Wijnbouw in België

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De wijnbouw in België kent een geschiedenis van zo'n 2000 jaar.

Oudheid[bewerken]

Vermoedelijk kwam met de Romeinen ook de wijnbouw richting de Lage Landen. Over de wijnbouw in deze periode is zeer weinig bekend.

Middeleeuwen[bewerken]

Vanaf de 13e eeuw is er meer bekend. Tijdens het Middeleeuws klimaatoptimum floreert de wijnbouw. Er wordt dan volop wijn verbouwd in België. Onder meer kloosters bezitten wijngaarden, maar ook veel kasteelheren hebben hun eigen wijn.

Kleine ijstijd[bewerken]

In de 17e eeuw was er sprake van een afkoeling van het klimaat. Gedurende deze periode, die vaak als kleine ijstijd wordt aangeduid, verdween een groot deel van, maar zeker niet de hele wijnbouw.

18e en 19e eeuw[bewerken]

In de 18e eeuw, toen het weer wat warmer was, kende de wijnbouw een opleving, om in het begin van de 19e eeuw volledig te verdwijnen. De teloorgang van Belgische wijnen is volgens sommigen te wijten aan Napoleon Bonaparte die bevel gaf om alle wijnstokken te vernietigen. De werkelijke oorzaak was echter de uitbarsting van de vulkaan Tambora in 1815.

20e eeuw[bewerken]

Pas sinds de jaren zestig van de 20e eeuw wordt er opnieuw wijn verbouwd in België. De belangrijkste productiegebieden zijn het Hageland, Haspengouw en Sambre-et-Meuse. Geteelde druiven in België zijn onder andere Müller-Thurgau, Kerner, Pinot gris, Chardonnay, Pinot noir, Pinot blanc, Riesling en Auxerrois blanc. Er is een tiental (semi-)professionele wijnbouwers in België.

In België kent men de wijnclassificatie V.Q.P.R.D. "Vin de Qualité Produit dans une Région Déterminée". Deze verdeelt de Belgische wijnbouwgebieden in kwaliteitsgebieden volgens de Europese regels in gebieden met een Beschermde Geografische Aanduiding (BGA) en een Gecontroleerde OorspongsBenaming (GOB). Dit heeft eenzelfde doel als het Franse appellation d'origine contrôlée (AOC).

Zie ook[bewerken]