Westerse kostuumgeschiedenis

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Dit artikel behandelt de geschiedenis van de mode en het kostuum in Europa, vanaf Rome tot de Eerste Wereldoorlog.

De geschiedenis wordt ingedeeld naar tijdperken en periodes, die toonaangevend waren. Vaak was een hof of een stad toonaangevend, wat in de mode was. Deze chronologische beschrijving baseert zich dus op de haute couture en toonaangevende mode.

De oude Beschavingen[bewerken]

Hellas[bewerken]

In Hellas droegen de vrouwen een Dorische wollen peplos of een Ionische gedrapeerde linnen chiton, waarover soms een wollen peplos gedrapeerd werd.

Het oude Rome[bewerken]

Voorbeeld van een Stola uit de Romeinse tijd.
Voorbeeld van een toga in de Romeinse tijd.

De kledij in Rome werd vooral gekenmerkt door togae en tunicae. De vrouwen droegen over hun tunica een stola, die ze bijeenhielden met een fibula. Aan de voeten van de Romeinen - en dan vooral hun soldaten - vonden we caligae. Ook de techniek van het quilten was al gekend in de Romeinse oudheid.

Het huwelijkskleed van de vrouw: De vrouw droeg bij haar huwelijk een lang, wit (teken van maagdelijkheid) kleed. Op dat kleed droeg ze een wollen (teken van vruchtbaarheid) gordel om het middel, geknoopt met de Herculesknoop. Ze droeg ook een oranje sluier, maar haar gezicht werd vrijgelaten. Op haar hoofd droeg ze een krans van zelfgeplukte bloemen. In haar haren droeg ze 6 vlechten met wollen linten, de scheiding van de vlechten werd gemaakt door een speerpunt, die gedoopt is in bloed van een stervende gladiator.

Het huwelijkskleed van de man: Hier is weinig over gekend, alleen weten we dat hij ook bloemenkransen droeg, soms zelfs meerdere.

De renaissance[bewerken]

De Spaanse heerschappij[bewerken]

In de renaissance was er sterke druk van Spanjaarden op de Nederlanden; zij verdedigden vurig het roomse geloof. Hun gebruiken brachten zij naar onze gewesten. Uit deze tijd stamt de Spaanse mode. Zij wordt gekenmerkt door de klokvormige rok voor de dames, afgewerkt in een dure stof. Ze droegen een strak rijglijfje of korset met daarover een lang maagstuk. De dames droegen nooit een decolleté of blote armen. De randen werden afgezet met kloskant of goudkant. Parels waren zeer populair en werden overal gedragen, op de kledij of op het lichaam. Rond de hals werd een grote kanten kraag gedragen; deze werd gebleekt en gesteven. Het haar werd altijd opgestoken en versierd met kant, juwelen of bloemen.

De late renaissance[bewerken]

In de late renaissance evolueerde de mode tot een overdaad van juwelen en accessoires, dames droegen een hoepelrok, en een zeer lang maagstuk, kanten kragen werden waaiers die rechtop stonden in de hals.

De barok[bewerken]

Franse barok[bewerken]

De toonaangevende mode was de kledij gedragen aan het hof van Versailles, deze dracht werd standaard in het Europa van de 17e eeuw. Vanaf het Ancien Régime is Parijs de hoofdstad van de haute couture. Lodewijk XIV die zeer lang regeerde heeft duidelijk zijn stempel gedrukt op het Franse leven. De mode was zeer duur, maar niettemin kopieerden burgers op sobere schaal de laatste mode.

