Westland Lynx

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Westland LYNX.png

De Westland Lynx is een helikopter die werd ontworpen door de Britse fabrikant Westland in samenwerking met het Franse Aérospatiale.

Eind jaren zestig werkten Westland en Aerospatiale samen aan de ontwikkeling van drie helikopters: de Puma, de Gazelle en de Lynx. Aerospatiale nam het leeuwendeel van de ontwikkeling van de eerste twee typen voor zijn rekening, terwijl Westland het grootste deel van de Lynx ontwierp.

Het toestel werd gebouwd in Westland's fabriek in Yeovil. De helikopter vloog voor het eerst op 21 maart 1971 als de Westland WG.13. Hoewel de helikopter aanvankelijk bedoeld was voor civiel en maritiem gebruik, leidde militaire interesse tot de ontwikkeling van de Army and Navy Lynx. Deze werd in gebruik genomen in 1977. Later werd het toestel ook in gebruik genomen door de strijdkrachten van meer dan een dozijn naties, waaronder Nederland. Bij Aerospatiale werden de toestellen voor Frans gebruik gebouwd.

De Lynx is een van de wendbaarste helikopters ter wereld en is onder andere in staat backflips uit te voeren.

De British Army bestelde 100 Lynx AH (Army Helicopter) Mk.1 voor verschillende doeleinden, zoals tactisch transport, bewapende escorte, antitankoorlogsvoering (met acht TOW-raketten), verkenning en evacuatie. Het leger heeft een Marconi Elliot AFCS-systeem geplaatst op de Lynx voor automatische stabilisatie op de drie assen.

Dienstgeschiedenis[bewerken]

Westland Lynx Marine

In Britse dienst voorziet het toestel het Army Air Corps (AAC) en de Fleet Air Arm (FAA). In het AAC dienen de AH.7 en AH.8 als aanvalshelikopters. De Lynx AH.7 is in dienst bij de FAA als aanvals/utility-helikopter als steun voor de Royal Marines, de Lynx HMA.8 als onderzeebootbestrijdingshelikopter, uitgerust met een Sea Skua antischeepsraket voor oorlogsschepen van de Britse Royal Navy.

De grootse rol van de Lynx in strijd was het bedienen van de Sea Skua met verwoestende gevolgen voor de Iraakse marine tijdens de Golfoorlog in 1991. De Lynx deed ook dienst bij het Britse leger tijdens dat conflict. Hij had al eerder meegedaan in gevechtsmissies in Britse dienst tijdens de Falklandoorlog in de jaren '80. Er werden geen toestellen neergeschoten, maar drie zijn verloren gegaan aan boord van schepen die geraakt zijn door Argentijnse bommen of Exocets: een op de MV Atlantic Conveyor en een aan boord van HMS Coventry en HMS Ardent.

Het toestel werd gebruikt tijdens Operatie Barras om 11 Britse soldaten te redden in Sierra Leone op 10 september 2000.

De recentste oorlogsmissie was tijdens de invasie van Irak in 2003. Het toestel heeft ook veel gediend tijdens vredesoperaties- en oefeningen en dient als standaarduitrusting van de meeste oppervlaktevaartuigen van de Royal Navy.

Een Britse Lynx van het 847 Naval Air Squadron werd op 6 mei 2006 neergeschoten boven Basra, Irak. Men vermoedt dat de helikopter werd neergehaald door een raket of, waarschijnlijker, door een draagbare raketwerper (RPG). De Lynx stortte op een huis neer en vloog in brand. Hierbij kwamen alle vijf bemanningsleden om, waaronder de commandant van 847 NAS. Er ontstond een soort van rel met de lokale bevolking, die het neerhalen van de helikopter vierden en de plaats waar de helikopter neerstortte omsingelden, terwijl Britse troepen naar de plek des onheils snelden. Dit was de eerste Britse helikopter en pas het tweede Britse luchtvaartuig dat neergeschoten werd (het eerste was een RAF Hercules) door vijandig vuur in de oorlog.

Koninklijke Marine[bewerken]

De Groep Maritieme Helikopters (GMH) vliegt sinds 1976 met de Lynx. Aanvankelijk waren er 24 stuks in 3 verschillende varianten. De UH-14A (6 stuks) was de opvolger van de Agusta Bell 204B helikopter en bedoeld voor opleidingen en SAR-taken. De SH-14B (10 stuks) en de SH-14C (8 stuks) waren ten behoeve van de onderzeebootbestrijding vanaf fregatten inzetbaar. Vanaf 1993 zijn alle typen gestandaardiseerd naar één multi-role versie, de SH-14D.

Thuisbasis van de SH-14D is Maritiem Vliegkamp De Kooy nabij Den Helder. De GMH heeft twee squadrons: 7 en 860. Squadron 7 is het opleidings- en SAR squadron. Squadron 860 opereert vanaf oorlogsschepen. De taken waarvoor de SH-14D wordt ingezet zijn Search and Rescue, Special Forces (DSI), transport, onderzeebootbestrijding (Anti Submarine Warfare) en oppervlakteoorlogvoering (Anti Surface Warfare), waaronder de antipiraterij-missie Operatie Atalanta. De SH-14D kan worden uitgerust met MK-46 Torpedo's en een 7.62 mm machinegeweer. Voor zelfbescherming is hij voorzien van Chaff en Flares. Met ingang van 4 juli 2008 is de GMH opgegaan in het Defensie Helikopter Commando (DHC) vallend onder het bevel van de Koninklijke Luchtmacht. Op 11 september 2012 vond de laatste vlucht van Defensie in Nederland met de Lynx plaats. Uiterlijk 2015 zal de SH-14D volledig vervangen zijn door de NHI NFH-90.[1]

Libië 2011[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Incident met Nederlandse marinehelikopter in Sirte voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Op 3 maart 2011, is vanaf Hr. Ms. Tromp, een geheime operatie uitgevoerd met een Lynx. Er waren drie Nederlandse militairen aan boord van het toestel. De opdracht was om twee evacuées op te halen uit de Libische stad Sirte. Muammar Kaddafi's milities omsingelden het toestel vrijwel direct na de landing. De helikopterbemanning werd gevangengenomen. Na twaalf dagen gevangenschap zijn de militairen in goede gezondheid vrijgelaten. De door Libië in beslag genomen helikopter kreeg Nederland terug op 27 februari 2012.

Galerij[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties