Willehad

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De heilige Willehad
Willehad.svg
Geboren omstreeks 740 te Northumbrië
Gestorven 8 november 789 te Nordenham aan de Wezer
Verering Rooms-katholieke Kerk
Schrijn Verloren gegaan tijdens de Reformatie.
Oorspronkelijk de kathedraal van Bremen.
Naamdag 8 november of 27 november
Lijst van christelijke heiligen
Portaal  Portaalicoon   Christendom

Willehad of Willehadus (Northumbrië, omstreeks 740 - Nordenham aan de Wezer, 8 november 789) was een Britse missionaris die sinds ongeveer 770 als missionaris onder de Friezen en de Saksen werkte en de eerste bisschop van Bremen werd en is heiligverklaard. Zijn naam betekent de wilskrachtige strijder.

Biografie[bewerken]

Willehad werd opgeleid aan het hof van Ecgberht, de aartsbisschop van York. Hij werd eerst monnik bij de benedictijnen en daarna priester. Willehad was bevriend met de heilige Alcuinus. Vanaf ongeveer 772 werkte Willehad vanuit Dokkum in het noorden van Friesland. Hij was actief in het Humsterland en Drenthe, mogelijk was hij ook de eerste prediker in de stad Groningen. Vanaf 780 missioneerde hij in opdracht van Karel de Grote in de Saksische gouw Wigmodië aan de benedenloop van de Wezer. In 782 moest hij na het uitbreken van een opstand onder de Saksen vluchten. Vervolgens ging hij op bedevaart naar Rome. Aansluitend bracht hij twee jaren door in de abdij van Echternach, waar hij een nieuw team van missionarissen samenstelde.

Nadat Karel de Grote de Saksische opstand had neergeslagen en de Saksische leider Widukind in het jaar 785 was gedoopt, kreeg Willehad de mogelijkheid om zijn missiewerk te hervatten. Hij breidde zijn missiegebied uit van de benedenloop van de Wezer tot aan de benedenloop van de Elbe. In dit gebied zette hij een kerkelijke organisatie op. Op 13 juli 787 ontving Willehad in Worms de bisschopswijding. Zijn diocees werd het Saksische en Friese gebied aan de benedenloop van de Wezer. Als zijn bisschopszetel koos hij de stad Bremen. Deze stad werd voor het eerst genoemd in 782.

Hij bouwde daar een houten kathedraal, die door Ansgarius werd geprezen om haar schoonheid. Ansgarius stelde een vita (leven) van Willehad samen, in het voorwoord daarvan schreef hij dat de kathedraal voor die tijd als een meesterwerk werd beschouwd.[1] Deze Sint-Petruskathedraal werd op Op Allerheiligen, 1 november 789 ingewijd.[2]

Een week later overleed Willehad in Blexen aan de Wezer, vandaag de dag een deel van Nordenham. Hij werd begraven in de Dom van Bremen. In 860 reisde een ziek meisje uit Wege (Weyhe) naar zijn graf. Zij werd klaarblijkelijk genezen door een wonder. Dit was de eerste keer dat dit kleine dorp in een historisch document werd vermeld. Willehads feestdag als heilige wordt gevierd op 8 november (zijn sterfdag). Hij wordt afgebeeld als een bisschop die een afgodsbeeld omverwerpt.

Relikwieën[bewerken]

In 860 worden de relikwieën van Willehad overgebracht naar de kathedraal in Bremen. Tijdens de Reformatie gingen deze bij een brand verloren.

Kerken[bewerken]

De volgende kerken zijn gewijd aan Sint-Willehad:

Afbeeldingen[bewerken]

Voetnoten[bewerken]

  1. Campbell, Thomas, "St. Anschar." The Catholic Encyclopedia. Vol. 1. New York: Robert Appleton Company, 1907.
  2. Lins, Joseph, "Bremen", The Catholic Encyclopedia. deel 2. New York: Robert Appleton Company, 1907.