Damesmode[bewerken]

De damesmode bestond uit veel onderdelen en accessoires. Vrouwen droegen een japon bestaande uit een lijfje met een vierkante halsuitsnijding, versierd met kant. De japon werd achteraan afgewerkt met een sleep. In zo'n japon werden vele meters dure stoffen verwerkt; zijde uit Lyon was heel populair en gewild. Op het hoofd droegen de dames een stoffen kapje, à la Fontage, uitvoerig versierd met kloskant. De schoenen hadden een punt en een hak. Als accessoires waren er de waaier en snuifdozen. Parfum wordt royaal gebruikt om de ongemakkelijke geurtjes te verdrijven. Lange handschoenen en een mof waren ook altijd binnen handbereik. Waaiers werden gemaakt uit verschillende stoffen, die desgewenst konden worden verwerkt. Bij de juwelen waren vooral witte parels zeer populair, ook corsagejuwelen werden gedragen. De juwelen waren hoofdzakelijk symmetrisch, en werden overal gedragen. Ook vermelden we het verschijnsel van de "tâche de beauté"; het fameuze schoonheidsvlekje. De huid werd zo bleek mogelijk gemaakt met allerlei poedertjes.

Herenmode[bewerken]

De herenmode bestond uit een vest en een zogenoemde juste-au-corps; veel aandacht ging uit naar de pruik. Vooral de allongepruik was zeer populair, gemaakt van dierenhaar, dat desgewenst gepoederd kon worden. De vesten werden rijkelijk geborduurd met bloemen of afgezet met galons; de das werd duidelijk gedragen met een overvloed aan Italiaanse naaldkant, en een grote strik. Een sobere kniebroek ging over in kousen die aan de enkels werden geborduurd.

Hollandse barok[bewerken]

De mode in de Nederlanden is veel bescheidener dan aan het Franse hof, de stoffen zijn veel zwaarder en donkerder; opvallend is het grote gebruik van kant, verwerkt in kragen en manchetten. Damesmode in 17e-eeuwse portretkunst:

Zie ook: Johannes Vermeer

Régence en 18e eeuw[bewerken]

Robe A la Française, Ca 1740; met borduurwerk

Na de barok tijdens de lange regeerperiode van Lodewijk XIV verandert de levenswijze: alles wordt speelser en lichter. In de architectuur en beeldende kunst komt na de transitionele régence en Lodewijk XV-stijl de laatbarok ofwel rococo.

De damesmode wordt nog gekenmerkt door een vrijere versie van de strakke hofkledij, over de onderrokken wordt nu een lange jurk gedragen die van achter wordt samengenaaid in de zogenaamde watteauplooien. Het decolleté is meestal vierkant. De haren worden samen naar achter gebonden en licht versierd. Later in de 18e eeuw wordt de jurk steeds breder en pompeuzer, de stijl wordt soms ook vernoemd naar koningin Marie-Antoinette. Typerend voor deze 18e-eeuwse periode zijn de torenhoge dameskapsels, die ware kunstwerken zijn van echt haar gecombineerd met paardenhaar en een constructie van metaal of kussens. Het geheel wordt versierd met parels, juwelen, pluimen en stukken stof. Kenmerkend is ook de grote productie van kant, dat een luxeobject bij uitstek wordt.

De herenmode blijft bestaan uit een driedelig pak, met kniebroek. De allongepruik krimpt en krijgt een beschaafdere indruk. Later wordt de pruik samengebonden met een strik vanachter.

Franse Revolutie[bewerken]

Eerste Keizerrijk, Empire[bewerken]

De sobere kledij uit de revolutie maakt stilaan plaats voor luxe en verfijning, vooral dankzij keizerin Joséphine de Beauharnais. Langzaam wordt de oude adel hersteld en is er plaats voor eenvoudige pracht. De dames dragen nu vooral het empirekleed met zeer kort corsage, soms aansluitend en soms gedrapeerd. Een diepe halsuitsnijding, de mouwen konden verschillende vormen hebben, soms kort en gepoft of lang en aansluitend. De rok was zeer lang en met een sleep. Op het empirekleedje werd een bolero of spencer in fluweel gedragen meestal in een contrasterende kleur van het kleed. De man moest de perfecte gentleman zijn, gekleed in jas en pantalon, hemd en das moesten zuiver wit zijn. Kant werd nooit meer gedragen door mannen; in de damesmode herstelt dit product zich langzaam.

