Willem I van Holland

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Willem I
11??- 4 februari 1222
Guillaume Ier de Hollande.png
Graaf van Holland
Periode 1203-1222
Voorganger Ada van Holland
Opvolger Floris IV
Vader Floris III
Moeder Ada van Schotland
Dynastie Hollandse Huis

Willem I (ca. 1175 - 4 februari 1222) was graaf van Holland.

Jeugd[bewerken]

Willem I was de tweede zoon van graaf Floris III en Ada van Schotland en hij bracht zijn jeugd door bij de familie van zijn moeder in Schotland. In 1189 begeleidde Willem zijn vader bij de Derde Kruistocht. Zijn vader overleed in 1190 tijdens de kruistocht en zelf werd Willem tijdens zijn terugtocht in Frankrijk gevangengenomen. Hij keerde in 1191 in Holland terug en raakte in onmin met zijn oudere broer Dirk VII die zijn vader Floris III als graaf van Holland was opgevolgd. Willem zocht daarom steun bij de opstandige Friezen. Omdat Dirk op dat moment niet weg kon uit Zeeland stuurde hij zijn vrouw Aleid met een leger naar West-Friesland. In november 1195 kwam het tot een treffen tussen Aleid en haar zwager Willem. Aleid wist het treffen naar haar hand te zetten door de leiders van Niedorp en Winkel om te kopen. Uiteindelijk werd de ruzie tussen beide broers bijgelegd, en kreeg Willem het bestuur over het graafschap Midden-Friesland.

Graaf van Friesland[bewerken]

Hendrik de Kraan, heer van Kuinre, hield plundertochten in Midden-Friesland. Willem nam wraak en vernietigde de Kuinderburcht. Hendrik was leenman van Dirk van Holland, bisschop van Utrecht en oom van Willem en Dirk VII. Dirk VII koos in dit conflict de kant van zijn oom en liet Willem door Hendrik van Kuinre gevangennemen.

Willem ontsnapte echter en vluchtte naar Otto I van Gelre, een tegenstander van Dirk VII. In 1197 trouwde Willem te Stavoren met Aleid van Gelre, de dochter van zijn gastheer.

Strijd om Holland[bewerken]

Dirk VII overleed in 1203. Zijn dochter Ada was zijn enige erfgenaam. Zijn weduwe Aleid liet haar onmiddellijk trouwen met Lodewijk II van Loon. Willem maakte ook aanspraken op de opvolging in Holland en zo ontstond de Loonse oorlog. In het begin had Willem de overhand en wist hij Ada gevangen te nemen en Lodewijk en Aleid te verjagen uit Holland. Hij zond Ada naar koning Jan zonder Land van Engeland, ter bewaring.

Lodewijk vormde in 1204 een sterk bondgenootschap met de bisschoppen van Utrecht en Luik, en de graven van Vlaanderen, Namen, Ahr en Berg. Met deze steun kon Lodewijk bijna het gehele graafschap Holland terug veroveren. Maar het lukte Lodewijk niet om zijn bondgenoten te behouden en in 1205 en 1206 kon Willem stukje bij beetje zijn verloren gebieden weer terugwinnen. In 1206 werd een vrede gesloten waarbij Holland werd verdeeld: Willem kreeg Zeeland en het zuidelijke deel van Holland (met name de Groote of Hollandsche Waard), en Lodewijk kreeg het noordelijk deel Holland - de rivier de Maas vormde vermoedelijk de grens. In de praktijk kreeg Willem het snel voor het zeggen in het hele graafschap Holland en heeft Lodewijk geen poging meer ondernomen om hier iets aan te veranderen. In 1213 erkende keizer Otto IV van Brunswijk Willem als graaf van geheel Holland.

Graaf van Holland[bewerken]

Het bestuur van Willem is van groot belang geweest voor de ontwikkeling van Holland. Onder zijn bewind begon de systematische aanleg van dijken (o.a. rond de Grote Waard) en werd het Spaarne afgedamd. Dit ging gepaard met een mate van organisatie die als voorloper van de Waterschappen kan worden beschouwd. Ook gaf Willem stadsrechten aan Geertruidenberg (1213), Middelburg (1217), Dordrecht (1220) en mogelijk aan Leiden.

