Waterspreeuw

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Waterspreeuw
IUCN-status: Niet bedreigd[1] (2012)
Waterspreeuw.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Aves (Vogels)
Orde: Passeriformes (Zangvogels)
Familie: Cinclidae (Waterspreeuwen)
Geslacht: Cinclus
Soort
Cinclus cinclus
(Linnaeus, 1758)
Voorkomen als: jaarvogel (groen) en wintergast (blauw)
Voorkomen als: jaarvogel (groen) en wintergast (blauw)
op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Vogels

De (gewone) waterspreeuw (Cinclus cinclus) is een zangvogel uit de familie van waterspreeuwen (Cinclidae). Het zijn geen spreeuwen, maar vogels die voorkomen bij stromend water. Binnen Europa worden verschillende variëteiten (ondersoorten) onderscheiden.

Kenmerken[bewerken]

Deze plompe vogels hebben een korte staart en een lengte van 18 tot 21 cm. Het verenkleed is waterafstotend. In Midden- en West-Europa (incl. de Britse Eilanden) hebben de waterspreeuwen een bruinrode kleur op de onderbuik, vogels uit Scandinavië en Finland zijn daar zwart met een witte borst (zie plaatje het verschil tussen de vogel op de steen en die er voor). Zijn roep hoort zich aan als 'strits'.

Leefwijze[bewerken]

Het voedsel bestaat uit waterinsecten, larven, kevers, wormen en kikkervisjes.

Voortplanting[bewerken]

Het koepelvormige nest is bekleed met mos, gras en bladeren, met aan de zijkant een ingang en ligt verborgen in een rotsspleet, tussen boomwortels, onder een brug of achter een waterval. Een legsel bestaat uit 3 tot 6 witte eieren en wordt 16 dagen lang bebroed door het vrouwtje. De jongen worden gevoerd door beide ouders. Direct na het verlaten van het nest begeven de jongen zich in het water om naar voedsel te zoeken.

Verspreiding en leefgebied[bewerken]

De soort telt 14 ondersoorten:

  • C. c. hibernicus: Ierland en westelijk Schotland.
  • C. c. gularis: Schotland (behalve het westen), noordelijk, centraal en westelijk Engeland en Wales.
  • C. c. cinclus: noordelijk Europa, westelijk en centraal Frankrijk, noordelijk Spanje, Corsica en Sardinië.
  • C. c. aquaticus: centraal en zuidelijk Europa.
  • C. c. olympicus: Cyprus.
  • C. c. minor: noordwestelijk Afrika.
  • C. c. rufiventris: westelijk Syrië en Libanon.
  • C. c. uralensis: het Oeralgebergte (westelijk Rusland).
  • C. c. caucasicus: van Turkije tot de Kaukasus, noordelijk Irak en noordelijk Iran.
  • C. c. persicus: zuidwestelijk Iran.
  • C. c. leucogaster: zuidelijk-centraal Rusland, noordwestelijk China, zuidelijk tot Afghanistan en noordelijk Pakistan.
  • C. c. baicalensis: zuidelijk-centraal en zuidoostelijk Siberië.
  • C. c. cashmeriensis: de westelijke en centrale Himalaya.
  • C. c. przewalskii: de oostelijke Himalaya, zuidelijk Tibet en westelijk China.

Deze soort komt voor in Europa, Noord-Afrika en delen van Azië. Ze leven nabij snelstromende beken en rivieren in de heuvels en bergen.

Voorkomen in Europa[bewerken]

In Nederland komen waterspreeuwen nauwelijks voor. Er zijn gedocumenteerde broedgevallen in Zuid-Limburg uit het begin van de 20ste eeuw en een paar met jongen in het zuidelijke Geuldal in 1994. Dit betrof de Midden-Europese variëteit met roodbruine buik. In België broedt de roodbuikige waterspreeuw wel langs geschikte beken in de Ardennen.

Als wintergast wordt de vogel met enige regelmaat gezien. Tot 1980 waren dit minder dan 10 waarnemingen per jaar, maar in het laatste decennium van de 20ste eeuw liep dit op tot meer dan 20. Mogelijk zegt dat meer over de activiteit van vogelaars dan over het trekgedrag van de waterspreeuw. De waargenomen wintergasten zijn dan vogels met een zwarte buik.[2][3]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. (en) op de IUCN Red List of Threatened Species.
  2. Bijlsma, R.G., F. Hustings & C.J. Camphuysen, 2001. Avifauna van Nederland 2. ISBN 90-74345-21-2
  3. SOVON Verspreiding en aantalsontwikkeling van de waterspreeuw in Nederland