heeft een boek geschreven met de titel: Zonder grenzen (No boundaries). Hierin verdedigt hij dat vrijheid voor hem betekent dat er geen grenzen zijn.
  • Wat betreft vrijheid is er ook nog een treffende uitspraak van Augustinus: Heb lief en doe wat je wilt. Augustinus was een kerkvader in de vierde eeuw. Heb lief en doe wat je wilt, moet dan ook geïnterpreteerd worden dat ware liefde altijd zelfgave is en het goede voor de ander wil. En dan kan je doen wat je wil, omdat het altijd op het goede gericht is.
  • Rudolf Steiner promoveerde op zijn werk: Filosofie der vrijheid waarin hij aantoont dat de vrijheid van de mens alleen daarin bestaat dat hij zijn innerlijke geestelijke houding zelf kan bepalen, meer niet. De mens kan dus zijn noodlot aanvaarden of een innerlijke houding van protest aannemen: "waarom moet mij dat nu gebeuren?". Hoewel Steiner destijds een gewaardeerd wetenschapper was, is hij door zijn latere werk en uitspraken in diskrediet geraakt.
  • Marxist en filosoof Friedrich Engels haalt Hegel aan waar deze stelt [1] dat 'vrijheid het inzicht in de noodzakelijkheid is'. Deze relatie tussen vrijheid en noodzakelijkheid was voor zowel Hegel als Engels cruciaal onderdeel van hun wereldbeeld en is ontleend aan de filosofie van Immanuel Kant. Het wil zoveel zeggen als: als een grens niet bestaat kan je niet weten of je die grens overgaat. Dus is de grens een noodzakelijkheid om de vrijheid te verkrijgen de grens te kunnen oversteken. Hier wordt dus vrijheid tegenover anarchie geplaatst.

Politieke vrijheid[bewerken]

Politieke vrijheid duidt op de vrijheid van de dwang van anderen. Grondrechten en mensenrechten worden gezien als waarborg voor politieke vrijheid. Politieke vrijheden worden vaak opgenomen in de grondwet van een land. Voorbeelden van vaak genoemde politieke vrijheden:

Vrijheid in de beeldende kunst[bewerken]

In de Beeldende kunst is de personificatie van de vrijheid te herkennen aan de volgende attributen: scepter en een frygische muts.[2]
De vrijlating van een slaaf in het Romeinse Rijk ging vergezeld van een ritueel in de tempel van de godin Feronia. De slaaf kreeg een muts op zijn kaalgeschoren hoofd gezet.
In de Franse kunst van de na de revolutie is de vrijheid ook vaak gepersonifieerd. Een bekend voorbeeld is De Vrijheid voert het Volk aan van Eugène Delacroix.

Literatuurverwijzingen[bewerken]

  1. Bron:Engels over Vrijheid en noodzakelijkheid
  2. Hall, J. (2000). Hall's Iconografisch Handboek. Leiden: Primavera Pers.