White Star Line
De White Star Line of Oceanic Steam Navigation Company was een rederij in Engeland, vooral bekend vanwege het schip Titanic dat onder de vlag van de rederij zonk op haar eerste reis.
Inhoud |
[bewerken] Oorsprong
De White Star Line werd in 1845 in Liverpool als White Star Line of Boston Packets opgericht door John Pilkington en Henry Wilson. De vloot van de rederij bestond uit zeilschepen en vanaf 1863 ook uit stoomschepen. In 1867 ging de rederij failliet en werd voor 1.000 pond sterling opgekocht door Thomas Ismay, directeur van de Britse National Line. Hij nam naam, logo en imago van de failliete originele White Star Line over met als doel met grote passagiersschepen de Atlantische oversteek te gaan maken. Door een overeenkomst te sluiten met de scheepswerf Harland and Wolff kon hij een nieuwe vloot stoomschepen bouwen. De schepen van de White Star Line kregen namen die allemaal op -ic eindigden, zoals Oceanic, Baltic en Atlantic. In 1899 liet Ismay de Oceanic II bouwen, volgens velen één van de mooiste stoomschepen uit de negentiende eeuw. Met dit schip besloot de White Star Line zich voortaan niet te richten op de snelst mogelijke overtocht maar op zoveel mogelijk comfort voor de passagiers. Hiermee werd tevens het verbruik van kolen binnen de perken gehouden.
[bewerken] Titanic en zusterschepen
Belangrijke rivaal van de White Star Line was de Cunard Line. Om te concurreren met de populaire vlaggenschepen van Cunard, de Lusitania en Mauretania bestelde Ismay in 1907 een drietal nieuwe schepen bij de scheepswerf van Harland and Wolff. De schepen moesten (in volgorde van bouwen) Olympic, Titanic en Gigantic gaan heten en door hun buitengewoon luxueuze inrichting passagiers bij Cunard weglokken. Na de ramp met de Titanic werd de Olympic aangepast en de Gigantic opnieuw ontworpen, gebouwd en Britannic gedoopt. Hoewel de Titanic en de Britannic ongelukkig en vroegtijdig aan hun eind kwamen, bleef Olympic 25 jaar lang succesvol in de vaart.
[bewerken] Fusie
In 1933 waren zowel de White Star Line als de Cunard Line in grote financiële problemen door de Grote Depressie, teruglopende passagiersaantallen en de hoge gemiddelde leeftijd van de vloot. In 1933 stemde de Britse regering toe hulp aan beide bedrijven te bieden, onder voorwaarde dat zij gefuseerd verder zouden gaan. De overeenkomst werd op 30 december 1933 getekend. Samen gingen de bedrijven verder onder de naam Cunard White Star Line. Toen eind jaren 50 Cunard alle aandelen in de rederij in handen kreeg, werd de naam echter weer veranderd in Cunard Line.
[bewerken] Vloot
[bewerken] White Star of Boston Packets, 1845-1869
[bewerken]
- RMS Oceanic I, 1871
- RMS Atlantic, 1871
- Baltic I, 1871
- Tropic I, 1872
- Republic I, 1872
- Adriatic I, 1872
- Celtic I, 1872
- Traffic I, 1872
- Belgic I, 1872
- Asiatic, 1873
- Gaelic I, 1873
- Britannic I, 1874
- Germanic I, 1875
- Arabic I, 1881
- Coptic, 1881
- Ionic I, 1883
- Doric I, 1883
- Belgic II, 1885
- Gaelic II, 1885
- Cufic I, 1885
- Runic I, 1889
- Teutonic, 1889
- Majestic I, 1890
- Nomadic I, 1891
- Tauric, 1891
- Magnetic, 1891
- Naronic, 1892
- Bovic, 1892
- Gigantic I, (Nooit afgebouwd) 1892
- Gothic, 1893
- Cevic, 1894
- Pontic, 1894
- Georgic I, 1895
- Delphic I, 1897
- Cymric, 1898
- Afric, 1899
- Medic, 1899
- RMS Oceanic II, 1899
- Gigantic II, (Olympic II) (Nooit afgebouwd) 1899
- Runic II, 1900
- Suevic, 1901
- RMS Celtic II, 1901
- Athenic, 1902
- Corinthic, 1902
- Ionic II, 1902
- Nordic, 1902
- RMS Cedric, 1903
- Victorian, (gekregen van de International Mercantile Marine Company) 1903
- Armenian, (gekregen van de International Mercantile Marine Company) 1903
- Arabic II, 1903
- Romanic, (gekregen van de International Mercantile Marine Company) 1903
- Cretic, 1903
- Republic II, (gekregen van de International Mercantile Marine Company) 1903
- Canopic (gekregen van de International Mercantile Marine Company) 1903
- Cufic II, 1904
- RMS Baltic II, 1904
- Tropic II, 1904
- Gallic, 1907
- RMS Adriatic II, 1907
- Laurentic I, 1909
- Megantic, 1909
- Zeeland (Gekregen van de International Mercantile Marine Company) 1910
- Nomadic II, 1911
- Traffic II, 1911
- RMS Olympic II, 1911
- Belgic III, 1911
- Zealandic, 1911
- RMS Titanic, 1912
- Ceramic, 1912
- Ceric, (nooit afgebouwd) 1913
- Germanic II, (nooit afgebouwd) 1913
- Britannic II, (Gigantic III) 1913
- Vaderland, (Southland) (Gekregen van de International Mercantile Marine Company) 1914
- Lapland (Gekregen van de International Mercantile Marine Company) 1914
- Belgenland, (Belgic IV) 1917
- Vedic, 1918
- Bardic, 1919
- Gallic, 1920
- Mobile, (Gekregen van de International Mercantile Marine Company) 1920
- Arabic III, 1920
- RMS Homeric, (Oorlogsprijs) 1920
- Haverford (Gekregen van de International Mercantile Marine Company) 1921
- Poland (Gekregen van de International Mercantile Marine Company) 1922
- RMS Majestic II (Oorlogsprijs)
- Pittsburgh, (Gekregen van de International Mercantile Marine Company) 1922
- Doric II, 1923
- Oceanic III, (Nooit afgebouwd)
- Delphic II, 1925
- Regina, (Gekregen van de International Mercantile Marine Company)
- Albertic, 1927
- Calgaric, 1927
- Laurentic II, 1927
- RMS Britannic III, 1930
- RMS Georgic II, 1932
| Zie de categorie White Star Line van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |