Wilgenhoutvlinder
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
| Wilgenhoutvlinder | |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Taxonomische indeling | |||||||||||||
|
|||||||||||||
| Soort | |||||||||||||
| Cossus cossus Linnaeus, 1758 |
|||||||||||||
|
|||||||||||||
De wilgenhoutvlinder (Cossus cossus) is een nachtvlinder uit de familie Cossidae, de houtboorders.
De vlinder is algemeen in heel Nederland en België. De wilgenhoutvlinder geeft de voorkeur aan een vochtige omgeving met oude bomen zoals de wilg, populier of iep. De rupsen zien er uit als rode worstjes van zeker 9 centimeter lang en nauwelijks behaard. Ze kunnen twee tot viermaal overwinteren in boomschors of spinthout voordat ze zich verpoppen. De vliegtijd is van april tot en met augustus.
Een gedetailleerde anatomie van de wilgenhoutrups verscheen in 1750 van de hand van de Nederlandse bioloog Pieter Lyonet: Traité anatomique de la chenille qui ronge le bois de saule (Anatomische verhandeling over de rups die zich in wilgenhout ophoudt).