In 1214 vocht Willem met Otto IV mee in de slag bij Bouvines. Na deze mislukte onderneming gaf hij zijn steun aan Frederik II van Hohenstaufen. In 1216 nam Willem deel aan de expeditie van Lodewijk VIII van Frankrijk naar Engeland. In reactie daarop erkende de Engelse koning Jan Lodewijk van Loon weer als graaf van Holland, en het lukte Jan zelfs om Willem te laten excommuniceren.

Vijfde Kruistocht[bewerken]

Om zijn excommunicatie ongedaan te maken nam Willem deel aan de vijfde Kruistocht. Met zijn leger van Friezen, Hollanders en Vlamingen zeilde Willem langs de Europese kust op weg naar het heilige land. Door een storm moesten zijn schepen beschutting zoeken in Portugal. De Portugese koning Alfons II wist de kruisridders over te halen hem te helpen in de strijd tegen de Moorse overheersing in zijn land. Willem I gaf gehoor aan het verzoek en voer op 30 juli 1217 met zijn vloot naar Lissabon. De stad was tachtig jaar eerder tijdens de tweede kruistocht bevrijd, maar de Moren waren nooit helemaal verdreven uit Portugal. Willem hielp de koning bij de verovering van Setúbal (stad) en Alcácer do Sal. Na een zware belegering en met de belofte van Willem I op een vrije aftocht gaven de Moren van Alcácer zich op 21 oktober 1217 over. Eenmaal buiten de vesting stortte het leger van Willem zich op de ongewapende Moren en slachtte ze af. Als dank bood de Portugese koning de kruisridders land aan; vele ridders aanvaardden dit. Willem verloor hierdoor een groot deel van zijn leger en vroeg daarom aan Paus Honorius III om hem te ontheffen van zijn verplichting en hem toe te staan in plaats daarvan de strijd in Portugal voort te zetten, maar de paus weigerde om op dit verzoek in te gaan. Een deel van de vloot ging daarna op weg naar Akko. Willem zelf overwinterde met de rest van de vloot in Portugal en zou later volgen. Speculerend: heeft de beslissing van de paus om Willem verder te laten gaan op zijn kruistocht verband met de dood van Lodewijk van Loon door vergiftiging in 1218?

In de lente van 1218 kwam Willem met de Friezen, Hollanders en Engelsen aan in Akko, waar de andere kruisridders zich reeds hadden verzameld. Besloten werd om de Noord-Egyptische stad Damiate te veroveren, zodat daarna de rest van het door de Ayyubiden geregeerde rijk kon worden ingenomen. Op 27 mei 1218 kwamen de kruisridders aan bij Damiate, en op 5 november 1219 viel de stad in handen van de kruisvaarders. De Egyptische Sultan al-Kamil stelde daarop voor om Damiate te ruilen voor Jeruzalem. De meeste kruisridders waren ingenomen met dit voorstel, maar de pauselijke afgezant Pelagius weigerde. Niet door onderhandelingen, maar door strijd moest Jeruzalem worden ingenomen. Toen Willem dit hoorde ontstak hij in woede en keerde met zijn leger terug naar huis.

Terug in Holland bleek dat Aleid was overleden. Willem hertrouwde met de weduwe van keizer Otto IV maar overleed korte tijd later. Hij is begraven in de abdij van Rijnsburg.

Huwelijken en kinderen[bewerken]

Willem I huwde in 1197 te Stavoren met Aleid van Gelre, dochter van Otto I van Gelre. Uit dit huwelijk werden vijf kinderen geboren:

  • Floris IV, opvolger van zijn vader
  • Otto, bisschop van Utrecht
  • Willem, 1238 overleden tijdens een toernooi.
  • Ada, abdis van Rijnsburg
  • Ricardis (ovl. 3 januari 1262)

Willem huwde voor een tweede maal met Maria van Brabant. Dit tweede huwelijk is kinderloos gebleven.

Bronnen, noten en/of referenties