Wapen van Friesland

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Het grote wapen
Het kleine wapen

Het wapen van Friesland werd officieel vastgesteld bij Koninklijk Besluit van 11 februari 1958, no. 18. Dit gebeurde nadat de Provinciale Staten van Friesland op 9 juli 1957 hadden besloten een verzoek te richten aan Hare Majesteit de Koningin.

Heraldische beschrijving[bewerken]

In azuur twee boven elkaar geplaatste gaande leeuwen van goud, vergezeld van zeven liggende blokjes van goud, geplaatst 2-2-3. Het schild gedekt met een gouden kroon van vijf bladeren en vier paarlen en gehouden door twee klimmende leeuwen van goud.

Het ontstaan van het eerste wapen[bewerken]

Het gaat hier dus om een wapen voor het gebied West-Friesland en de tegenwoordige provincies Friesland en Groningen. Drie gebieden dus waarvoor mede de naam Friesland gebezigd werd. Een gebiedswapen is, zoals de naam al aangeeft, een wapen voor een gebied waarover de heer het gezag uitvoert, doch ook voor het gebied waarvan hij denkt het gezag nog te zullen gaan voeren. Er is dan sprake van een pretentiewapen.

1385 In het Libro del Conosçimiento de todos los rregnos (Boek van Kennis van alle Koninkrijken) staat een schild met drie gaande leeuwen in zwart op een gouden veld met het bijschrift 'el rey de Frisia' (de koning van Friesland).

1404 - 1409 Een afbeelding, vergelijkbaar met die op de bovenvermelde banier, staat voor het eerst in een schild in de Hollantsche Cronike uit 1404-1409 van de bekende heraut Claes Heynensz. Hierin staat het wapen met de gaande en aanziende leeuwen op een blauw veld met zilveren penningen bezaaid. Als bijschrift staat vermeld: “Raboldus der Vriensen coninc”. Het mag duidelijk zijn dat deze Raboldus of Radboud dit wapen nooit heeft gekend, daar hij reeds in 719 was overleden, ver voor de ontwikkeling van de heraldiek dus.

1435 - 1442 Tussen deze periode moet het wapenboek Bergshammer zijn ontstaan. Hierin staat een wapen afgebeeld dat door Filips de Goede van Bourgondië als opvolger van de graaf van Holland (in 1433) voor zijn titel als Heer van Friesland wordt gebruikt. Het is afgeleid van het wapen in de “Hollandse Kroniek”, dat zich in de bibliotheek bevond van Willem VI en die inmiddels in het bezit van Filips was gekomen. In het blauwe schild staan twee gouden (uit courtoisie omgewende) aanziende leeuwen en een veld bezaait met zilveren penningen.

Het wapen wordt later afgebeeld, zonder helm, tussen de wapens van de overige gewesten van de lage landen in het Remissorium Philippi van Pieter van Beoostenzweene, dat tussen 1433 en 1445 werd geschreven. We hebben het hier in feite dus nog steeds over het wapen voor het gebied West-Friesland, het - nog steeds niet veroverde - Westerlauwers-Friesland en de Ommelanden.

1440-1450 Uit die tijd dateert een afbeelding van een vaandel dat de West-Friezen zouden hebben gebruikt ten tijde van de Slag bij Hoogwoud in 1256. Deze komt voor in een afschrift van de Brabantse Yeesten, een manuscript dat op grond van de afgebeelde kleding gedateerd wordt op de jaren 1440 tot 1450. Het vaandel of banier is blauw met twee gaande, aanziende gele leeuwen en het veld bezaaid met witte penningen (eigenlijk is dit dus een eerste Friese vlag!).

± 1450 Op het titelblad van de Gestes de Girart de Roussillon van Jean Wauquelin, dat in 1450 werd voltooid, staat het wapen nu (uit courtoisie omgewend) afgebeeld zonder blokjes of penningen. Dit wapen is te beschouwen als het oudste wapen van West-Friesland (zie het wapen West-Friesland).

