Webwinkel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een webwinkel is een online etalage waarbij diensten en producten kunnen worden aangeschaft via het internet.

Geschiedenis[bewerken]

Hoewel e-commerce op het wereldwijde web pas in de jaren 90 begon, was het al veel eerder mogelijk om online/digitaal goederen en of diensten te bestellen op afstand. In 1981 was het Thomson Holidays (Verenigd Koninkrijk) dat door midden van telefoonlijnen een datanetwerk opzette voor lokale reiswinkels. Het was mogelijk om via een modem in te bellen naar Thomson om reisinformatie op te vragen, reizen te boeken en ook te annuleren.[1] Ook het Franse Minitel was een voorbeeld van de mogelijkheid om 'digitaal' op afstand te kopen.

Het world wide web zoals wij het nu kennen is in 1990 ontwikkeld door Tim Berners-Lee. Een jaar later in 1991 hief de Amerikaanse National Science Foundation de eerder opgedragen beperkingen van het commercieel gebruik van het internet op. Daarmee was het voor het eerst officieel toegestaan om commercieel te verkopen op het internet.

Drie jaar later in 1994 werd er voor het eerst via het web iets verkocht. De Pizza Hut verkocht pizza's via het internet. Ook werd het SSL-protocol ontwikkeld. Daarmee konden (onder andere) webpagina's beter beveiligd worden.

In 1995 begon het steeds sneller te gaan met het verkopen via het internet. De bedrijven Amazon en eBay werden opgericht. En ook het postorderbedrijf Wehkamp startte in Nederland met het verkopen van kleding via een eigen website. Computergigant Dell is het eerste bedrijf dat in 1997 één miljoen dollar omzette aan online verkopen. Sinds Google in 1998 opgericht werd, kwamen er steeds meer bedrijven met verkoopwebsites bij. In hetzelfde jaar begon het spatten van de internetzeepbel.

In Nederland startte in 1999 Bol.com, wat nu de grootste online webwinkel van Nederland is.[2]

In 2010 kwam Zalando op de Nederlandse markt. In datzelfde jaar vindt tevens de 100 miljoenste iDEAL-transactie plaats.[3]

Volgens het CBS telde Nederland op 1 januari 2010 7.100 webwinkels. In 2012 waren dit er 16.400.[4] Het aantal actieve Belgische webshops werd in maart 2012 op ruim 5000 geschat.[5]

Kooporiëntatie[bewerken]

NIPO-Onderzoek heeft uitgewezen dat het internet in Nederland sinds 2002 het belangrijkste kooporiëntatiemedium is geworden, zelfs belangrijker dan de traditionele papieren catalogus. Sindsdien is het belang van internet alleen maar gegroeid. Webwinkels worden in hoge mate voor kooporiëntatie gebruikt, waarbij de koop niet per se online hoeft plaats te vinden. Daarbij neemt het online webwinkelen volgens de brancheorganisatie Thuiswinkel.org ook nog steeds fors toe, zij het dat de groei wat afvlakt. Verwacht wordt dat in 2015 ongeveer 11% van de omzet van de detailhandel online plaatsvindt.[6] Een belangrijke ontwikkeling is dat steeds meer fabrikanten het webwinkelen omarmen en inzien dat hun klanten zich vooral online (ook in webwinkels) oriënteren op hun producten. Dat verklaart ook de ontwikkelingen in de richting van een open catalogus.

Belemmeringen bij webwinkelen zijn:

  • Sommige producten lenen zich minder voor verkoop op afstand, zoals kleding of voedsel
  • Niet alle webwinkels zijn betrouwbaar gebleken
  • Niet alle webwinkels bieden een boter-bij-de-visbetaalmogelijkheid (rembours, betalen bij afhalen)
  • Klanten moeten thuis blijven om goederen in ontvangst te nemen
  • De uitlevering is traag
  • De productinformatie is onvolledig en het advies is beperkt.

Vergelijken[bewerken]

Er zijn veel webwinkels die aangesloten zijn bij een productenzoekmachine of productvergelijker. Hiermee krijgt men eenvoudig een overzicht welk product waar het goedkoopst is.

Betalen[bewerken]

In Nederland is iDEAL de meest populaire online betaalwijze. Daarna volgen de creditcards, waar nog steeds ook in Nederland ongeveer drie op de vier Nederlandse consumenten die online aankopen doet, jaarlijks gebruik van maakt. In het buitenland zijn de creditcardbetalingen verreweg marktleider. In Nederland zijn er veel alternatieven als kadokaarten, zoals de Wallie-card, partijen die achteraf betalen aanbieden en PayPal ook actief, maar deze hebben in Nederland momenteel nog een relatief klein marktaandeel. Online betaalmethoden worden in de meeste gevallen gefaciliteerd door zogenaamde payment service providers.

Rechten[bewerken]

Op aankopen die via een webwinkel verricht worden, is een zichttermijn (bedenktijd van 7 dagen) van toepassing. Deze bedenktijd geldt enkel voor consumenten. De meeste webwinkels hanteren inmiddels 14 dagen en in Europa zijn er momenteel verregaande gesprekken om dit de nieuwe standaard te maken. Webwinkels die bij een van de verschillende keurmerken zijn aangesloten, voeren al deze langere zichttermijn.

Keurmerken[bewerken]

Vanwege de twijfel van consumenten over de betrouwbaarheid en vriendelijkheid van webwinkels zijn er verschillende keurmerken opgericht. Daarnaast moeten webwinkels handelen volgens de Europese regelgeving in verband met veiligheid en betrouwbaarheid.

Techniek[bewerken]

Er zijn diverse webwinkelsoftwarepakketten, zowel betaald als open source, om op een eigen website te plaatsen. Grotere bedrijven kiezen vaak voor maatwerk, maar ook dan wordt er nog vaak gebruikgemaakt van opensourcesoftware. Daarnaast zijn er diverse bedrijven die een kant-en-klare webshop aanbieden in abonnementsvorm. Deze kunnen met behulp van een sjabloon (template) aangepast worden aan de huisstijl van de winkel.

Veel webwinkelsoftwarepakketten opereren losstaand. Veelal moeten de orders handmatig worden overgeheveld naar een administratie of ERP-pakket. Er is echter een tendens dat ERP-software en webwinkelsoftware steeds meer geïntegreerd gaan worden.[7] Dit levert enorme voordelen op voor de verdere afhandeling van de order, de voorraadstatus en eventuele statusmeldingen naar de klant.

Bronnen, noten en/of referenties