Wilde vaart

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

In de zeescheepvaart is de wilde vaart, trampvaart of tramping het varen waar er maar lading is. Dit in tegenstelling tot de lijnvaart, waarbij volgens een dienstregeling langs een vaste route wordt gevaren. In de wilde vaart worden stuurlieden en machinisten afgelost als hun 'dienst' erop zit. Zo'n dienst duurde tot de jaren zeventig soms wel een jaar. Daarna werden ze veel korter tot hooguit zes weken à twee maanden, zoals tegenwoordig. Ligt een schip dan bijvoorbeeld in een haven in een ander land of werelddeel, dan gaat de zeeman wiens 'dienst' erop zit met het vliegtuig naar huis, terwijl zijn of haar opvolger juist met het vliegtuig naar het schip vertrekt.

In de binnenvaart was de wilde vaart het ongeregeld binnenlands beroepsvervoer van droge lading, dus niet voor tankvaart, eigen vervoer, beurtvaart, afhaal- en besteldiensten en bijzonder vervoer zoals dat van zand en grind. Het was geregeld in de tijdelijk Wet op de Evenredige Vrachtverdeling. De Evenredige Vrachtverdeling is afgeschaft.

Bij scouting is de term "wilde vaart" gebruikt als aanduiding voor de speltak voor de leeftijden van circa 15 tot en met 18 jaar bij de waterscouts. Tegenwoordig heet deze leeftijdscategorie officieel explorers, veel groepen gebruiken echter nog de oude benaming.

Zie ook[bewerken]