Wederrechtelijke vrijheidsberoving
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Wederrechtelijke vrijheidsberoving is het vasthouden van een persoon zonder wettelijke basis.
Een wettelijke basis voor vrijheidsberoving kan bijvoorbeeld bestaan indien:
- een persoon als verdachte wordt gearresteerd, in voorlopige hechtenis wordt gezet of tot een gevangenisstraf is veroordeeld.
- een persoon op basis van een besluit van de rechter wordt opgesloten, omdat die persoon een gevaar voor zichzelf of voor anderen is, bijvoorbeeld, ten gevolge van een psychose.
- een persoon wordt gegijzeld door de rechtbank om die persoon te dwingen een bevel van de rechter op te volgen.
De algemene regel is, dat iemand een ander niet tegen zijn wil mag vasthouden. Wederrechtelijke vrijheidsberoving kan voorkomen in combinatie met een ontvoering.
Het motief voor wederrechtelijke vrijheidsberoving ligt vaak in afpersing: de dader sluit dan het slachtoffer op totdat het slachtoffer, of anderen aan bepaalde eisen voldoen. De eis kan onder andere bestaan uit het betalen van een losgeld.

