Weten

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Parmenides stelde waarheid en weten tegenover schijn en verbeeldingskracht.

Weten is kennis hebben van de bekende en onbekende omgeving, door middel van eigen waarneming of overdracht van informatie. Kennis wordt opgeslagen in het geheugen. Weten is het bewust zijn van bepaalde gegevens omtrent je eigen leven of de omringende wereld. Het weten is een gemoedstoestand, die exclusief aan de mens of dieren met een hoger bewustzijn wordt toegekend. Begrippen als "weten", "kennis" en "ervaring" liggen heel dicht bij elkaar en worden in de praktijk vaak door elkaar gebruikt.

Algemeen[bewerken]

Het weten is de basis van de wetenschap. In ruime zin is wetenschap is het weten van de mens, de georganiseerde kennis in de samenleving, en de organisatie van de wetenschap. Wetenschap is dat deel van de maatschappij, dat zich ten doel heeft gesteld kennis te verwerven. De wetenschap heeft een eigen karakter, en de beoefening ervan is onderworpen aan eigen wetten, methoden en conventies.

Weten is volgens Stellingwerff (1971) meer dan kennis. Ook een dier heeft kennis, maar geen kennis van zijn kennis. Weten is bewuste en zekere kennis. De zekerheid van het weten is betrekkelijk, maar naar die zekerheid wordt wel volhardend gestreefd.[1]

Geschiedenis[bewerken]

Een eerste filosoof, die zich uitliet over het "weten" was de Griekse filosoof Parmenides, die leefde rond 540 v.Chr. in Elea. Hij stelde waarheid en weten tegenover schijn en verbeeldingskracht.

Door vele filosofen en in vele religies is het begrip wijsheid nader uitgewerkt.

Vormen van weten[bewerken]

Wegen met een balans biedt een "meten is weten".
Absoluut weten
Het "absolute weten" is een term uit Hegels Phänomenologie des Geistes.
Ervaring
Ervaring is kennis hebben van de gebruikelijke gang van zaken, verkregen door observatie en betrokkenheid bij bepaalde processen of toestanden. Ervaring is een vorm van kennis of inzicht, die door ondervinding geleerd wordt. Kennis wordt hierbij wel gezien als geheel van theorie en ervaring. De term heeft een speciale betekenis in relatie tot de wetenschap. Vaak wordt daar de eis gesteld dat de ze zich moet beperken tot de in de ervaring waarneembare verschijnselen. Bedoeld wordt dan ook de verschijnselen, die herleidbaar dienen te zijn tot zintuiglijke gewaarwordingen.[2]
Geloven
Weten en geloven, in de betekenis van overtuiging en vertrouwen, gaan vaak samen, en staan niet in tegenstelling tot elkaar. Geloven en weten in de betekenis van een wetenschappelijk bewezen waarheid of onwaarheid staan echter vaker tegenover elkaar. Als een feit bewezen is, bijvoorbeeld "de wereld is rond", dan is het moeilijk in het tegendeel ervan te geloven.
Wanneer men denkt dat men iets weet is er vaak ook een element van overtuiging of geloven aanwezig, dat men echter soms niet graag wilt erkennen. Men is soms geneigd de eigen meningen zo objectief mogelijk te willen zien, waarbij het aanwezig zijn van geloof of vertrouwen in de eigen mening het objectieve karakter ervan vermindert, en daarom onwenselijk is. Het spreekt voor zich dat iemand ergens in kan geloven zonder dat er voor dit geloof (wetenschappelijk) bewijs bestaat, net als dat men kan denken iets te weten, maar het desondanks toch fout heeft.
Meeweten
In juridische zaken is er een "recht om te weten". Hiermee bedoelt men vaak dat een persoon recht heeft geïnformeerd te worden over een bepaalde toestand waarin hij of zij is betrokken. Dit recht heeft vaak betrekking op het recht op inzicht in de gegevens, die hierover door andere betrokkenen zijn vastgelegd.
In de organisatie is het "recht om mee te weten" onderdeel van de medezeggenschap. Dit worden wel eens verdeeld in het meeweten, meedenken en meepraten en meebeslissen.
Meten is weten
In de wetenschap en techniek wordt wel eens gesteld, dat "meten is weten". Hiermee bedoelt men dat je door het verrichten van kwantitatieve metingen een helder en duidelijk beeld krijgt van de bepaalde toestand.
De wijze zal heersen over de sterren
Schijnweten
Er kan sprake zijn van schijnweten, als de kennis in ons bewustzijn verandert door manipulatie van binnenuit of van buitenaf. Een voorbeeld hiervan is dat mensen die in de omgeving van een druk kruispunt woonden, ervan overtuigd waren dat ze een bepaald ongeluk hadden gezien, terwijl dat niet het geval was. Zij hadden zich uit de verhalen over het ongeval een levendig beeld gevormd.
Wetenschap
Wetenschap is samengesteld uit het werkwoord weten en het toevoegsel schap. Het woord schap is een oud woord voor muurplank of muurkast. Letterlijk is wetenschap zo de berging van bewuste, zekere kennis. Het achtervoegsel schap duidt verder veelal op geordende verzameling. En zo is wetenschap te zien als geordend geheel van geheel van bewuste zekere, kennis.[1]
Wijsheid
Wijsheid of "levenswijsheid" is de kunst om in alle levensomstandigheden juist te oordelen en te handelen. De betekenis is dus praktisch of moreel. In de beschrijving van (levens)wijze mensen - zie artikel Zeven Wijzen - komt een zekere stereotypie naar voren. Het zijn meestal mensen die volledig geleefd hebben: zij hebben fouten gemaakt, maar hebben daarvan geleerd.

Zie ook[bewerken]

Referenties[bewerken]

  1. a b J. Stellingwerff (1971), Inleiding tot de universiteit, Amsterdam: Buyten en schipperheijen, p.16.
  2. Harry Willemsen (1992), lemma "ervaring" in: Woordenboek filosofie, p.130.