± 1468 – 1473 Het wapen van Friesland met de penningen is nog te vinden op een gedrukte prent in 1468. Voor het laatst komt dit wapen voor in de krijgsverordening van Karel de Stoute in 1473.

De ontwikkelingen van de wapens voor de aparte gebieden (chronologisch)[bewerken]

Het wapen van “Westerlauwers” Friesland, de huidige provincie Friesland[bewerken]

± 1493 - ± 1515 In deze periode wordt een nieuw wapen ontworpen. Dit wapen komt voor het eerst voor op een portret uit ca. 1494 van het dochtertje van koning Maximiliaan I, Margaretha. Het is een variant op het oude wapen met de (aanziende) leeuwen. De penningen zijn vervangen door gouden (staande) blokjes. Net als de penningen, van een onbepaald aantal, “bezaaid“ dus.

Uit deze tijd dateert ook de eerste beschrijving van het Friese wapen: ein plaber schild, darynn ob einander zwin gelb leo met iren aufgeworffen swentzen zum ganz geschickt; underhalb und oberhalb der berurten leo in demselben schilde ausgesprayet gelbe spene.

± 1556 - 1579 Onder Filips II werd het wapen nogmaals veranderd. Het aantal blokjes werd teruggebracht tot zeven en liggend geplaatst 2, 2 en 3 (de plaatsing van de blokjes in het schild wisselt nog wel eens op de diverse afbeeldingen in de loop van de tijd). Zo zal het wapen er uit blijven zien

1958 Bij Koninklijk Besluit van 11 februari 1958, nr. 18 werd het huidige wapen vastgesteld. (zie boven)

Het wapen van West-Friesland met de aanziende leeuwen[bewerken]

± 1450 Op het titelblad van de Gestes de Girart de Roussillon van Jean Wauquelin, dat in 1450 werd voltooid, staat het wapen nu (uit courtoisie omgewend) afgebeeld zonder blokjes of penningen. Dit wapen is te beschouwen als het oudste wapen van West-Friesland (zie het wapen West-Friesland).

± 1583 - 1798 Tijdens het bewind van Frans van Anjou (1582 - 1584) verschenen opnieuw de blokjes in het wapen. Het verschil met het wapen van Westerlauwers-Friesland was, dat er geen zeven doch vijf blokjes waren en bovendien van zilver. In de loop van de achttiende eeuw werden de blokjes van goud. Tot de opheffing van de Gecommitteerde Raden van Westfriesland en het Noorderkwartier in 1798 is deze wapencompositie in diverse varianten in gebruik gebleven.

1907 Na de splitsing van Holland in Noord- en Zuid-Holland in 1840, werd aanvankelijk in Noord-Holland nog het Hollandse wapen gebruikt. Een nieuw wapen voor deze provincie werd vastgesteld bij KB van 23 mei 1907, nr. 43. De beschrijving luidt: Gedeeld; I. in goud een leeuw van keel, getongd en genageld van azuur (Holland);II. in azuur, bezaaid met liggende gouden blokjes, twee gaande en aanziende leeuwen van hetzelfde, boven elkaar geplaatst (Westfriesland);het schild gedekt met een vijfbladige gouden kroon.

Het wapen van de Ommelanden met de schuinbalken[bewerken]

vanaf ± 1280 In Franse wapenboeken komen vanaf het einde van de dertiende eeuw verschillende wapens van de 'Koning van Friesland' (Le Roy de Frise) voor, meest met zilveren balken en zilveren munten, harten of leliebladeren op een blauw veld. Het wapenboek van Wijnbergen (2e deel ± 1280) verwisselt daarentegen het wapen van le roy de Frisonie met dat van Griffonie (Griekenland) en tekent daarbij een rode griffioen in een gouden veld.

± 1450 Vanaf het midden van de vijftiende eeuw beeldt men dit wapen uit met een blauw veld, dat beladen is met drie zilveren schuinbalken. De balken worden (in het blauw!) vergezeld van negen rode (rechtopstaande) harten, geplaatst 1, 3, 3 en 2. Deze afbeelding is de oudste weergave van het wapen dat het latere wapen van de Ommelanden zou worden.