De laat 18e en vroeg 19e eeuw[bewerken]

Romantiek[bewerken]

Biedermeier[bewerken]

Damesmode[bewerken]

Na het eenvoudige empirekleed worden er weer meer onderrokken als opvulsels gedragen. Er waren vooral brede schouders, een sterk ingesnoerde taille en wijde rokken. De rok van het kleed was korter zodanig dat de enkel zichtbaar werd, aan de zoom werden veelal versieringen aangebracht. Tijdens de romantiek was er ook een verschil tussen het dag- en het balkleed. Het balkleed werd nog versierd met volants, bloemen, rushes, etc. Bij het balkleed waren de mouwen meestal kort en bij het dagkleed lang. Overdag droeg men vooral bottines met lange rij knoopjes, 's avonds droeg men lage puntige schoentjes met gekruiste linten rond het been.

Herenmode[bewerken]

De kledij van de mannen was minder fantasierijk dan van de vrouwen. Een brede borstpartij en een slanke taille waren de wens van iedere man, hiervoor maakte men gebruik van borstvullingen en een korset (de zogenaamde dandy).

De crinoline[bewerken]

Rond het einde van de jaren 50 begint de crinoline aan zijn opmars. Deze kooi van soepele hoepels zorgde ervoor dat alle dikke onderrokken voorgoed naar de kleerkast verdwenen. Eerst waren deze nog gering in omvang, maar in de jaren 60 was de omvang gigantisch; deze constructie vergde meters stof. Door het sterke contrast kwam ook de extreem ingesnoerde taille veel beter uit. (Vrouwen vielen als gevolg van ademnood door deze extreme insnoering soms flauw.)

Jugendstil[bewerken]

De damesmode ondergaat nu verschillende grillen; ze gaat van enorm breed naar enorm smal. De korsetten worden ongezien strak (de zgn. S-Lijn) en de dames moeten ingewikkelde constructies dragen. Het is de tijd van de beau monde. Rijke mensen verdienen zeer veel in korte tijd door de industriële revolutie, ze trekken zich terug op het platteland voor weelderige feesten en exclusieve diners. Een societydame wordt geacht zich meerdere malen per dag te verkleden, van sobere rijkledij of wandeljurk tot indrukwekkende avondkledij, met veel details en accessoires. In deze tijd worden vele modehuizen in Parijs gesticht die de mooiste en duurste stoffen verwerken in excentrieke creaties. Ook juweliers doen gouden zaken. Het Britse hof puilt uit van de weelde, dankzij de Indiase kolonie kan het keizerrijk zo o.a. aan schitterende edelstenen geraken. Ook het Belgische, Habsburgse en Russische hof laten zich kenmerken door ongekende praal. De weelde van de Romanovs vertaalt zich o.a. in de eieren van Carl Fabergé.

Fin de siècle en het interbellum[bewerken]

De mode krijgt nu enigszins sobere strakke vormen, men gebruikt nu veel pluimen, bont en borduursels; de mode wordt nu een commerciële sector, veel modehuizen zorgen voor democratischer ontwerpen. Ook accessoires worden aan de lopende band gemaakt, zo is kant nu een overwegend machinaal product, waardoor de traditionele kantindustrie zware klappen krijgt.

Kindermode[bewerken]

Nieuwe tijd[bewerken]

18e-eeuwse kindermode
De kleine Mozart
17e-eeuwse kindermode

Er was in de tijd van de barok weinig voor de kinderen, zij werden beschouwd als volwassen. Ze werden opgevoed door kindermeisjes. Kinderen werden in kostuums gestoken zoals volwassenen. Over de kindermode is daarom niet zoveel geweten. Wat wel zeker is dat kinderen het hoogstwaarschijnlijk niet zo leuk vonden om in dergelijke kostuums rond te lopen, het belemmerde de gang enorm. Bovendien waren de nauwsluitende korsetten voor vele jonge meisjes een marteling. Een opmerkelijk feit is dat jongens en meisjes in de kleuterleeftijd hetzelfde droegen, een lang kleed dat uitgesneden was met een decolleté. Op sommige portretten staan kinderen afgebeeld met geluksbrengers en devotionalia; kinderen waren toen vanwege de hoge kindersterfte ontzettend kwetsbaar.

Musea en collecties[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]