Witlof

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Witlof
Witlof met penwortel
Witlof met penwortel
Taxonomische indeling
Rijk: Plantae, planten
Onderrijk: Embryophyta, landplanten
Klasse: Spermatopsida, zaadplanten
Clade: bedektzadigen
Clade: 'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade: Campanuliden
Orde: Asterales
Familie: Asteraceae, Composietenfamilie
Onderfamilie: Cichorioideae
Geslachtengroep: Cichorieae
Geslacht: Cichorium, cichorei
variëteit
Cichorium intybus var. foliosum
(Hegi) J.Holub (1993)
Witlof wortelteelt
Witlof wortelteelt
Trek op stromend water
Trek op stromend water
Opzetten wortels voor de trek van witlof in de grond
Opzetten wortels voor de trek van witlof in de grond
Bladvuur
Bladvuur
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Witlof, witloof, grondwitloof of Brussels lof,[1] (Cichorium intybus var. foliosum) is een bladgewas, een bladgroente, dat/die in het donker wordt geteeld. In het licht wordt de krop door chlorofylvorming namelijk groen. De afgesneden (afgebroken) krop kan rauw of gekookt worden gegeten.

Witlof behoort tot de cichoreiachtigen, waar onder andere ook roodlof en andijvie, Cichorium endivia var. latifolium, toe behoren.

Witlof

Bereiding[bewerken]

Vroeger had witlof een enigszins bittere smaak. Sommige mensen, vooral kinderen, hielden daar niet van. Tegenwoordig zijn er witlofrassen, die niet of bijna niet bitter zijn. Rauwe witlof heeft geen uitgesproken bittere smaak. Witlof wordt vaak gekookt gegeten. Door witlof te koken met behalve water wat melk wordt de bittere smaak verzacht. De groente kan ook rauw in een salade met stukjes appel, ander fruit of met rauwkostgroentes worden gegeten. Rauw gegeten is de smaak fris en lichtjes bitter. Het is daardoor een populair ingrediënt in zomerse gemengde salades.

Witlof wordt in de oven bereid met bijvoorbeeld ham en kaas. Ook kan het in soep worden verwerkt. Andere bereidingsmethoden zijn roerbakken of stoven en opdienen met een hollandaisesaus als "witlof à la crème".

Teelt[bewerken]

Witlof is tweejarig. In het eerste jaar worden de wortelen geteeld door in mei te zaaien, waarna in de herfst de wortelen worden geoogst. Vroeger was witlof een wintergroente en gebeurde de trek met dekgrond, waarbij bovenop de wortels een tot 20 cm dikke laag grond werd gebracht. Bij een dunnere laag grond moet de trekruimte lichtdicht zijn, omdat anders de witlof aan de bovenkant groen wordt. Er werd toen onderscheid gemaakt in een koude en een warme trek. Bij de warme trek werd de bodem onder de wortels verwarmd door onder de wortels kippengaas te leggen en hierdoor elektriciteit te laten lopen. Ook werd wel gebruikgemaakt van verwarmingsbuizen met warm water.

Tegenwoordig wordt witlof bijna het geheel jaar door getrokken. De wortelen geoogst in september worden direct opgezet. De wortelen geoogst in oktober of november worden gekoeld bewaard. Voor de zeer late trek worden de wortelen in ijs bewaard. Vervolgens worden de wortelen in een donkere ruimte geplaatst. Eerst gebeurde dat nog boven op de grond met dekkleden eroverheen. Tegenwoordig vindt de trek op stromend water plaats. In 3 tot 4 weken groeit de witlofkrop uit.

Door de schaalvergroting van de teelt ontstaat specialisatie. De teelt van de wortels verschuift meer en meer naar akkerbouwbedrijven, die een contract hebben met een witloftrekker. De witloftrekkers zorgen voor het bewaren van de witlofwortels in koelcellen en hebben zeer grote trekcellen. De wortels worden soms over verre afstanden vervoerd, bijvoorbeeld van Noord-Frankrijk naar Friesland.