1555 Een wapen met schuinbalken met als bijschrift “Frise” is ook te vinden in het manuscript Le très admirable Triumphe de la Noble Ordre de la Toison Dor van Jacques le Boucq, kamerheer van Karel V. Dit manuscript beschrijft een feest dat koning Filips II in 1555 in Antwerpen gaf. Dit wapen laat zich als volgt beschrijven: In blauw drie schuinbalken van zilver, de balken beladen met rode harten, geplaatst in de lengterichting van de balken 2, 3 en 2.

1575 – 1594 De schuinbalken werden veranderd in linkerschuinbalken (dus de andere kant oplopend) en het aantal harten verhoogd naar elf, schuin geplaatst (dus haaks op de linkerschuinbalken) 1 : 4 : 4 : 2.

De kleurstelling van dit wapen is niet duidelijk en bovendien liggen de schuinbalken met de harten wel heel dicht tegen elkaar aan, wat beschreven zou kunnen worden als: linksgeschuind van vier balken, de schuinbalken beladen met harten. Of zijn om plaatsgebrek de “tussenbalken” versmald tot strepen? Een zelfde wapen komt ook voor als hartschildje in het grootzegel van de Ommelanden uit 1579.

1594 - 1652 Bij traktaat van 23 juli 1594 werden Groningen (stad) en de Ommelanden samengevoegd. Niet lang daarna zal het nieuwe provinciewapen zijn ontstaan. Het komt voor het eerst voor op een zegel aan een akte van 24 april 1598. Het wapen is gevierendeeld: I en IV (stad Groningen), in zilver een groene balk; II en III, het Ommelander wapen, nu van zilver met drie blauwe linkerschuinbalken en de elf rode harten, geplaatst 1 : 4 : 5 : 1. 1652 - Nadat de Ommelanders zich in 1652 tijdelijk van Groningen hadden losgemaakt, komt het wapen nog eens als zelfstandig wapen voor op een zegel van de Ommelanden. Ook dit wapen is weer een variatie op het schuinbalken thema, het schild is nu weer blauw en beladen met vier zilveren linkerschuinbalken, beladen met elf rode harten 1 : 4 : 4 : 2.

- 1798 Tot 1798 blijft het Ommelander wapen deel uitmaken van het wapen van de provincie Groningen. Van 1805 tot 1811 komt het oude provinciewapen weer voor op het zegel van het “departement Stad en Lande van Groningen. Na de Franse tijd wordt in 1814 het oude provinciewapen (zoals vastgesteld in 1600) weer in gebruik genomen. Pas bij KB van 30 december 1947, nr. 21 wordt het wapen officieel bevestigd. Het heeft dan de volgende beschrijving: Gevierendeeld: I en IV, in goud een dubbele adelaar van sabel, dragende op zijn borst een schildje van zilver, beladen met een dwarsbalk van sinopel; II en III, in zilver drie linker schuinbalken van azuur, vergezeld van elf schuin geplaatste harten van keel 1, 4, 4, 2. Het schild gedekt met een gouden kroon van vijf bladeren en vier paarlen en ter wederzijde gehouden door een leeuw van goud.

Literatuur[bewerken]

  • H.E.H. Bruch, De Fryske Flagge, rapport en Advys fan de kommisje ta bistudearring fan de Fryske flagge, Assen 1956 (It Beaken 18 (1956), pp. 33-88)
  • E.H. Waterbolk, 'Een vlag-incident?' in: It Beaken 19 (1957), pp. 1-13, 54-56
  • H. de Vries, 'Het Friese Vlagrapport', in: Dez., Wapens van de Nederlanden. De historische ontwikkeling van de heraldische symbolen van Nederland, België, hun provincies en Luxemburg, Amsterdam 1995.
  • H. de Vries, Friesland/Fryslân
  • H. de Vries, Groningen

Zie ook[bewerken]