Ziekten[bewerken]

Tijdens de wortelteelt kunnen de planten aangetast worden door sclerotiënrot Sclerotinia sclerotiorum, zwart penrot Phoma exigua, phytophthora Phythophthora erythroseptica en Phythophthora cryptogea, en op stikstofrijke gronden door bladvuur Pseudomonas marginalis.

Geschiedenis[bewerken]

De volkse overlevering wil dat witlof toevallig werd ontdekt omstreeks 1830 tijdens de Belgische Revolutie met Nederland vlakbij Brussel toen de boer Jan Lammers in Schaarbeek de cichoreiwortels in zijn kelder onder een laagje zand verstopte. Na enkele weken, door de milde winter, stelde hij vast dat de bittere wortels waren uitgelopen en dat de blaadjes zoet en mals smaakten. Hij kwam op het idee de witte blaadjes te verkopen als rauwe wintergroente, als wit loof, omdat er weinig andere groenten ter beschikking zouden zijn geweest. Nederland was afgesloten en er was weinig vervoer.[2] Deskundigen doen dit verhaal af als een mythe.

Vast staat dat Frans Breziers[3], cultuuroverste van de Plantentuin in Brussel, in 1850-1851 witte kropvorming op de wortelen ontwikkelde. Hij ondervond dat duisternis, warmte en vochtigheid onontbeerlijk waren voor witlof. De witte bladeren ontstaan doordat het licht de plant niet kan bereiken. Zonder daglicht produceert de plant geen chlorofyl, de groene kleurstof. Het 'wit loof' werd voor het eerst in 1867 op de Brusselse markt verkocht en in de Parijse Hallen in 1883. De kroppen werden mettertijd groter en vaster door verbetering van de teelttechniek en door veredeling.

Mede door het succes van de groente gingen steeds meer landbouwers rond Brussel en Leuven over tot witlofteelt. In de eerste helft van vorige eeuw zorgde dat 'witte goud' zelfs voor een grote agrarische rijkdom. Tijdens de Eerste Wereldoorlog vluchtten Brabantse boeren naar Noord-Frankrijk. Zij hebben de teelt daar ingevoerd. In Nederland wordt witlof wordt maar sinds vrij recent op grote schaal geteeld, vooral sinds 1970, met de doorbraak van de witloftrek op stromend water. Deze teelt op water levert volgens veel Belgen niet de authentieke smaak op die grondwitloof tot de "echte" zou maken. Op dit ogenblik is Noord-Frankrijk veruit de grootste producent, gevolgd door België en Nederland. De teelt komt in andere landen weinig voor. De groente wordt naar vrijwel alle werelddelen geëxporteerd.

Consumptie[bewerken]

In België wordt jaarlijks gemiddeld 7 kg per persoon gegeten. Witlof is de op één na meest gegeten groente. In Nederland eet men gemiddeld 3,2 kilogram per jaar en komt witlof op de derde plaats. Ook in Frankrijk blijkt witlof een van de favorieten. Daar verorbert men per jaar gemiddeld 3,5 kg per persoon en komt de groente op de vierde plaats.

Naam[bewerken]

De Witloofstraat in Haren, bij Brussel.

In België is "witloof" het gebruikelijkst, in Nederland "witlof".[1] De Fransen noemen het meestal endives, of ook chicorées witloof, om de groente te onderscheiden van andijvie, die in het Frans ook endive heet. Franstalige Belgen spreken van chicon, een woord dat in Frankrijk onbekend is, behalve in het uiterste noordoosten van het land. De Nederlanders spreken bij de teelt van "witlof trekken", sommige Vlamingen zeggen naar Frans voorbeeld "witloof forceren".

Witloof wordt in sommige boeken ook Barbe de capucin genoemd.

Voedingswaarde[bewerken]

De voedingswaarde van 100 gram verse witlof is:

Energetische waarde 71 kJ
Koolhydraten 3 gram
Eiwit 1 gram
Vet 0,1 gram
Vitamine C 5 mg
Vitamine B1 0,04 mg
Vitamine B2 0,03 mg
Calcium 20 mg
IJzer 0,5 mg

Zie ook[bewerken]

witlofzaden
bloeiende witlof
Bronnen, noten en/of referenties
Wikibooks Wikibooks Kookboek bevat een recept voor Witlof.